nieuws

Achtergrond Oud-student helpt Ballast bij stroomlijnen dbfmo-trajecten

bouwbreed Premium

Achtergrond Oud-student helpt Ballast bij stroomlijnen dbfmo-trajecten

Een goede beheersing van verificatie en validatie van de enorme hoeveelheid projecteisen bij dbfmo-contracten is lastig. Jeroen van Groesen, oud-student Bouwtechnische Bedrijfskunde van Avans Hogeschool in Tilburg, ontwikkelde tijdens zijn afstudeertraject bij Ballast Nedam een nieuwe aanpak voor de burgerlijke en utiliteitsbouw (b&u) om dat proces beter in de vingers te krijgen en daarmee de risico’s in het hele bouwtraject te verkleinen.

Met zijn scriptie won hij onlangs de Afstudeerprijs 2011 van de Brabantse onderwijsinstelling. Aansluitend is Van Groesen bij Ballast Nedam Bouw & Ontwikkeling Speciale Projecten aan de slag gegaan als trainee.

Pionieren wilde Van Groesen graag bij zijn afstuderen. Hij wilde iets achterlaten wat ook echt bruikbaar zou zijn. “Ik wilde zeker weten dat het niet in een kast terecht zou komen.” Dat resulteerde naast een afstudeerscriptie ook in een handboek voor Ballast Nedam, dat voorziet in een gestructureerde aanpak waarbij het hele programma van eisen waaraan een project moet voldoen wordt meegenomen.

Het idee is ontstaan door de problemen waarop Van Groesen stuitte toen hij zich voorafgaand aan zijn afstuderen bezighield met het testen van gebouwen: voldeden ze aan alle outputspecificaties, zoals beschreven in het programma van eisen van de opdrachtgever? In die periode kwam hij erachter dat verificatie en de validatie vaak niet goed geregeld zijn. “Je moet je voorstellen dat je een boekwerk krijgt van 4000 pagina’s met eisen. Als je dat niet gestructureerd en projectmatig hebt geregeld, kom je er waarschijnlijk op een te laat moment achter dat je niet aan alle eisen hebt voldaan.” Dat moet een aannemer zien te voorkomen, omdat bij dbfmo-contracten het document met alle eisen ook bepalend is voor betalingen. Wordt aan een van de eisen niet voldaan, dan houdt de opdrachtgever een deel van zijn betaling in tot de aannemer de gewenste prestatie alsnog heeft geleverd.

Systems engineering

Het verificatiesysteem dat Van Groesen ontwikkeld heeft is gebaseerd op de systems engineering-systematiek die in de grond-, weg- en waterbouw al wel veel wordt toegepast, maar nog niet in de b&u-sector. Het is meer dan alleen een controlemiddel. De aanpak van Van Groesen is vooral ook gericht op verbeteren van de procesbewaking, risicobeheersing en kwaliteitsborging. Daar hebben alle partijen die samenwerken in een bouwproject baat bij. Alle besluitvorming is expliciet vastgelegd en alles is integraal terug te vinden. Van Groesen denkt dat zijn aanpak uiteindelijk minder werk betekent voor de ontwerpende en bouwende partijen, al vergt het wel meer discipline om zaken op het juiste moment ook echt vast te leggen. “Het is deels een verschuiving van de werkzaamheden. Veel gebeurt al, maar wordt nog niet op het juiste moment vastgelegd. Door verificatie en validatie integraal op te nemen in het hele ontwerp- en bouwproces valt een enorme meerwaarde te behalen voor zowel de bouwpartijen als de klant.” Hoewel de opdrachtgever zijn werkwijze niet hoeft aan te passen, profiteert hij er wel van volgens Van Groesen doordat hij in een vroegtijdiger stadium inzicht krijgt of de deelontwerpen voldoen aan de eisen.

Uiteindelijk zou de werkwijze ook goedkoper kunnen uitpakken. “Als je het goed regelt, zou het tijd en geld moeten schelen.” Dat is niet de voornaamste insteek in de ogen van Van Groesen. Het draait vooral om kwaliteitsbeheersing en een beter inzicht in de genomen beslissingen.

Niet alleen bij dbfmo-contracten is de nieuwe aanpak bruikbaar, maar ook bij andere innovatieve contracten, meent Van Groesen. Voor traditionele bouwprocessen is de meerwaarde beperkt.

Ballast Nedam gaat de aanpak die beschreven is in het handboek inzetten bij nieuwe pps-projecten.

Simon Bijpost, verantwoordelijk voor de Integrale Projecten bij Ballast Bouw & Ontwikkeling, ziet veel mogelijkheden. “De methodiek ondersteunt niet alleen het ontwerpteam in zijn besluitvorming, maar verhoogt ook de kwaliteit van de ontwerpdocumenten en uiteindelijk de kwaliteit van het project. Dat past in onze ambitie om blijvende kwaliteit te realiseren over de hele levenscyclus van het project.”

Raamwerk

Van Groesen zal in de praktijk hooguit zijdelings betrokken worden, verwacht hij. Hij is de afgelopen periode in een werkgroep van Ballast Nedam wel bezig geweest met het opzetten van een raamwerk voor software die de nieuwe aanpak kan ondersteunen. Hoe moeilijk is het om nu afstand te nemen van zijn systematiek? Van Groesen: “Ik vind het leuk om te volgen, maar hoef er niet de hoofdrol in te spelen. Het is nu overdraagbaar. Ik wil me nu breed kunnen ontwikkelen binnen mijn traineeship. Wellicht dat het later nog eens op mijn pad komt.”

Reageer op dit artikel