nieuws

Interview André de RooConstructeur hoort niet op een eiland

bouwbreed

De opkomst van prefab bij ingewikkelde bouwwerken zorgt voor extra risico’s ten aanzien van de constructieve veiligheid. Ingenieursbureau Arcadis ziet al te gemakkelijk het overzicht verloren gaan.

“Denk aan de flat in Leeuwarden, het stadion van FC Twente, de problemen in Bos en Lommer. Kleine fouten kunnen grote gevolgen hebben”, illustreert André de Roo, hoofd adviesgroep constructies van Arcadis’ divisie Gebouwen. “Opdrachtgevers vragen ons om een steeds hogere aansprakelijkheid. En toch wordt vaak alleen op prijs geselecteerd. In die opstelling zit ambivalentie.”

De kans op lelijke missers is volgens De Roo in de loop der jaren groter geworden. De alles overziende hoofdconstructeur verdween, de bouw zelf is alleen maar gefragmenteerder geworden. “Je hebt veel meer dan vroeger deelprojecten. Taken en verantwoordelijkheden zijn versnipperd geraakt. Die ontwikkeling heeft sterk te maken de opkomst van prefab vloeren, balken en kolommen. Je hebt zo maar drie constructeurs aan tafel. De afstemming is daardoor complexer geworden.”

Een nieuwe klip vormen de in populariteit toenemende nieuwe contractvormen zoals design & build. De oude werkwijze, waarin de ene partij het ontwerp maakt en de aannemer het werk uitvoert, is helder. Maar waar liggen precies de verantwoordelijkheden als ingewikkelde projecten, met alle onderaannemers en leveranciers van dien, halverwege worden overgedragen? De huidige marktdruk maakt volgens De Roo het aantal scherpe kanten alleen maar groter. Al te gemakkelijk raakt de veiligheid uit het oog. “De constructeurs moeten zich niet op een eiland terugtrekken. We moeten juist zien dat we de integratie die verloren is gegaan weer terug krijgen. Dat betekent meer naar buiten treden, meer verantwoordelijkheid pakken. Heldere afspraken met de opdrachtgever kunnen veel waarde opleveren voor alle betrokkenen.”

Total engineering

DeRoo bepleit meer toepassing van total engineering, leg constructie, bouwtechniek, installaties en eventueel architectuur maar in één hand. Plus het bouwmanagement. Dan ontstaan geen losse eindjes. De constructieman geeft toe dat kleinere partijen daar moeilijker toe in staat zijn dan de grote bureaus. Logisch, grote projecten zijn nu eenmaal ingewikkelder. “De commissie Dekker – de commissie fundamentele verkenning bouw – heeft de rol van hoofdconstructeur niet dwingend vastgelegd. Onder het motto privaat wat kan, publiek wat moet, wordt de verantwoordelijkheid doorgeschoven naar de opdrachtgever. Zo’n opstelling brengt geen verandering teweeg. De constructeursvereniging is begonnen met een register van erkende ontwerpers en constructeurs. De branche maakt zich daar sterk voor. De overheid staat echter vooralsnog helaas niet te trappelen om een registersysteem.”

Met behulp van Bouw Informatie Modellen en een proces van in- en extern integreren, kunnen de constructeurs volgens De Roo hun waarde beter voor het voetlicht brengen. Graag wil hij af van honoraria die een percentage zijn van de bouwsom. Dan heb je toch belang bij hoge kosten?

Prikkels

Liever ziet hij prikkels om mee te denken hoe het geld van de opdrachtgever het beste tot zijn recht komt. Ontwikkelaars zijn daar niet zo happig op: zij denken niet in gebouwen maar in verkoop. Aannemers en overheden hebben al meer oog voor de langere termijn. “Eigenlijk is met de industrie nog het beste samen te werken. Daar mag het wat meer kosten. De bedrijven verdienen hun geld niet met een gebouw. De vraag is meer: bouw het goed en doe het snel. Als de onderneming dan tevreden is hou je vaak een goede klant over. Zo hebben we bij het Shell Technology Centre in Amsterdam-Noord via de integrale aanpak veel waarde voor de klant kunnen creëren. Je praat dan over 80.000 vierkante meter laboratoria en kantoren. Een tevreden klant levert vervolgopdrachten op.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels