nieuws

Interview Sil Hoeve: ‘Een sterke opdracht gever krijgt de keten in het gareel’

bouwbreed

De huidige economische crisis is hét moment om ketenintegratie vaart te geven, stelt Sil Hoeve, commercieel manager bij detacheerder Brunel. Als machtige opdrachtgevers zijn overheid en grote maatschappelijke organisaties nu meer dan ooit in staat eisen te stellen.

Het is wat hem betreft afgelopen met “het gekibbel in de keten”. Rijk, gemeenten, corporaties, ziekenhuizen: zulke partijen moeten de regie nemen om belangrijke slagen te maken. “Dat zijn al heel veel opdrachtgevers bij elkaar.” In de meeste gevallen gaat het om grote en sterke partijen met veel ervaring. Die eigenschappen hebben ze, weet hij, nodig om overeind te blijven in een wereld die zich traditioneel kenmerkt door een vechtcultuur. “En daarnaast vanwege het experimentele stadium waarin ketenintegratie verkeert.”

Een kleine particuliere opdrachtgever, overweegt hij, heeft minder macht en kan de markt niet aanzetten tot ketenintegratie. “Het grappige is: iedereen wil meer ketenintegratie, maar niemand weet goed hoe het aan te pakken. In de dagelijkse praktijk en tijdens congressen voelen wij dat de wens ook leeft bij marktpartijen. Het lijkt mij het beste te beginnen met kleinschalige projecten, om ervaring op te doen, en geleidelijk te groeien naar grotere projecten.”

Hoeve rekent op kortere bouwtijden, lagere kosten en betere, meer duurzame gebouwen. En ook betere wijken. Bijvoorbeeld in plaats van Vinex-gebieden echte levendige stadswijken waar alles gebeurt.

Het maatschappelijke belang om ketenintegratie tot een succes te maken, vindt hij een sterk argument voor de overheid om hiervoor verantwoordelijkheid te nemen. “Alle partijen in de bouwketen zien dat ketenintegratie van belang is. Maar ze wijzen daarvoor naar anderen en vechten elkaar ondertussen op prijs de tent uit.”

Eén partij moet de regie op zich nemen om de keten in het gareel te krijgen, ziet hij een schone taak in het verschiet. “In tijden van hoogconjunctuur krijg je dat niet voor elkaar. Als er ooit kansen zijn geweest om regisseur te worden, is het de afgelopen twee jaar. Bedrijven zitten om werk verlegen en hebben veel belang bij het krijgen van een opdracht. Omdat ze een economisch belang hebben om samen te werken, gaan ze het wel doen.”

Gemakkelijker

De praktijk moet uitwijzen dat vruchtbare samenwerking veel gemakkelijker is dan de partijen dachten. Tussen verschillende bouwpartijen ziet hij wantrouwen dat in veel gevallen is gestoeld op clichébeelden. “Architecten hangen de kunstenaar uit, aannemers zijn botte boeren.” Dat genre. “Als ze gaan samenwerken, leren ze elkaar beter kennen. En blijkt de ander meestal wel mee te vallen.”

Betere bouw tegen een lagere prijs kan ontstaan door verschillende effecten: ervaring, een efficiënter bouwproces, terugdringing van faalkosten, beter doordachte ontwerpen waarin meer rekening is gehouden met het gebruik, beheer en onderhoud en in het algemeen gebruikmaking door de partners van elkaars kennis en kunde. “Alle partijen moeten met elkaar in gesprek om in één keer tot een product te komen. De architect gaat dan met de aannemer praten, de aannemer met de constructeur, et cetera.

“In de keten profiteer je van elkaars ideeën, waardoor je beter bouwt”, vat de Brunel-man het effect samen. “Met andersdenkenden erbij sta je altijd sterker.” Want zeker, verschillen zijn er maar niet alleen in negatieve zin, merkt hij op over de clichés die de beeldvorming domineren. Maar die ook niet helemaal uit de lucht zijn gegrepen. “Als architect wordt je in Nederland toch min of meer opgeleid als kunstenaar. Maar hoeveel gebouwen zijn nu eigenlijk kunst”, relativeert hij. “Als architect kun je denken: zo wordt dit het mooiste gebouw dat er is. Maar wat zegt het dan als negen van de tien anderen daarover een andere gedachte hebben? Tegelijk hebben architecten zeker ook goede ideeën waar anderen niet op komen.”

Stereotypen zullen niet direct verdwijnen. “Tussen de partners moet vertrouwen komen. Dat vergt een cultuuromslag.” Bedrijven waarvoor deze omslag te hoog is gegrepen, die zulk vertrouwen nog niet aankunnen, mogen van hem niet meedoen. “Dan moeten we het eerst doen met andere partners.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels