nieuws

‘Rijk sloopt cultureel erfgoed’

bouwbreed

Het erfgoed in Nederland wordt verkwanseld door de bezuinigingen van de rijksoverheid op gemeentelijke uitgaven. Dat stelt Frans Wytema (71) uit Zaandijk. “Er is wel geld voor rijksmonumenten, maar de mogelijkheden voor minstens zo interessant onontdekt erfgoed worden afgeknepen.”

Frans Wytemaluidt de noodklok. Hij restaureert gemeentelijke monumenten in het karakteristieke Zaandijk. Door bezuinigingen wordt cultuur-historisch erfgoed bedreigd, terwijl er voor rijksmonumenten wel geld is. “De boekhouder regeert.”

“Een land zonder erfgoed is als een mens zonder wortels”, stelt Frans Wytema. Met lede ogen ziet hij de toekomst tegemoet. De bezuinigingen die door de rijksoverheid aan de gemeenten wordt opgelegd, houdt hem bijna dagelijks bezig. Hij restaureerde in zijn leven gemeentelijke monumenten in het karakteristieke Zaandijk, maar vreest dat zijn ‘missiewerk’ blijft liggen door de keuzes die de overheid maakt.

“Geld voor rijksmonumenten is er wel. De mogelijkheden om restauratie van de minstens zo belangrijke gemeentelijke monumenten mogelijk te maken, verdwijnen. Zelfs een laagrentelening om restauraties van beeldbepalende panden mogelijk te maken, bestaat niet. Daarmee is een bouwval niet meer waard dan de grondwaarde.” Wytema vindt het treurig dat er alleen maar naar cijfertjes wordt gekeken. “Waar visie ontbreekt, regeert de boekhouder.”

De Zaandijker luidt de noodklok. Gemeenten zien volgens hem het belang van behoud van het erfgoed wel in, maar hebben geen financiële mogelijkheden. Wytema richt zijn pijlen daarom op Den Haag. “Zwengel met de vraag naar geld ook de roep om restauratie van gemeentelijke monumenten aan.” De Zaandijker is er van overtuigd dat juist de gemeentelijke monumenten een uitkomst kunnen bieden in een tijd van economische malaise. “Deze aanpak stimuleert de bouw. Op dit moment doet men niets en wacht iedereen op het moment dat de regenbui voorbij is. Het restaureren van dergelijke panden is namelijk erg arbeidsintensief. Aannemers werken veel met toeleveranciers. Met dergelijke restauratieprojecten stimuleer je de lokale economie.”

Ongekend populair

De authenticiteit van Zaandijk trekt bovendien veel toeristen. De ‘Zaans-groene’ kopgevels van de houten arbeiderswoningen in het beschermde dorpsgezicht worden in een bezoek aan Nederland niet overgeslagen. “Vele duizenden toeristen uit de hele wereld lopen hier over de dijk en zijn onder de indruk van houtbouw. Het is dus ook voor andere sectoren dan alleen de bouw van groot belang om ons erfgoed goed te onderhouden.”

Bovendien staat de jeugd te trappelen om dergelijke projecten op te pakken, aldus Wytema. “Leerlingen van de vakschool Hout- en Meubileringscollege in Amsterdam komen regelmatig over de vloer. Ik durf wel te stellen dat restauratiewerk ongekend populair is. Toch vrees ik door deze wijze van bezuinigen dat de kennis langzaam maar zeker verloren gaat.”

Voormalig advocaat Wytema heeft zelf een voorliefde voor de zeventiende- en achttiende-eeuwse Zaanse houtbouw. De voor- en achtergevels volgen in de Zaanse stijl de dakspanten. De gevels zijn vaak voorzien van profielen, profileringen of profiellijsten. De molenaarswoning De Blijdschap is inmiddels het zevende restauratieproject van de Zaandijker. Hij verricht de werkzaamheden onder de noemer van de Elout Wytema Stichting. “Er zijn voldoende mensen die liefde voor het Zaanse erfgoed hebben en het stokje van mij over willen nemen.”

Op 30 december 2008 werd Wytema door Bart Nieuwenhuis, een jonge timmerman gespecialiseerd in de restauratie van monumentale panden, gebeld over een oud pand in Assendelft dat op de nominatie stond om te worden gesloopt. “Het was vermoedelijk een heel oud pand gezien de zwaanshalskorbelen, die typisch zeventiende-eeuws waren. De woning zou de volgende dag worden gesloopt. We konden de vernietiging gelukkig op het allerlaatste nippertje voorkomen.”

Wytema bleek een uitzonderlijk gaaf, vrijwel complete houtskeletbouwconstructie van de sloophamer te hebben gered. De woning werd gedemonteerd en in stukken naar Zaandijk getransporteerd. Overtollige materialen als board en gipsplaten werden afgevoerd. Het huisje is vervolgens op een nieuwe betonnen fundering op palen gebouwd. De kelder, waar de opkamer oorspronkelijk boven zat, werd opgegraven, opgemeten en gedocumenteerd. Historische materialen als metselstenen en plavuizen zijn in het vernieuwde pand hergebruikt. “De moderne stenen zijn naar het stort afgevoerd. Zelf heb ik ook een behoorlijke collectie met zeventiende-eeuwse stenen. Die zijn allemaal ter plaatse schoon gemaakt, gebikt en op soort en maat geselecteerd.”

Het oorspronkelijke buitenschothout van de kopgevel was nog grotendeels aanwezig. In de stijl boven de deurkalf zaten zelfs nog originele spijkergaten voor de bevestiging van het glas-in-lood. “Dat is ongelooflijk. Er is geen pand meer met een volledig oorspronkelijke buitenwand.” Ook in het pand lag een schat aan bouwhistorie. “Een grote hoeveelheid eiken en grenen wagenschot kon worden gered. De meeste materialen zaten niet meer op de oorspronkelijke plek, maar dat herstellen we in de nieuwe situatie.” De oorspronkelijke schouw is opnieuw opgebouwd tot de verdiepingsvloer. Dit gebeurde met originele materialen, aangevuld met zeventiende-eeuwse stenen. “De fundering van de boezemmuren, poeren en stookplaats was erg slecht. De historische materialen zijn gedemonteerd en zijn bij de herplaatsing opnieuw gebruikt. Ook de gietijzeren vloerplaat die in het beton van een putdeksel was verwerkt, is weer op de juiste plek gekomen.”

Schoonheid

Momenteel ligt de restauratie even stil. “In principe hoeven we alleen nog maar het interieur aan te brengen. We willen hier mee wachten totdat er een huurder is gevonden. De bedoeling is wel dat dit zo authentiek mogelijk gebeurt.”

De geschatte kosten van de reddingsactie van De Blijdschap liggen rond de 250.000 euro, De gemeente Zaanstad heeft een subsidie op termijn van 90.000 euro toegekend. Volgens Wytema onvoldoende voor de totale restauratie, maar wel cruciaal. “Iets dat verpietert, is ooit mooi geweest en moet in oorspronkelijke schoonheid worden hersteld. Dat is mijn overtuiging. Onze stichting zou financiële armslag moeten hebben van schenkingen en subsidies. Het geld is nog niet te rond en de te verwachten huur van de panden is vaak te weinig om gemeentelijke monumenten te restaureren. De oplossing ligt in Den Haag. Als het Rijk echter geen andere koers gaat, vrees ik de sloop van een belangrijk stuk cultureel erfgoed in Nederland.” n

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels