nieuws

boekbesprekingSnelle afwikkeling bouwprocedures

bouwbreed Premium

Hoe kunnen gemeentelijke en provinciale overheden de Wet ruimtelijke ordening (Wro) gebruiken om projecten sneller van de grond te krijgen? Die kwestie wordt behandeld in het boek ‘Werken met de coördinatieregeling Wro. Versnelling en vereenvoudiging ruimtelijke projectrealisatie’.

De coördinatieregeling van de Wro is een belangrijk hulpmiddel om ruimtelijke projecten snel door uiteenlopende procedures te loodsen, schrijven Rob Rothengatter en Roeland Mathijsen. “De Wet ruimtelijke ordening biedt overheden nu al de mogelijkheid om snel, efficiënt en duidelijk te besluiten over ruimtelijke projecten: de coördinatieregeling.”

Een gegeven dat door steeds meer partijen wordt onderkend. Niettemin bestaat er behoefte aan een handleiding voor deze coördinatiemogelijkheid. En die is nu verschenen bij uitgeverij Berghauer Pont Publishing. Het boek kan worden gezien als een uitgebreide en herziene versie van de Handreiking Gemeentelijke Coördinatieregeling die in 2006 werd uitgebracht door het ministerie van VROM.

Rothengatter en Matthijsen, beiden jurist, gaan gedetailleerd in op uiteenlopende facetten van de Wro. Ze besteden aandacht aan onder meer de versnellingsmogelijkheden voor ruimtelijke projecten, verschillende typen projecten en gaan natuurlijk uitgebreid in op de coördinatieregeling van de Wet ruimtelijke ordening. Dat gebeurt in overzichtelijke lemma’s waarin de verschillende onderwerpen worden toegelicht. Dat gebeurt bijvoorbeeld onder het kopje ‘Wanneer coördinatie op maat?’ Daar geven de auteurs uitlegt over projecten die in aanmerking komen voor de coördinatie van procedures. Die coördinatie bestaat in de praktijk uit maatwerk dat op drie manieren tot stand kan komen. De overheid kan hiertoe zelf het initiatief nemen, er kan om maatwerk worden gevraagd door de initiator van het project, of de betrokken overheid (gemeente, provincie, Rijk) heeft geen algemene regeling of coördinatieverordening.

Een ander voorbeeld van de werkwijze van de auteurs is te vinden onder het kopje ‘Voorbereidingsbesluit’. “Met het voorbereidingsbesluit bevriest de overheid de status quo voor een gebied voor een termijn van één jaar”, leggen ze uit. “Het voorkomt dat het gebied minder geschikt wordt voor de verwezenlijking van een bij inpassingsplan of bestemmingsplan te geven bestemming.”

Rothengatter en Matthijsen schrijven heldere taal, zo blijkt uit het citaat hierboven. Hun uitleg is overzichtelijk en de tekst is duidelijk opgebouwd. En dat is precies wat dit ingewikkelde onderwerp nodig heeft.

Dat aan een grote diversiteit aan onderwerpen aparte lemma’s zijn gewijd, maakt het boek bovendien tot een handig naslagwerk. Voor wie met de coördinatieregeling Wro gaat werken is ‘Werken met de coördinatieregeling Wro’ dan ook zeker aan te bevelen.

Dat neemt niet weg dat de Wet ruimtelijke ordening geen lichte kost is en nauwkeurige lezing vereist. Maar dat is geen verwijt aan de auteurs. Die hebben zich met deskundigheid van hun taak gekweten.

Reageer op dit artikel