nieuws

Opknappen voorkomt verloedering en misdaad

bouwbreed Premium

Opknappen voorkomt verloedering en misdaad

Duizenden woningen in oude wijken van grote steden als Rotterdam en Amsterdam moeten worden opgeknapt. Anders dreigt niet alleen fysieke verpaupering van immense stadsdelen maar ook zullen criminaliteit en armoede er toeslaan. Han Entzinger en Paul Scheffer, beiden hoogleraar, ventileren dat inzicht in het rapport ‘De staat van integratie’. (Cobouw 13 maart).

De situatie in achtstandsbuurten lijdt onder het wegtrekken van oorspronkelijke bewoners en de komst van tijdelijke arbeidsmigranten, zo staat in het rapport. Omdat zij na verloop van tijd weer naar hun vaderland terugkeren, bouwen ze nauwelijks een band op met de wijk waarin ze wonen. En dat komt het gebied niet ten goede. Het straatbeeld verpietert, armoede en criminaliteit gaan uiteindelijk hand in hand. Wie in zo’n buurt niets te zoeken heeft, gaat liever een straatje om. Zo ontstaan wat Entzinger noemt ‘no-go areas’. “Als men deze wijken niet aan hun lot wil overlaten, is er alle reden om fors te investeren in de kwaliteit van woningen en woonomgeving”, schrijft de hoogleraar.

Wie de vaderlandse geschiedenis een beetje kent, klinkt die waarschuwing bekend in de oren. Toen in de negentiende eeuw Nederlandse steden ongekend groeiden door migratie vanaf het platteland ontstond een vergelijkbare situatie. In onder meer Amsterdam, Rotterdam en Den Haag heerste massale woningnood.

De povere nieuwkomers hadden zoveel moeite om op hun nieuwe stek het hoofd boven water te houden dat ze precies zoals de huidige groep migranten weinig betrokken waren bij hun woonomgeving. Met alle gevolgen van dien.

Wetsontwerp

Al in 1854 was de situatie zo nijpend dat het liberale Tweede Kamerlid mr. Willem Wintgens aan de bel trok. Hij diende een wetsontwerp in waarin hij voorstelde om woningen in achterbuurten te verbeteren. Daarin valt onder meer te lezen: “Kunnen er gelden worden besteed om de schoonste wijken onzer steden te verfraaijen, of voor de stedelingen aangename wandelplaatsen aan te leggen en te onderhouden, er moeten ook gelden te vinden zijn om de achterbuurten te verruimen, de schamele stadgenooten als menschen te doen wonen.”

In de decennia die volgden bleef het onderwerp volop leven. Politici, wetenschappers, journalisten en zelfs romanschrijvers hielden zich er mee bezig. En telkens galmde de roep om de woningvoorraad te verbeteren teneinde verder kwaad te bezweren. Zo bezien klinken de woorden van de professoren als oude wijn in nieuwe zakken. Toch is dat een voorbarige conclusie. De gedachtegang mag dan niet nieuw zijn, de situatie waarop hij betrekking heeft, is dat wel. Want al is de toestand in grootstedelijke achterstandswijken niet rooskleurig, de woonellende uit het verleden is voorbij.

Stadsvernieuwing

Het is van groot belang daarbij te bedenken dat het meer dan een eeuw heeft geduurd voordat de kwalijke erfenis uit de negentiende eeuw was weggewerkt. Pas in de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw werden tijdens grootschalige stadsvernieuwingen de restanten ervan opgeruimd. Weliswaar werd de sloopkogel daarbij soms te rigoureus gehanteerd, maar door de bank genomen verbeterde de situatie.

Dat is tot op de dag van vandaag voelbaar. Niettemin zitten we op een keerpunt. Verpaupering van oude stadswijken dreigt opnieuw. Weliswaar is vooralsnog geen sprake van negentiende-eeuwse toestanden, toch is de situatie te ernstig om aan voorbij te gaan.

Het zou dan ook dom zijn het advies uit De staat van integratiete negeren. Van het verleden kunnen we leren hoe schadelijk het is woonwijken te laten verpauperen. Laten we daarbij niet uit het oog verliezen dat de bouwnijverheid door het economische getij zwaar is getroffen. Voor overheden en corporaties is de tijd rijp om met de sector rond de tafel te gaan zitten en gunstige afspraken te maken over het opknappen van achterstandsbuurten. Zeker het midden- en kleinbedrijf zou daarmee zijn voordeel kunnen doen.

Van oude wijn in nieuwe zakken is dan ook geen sprake, wel van een beproefde remedie tegen een nieuwe variant van een oeroude ziekte. Een therapie bovendien die niet alleen de achterstandswijken in de grote steden ten goede komt, maar ook de bouwsector.

Reageer op dit artikel