nieuws

Het contract en de afspraak

bouwbreed Premium

In deze serie artikelen proberen de auteurs een helder zicht te krijgen op innovatie bij bouwcontracten. Deel III behandelt de wijze hoe te komen tot een contract: loopt dat eigenlijk wel goed?

Het is een ervaringsfeit: bij een goedlopend project blijft het contract in de kast. Maar dat stelt niet alleen eisen aan het project, ook aan het contract. Het contract legt immers de afspraken vast: een ideaal contract is een contract zonder verrassingen voor partijen. Wij constateren dat ten aanzien van de voorbereiding van het contract de nieuwe zakken vaak slechts oude wijn bevatten. Want er wordt wel gekozen voor een innovatieve contractvorm, de inhoud wordt vervolgens op traditionele wijze gegenereerd. En zoals we in een eerder deel besproken, is dat niet verwonderlijk gezien het manke afwegingsproces dat er aan vooraf gaat. Het is echter vragen om problemen. Zeker omdat die oude manier van voorbereiden en opstellen van bestekken en contracten eigenlijk fout is.

Het falen van de huidige aanpak

Contractvormen als design & construct (d&c) en engineering & construct (e&c) lijken volgens ons in aanpak en voorbereiding nog te veel op de traditionele werkwijze. De manier waarop technici problemen oplosbaar maken, is door de problemen kleiner te maken.

Dit is terug te vinden in de voorbereiding van bijna elk complex project en uit zich in een d&c-contract waarbij vijf (liefst concurrerende) partijen betrokken zijn:

1) Adviesbureau A maakt het programma van eisen (PvE) op hoofdlijnen en noemt dit Vraagspecificatie;

2) Architect B leest dit PvE en maakt op basis daarvan een SO;

3) Ingenieursbureau C krijgt het PvE en het SO, voorziet problemen en maakt zijn eigen vraagspecificatie en VO+ (ook al zo iets onbegrijpelijks, het terug-afkorten van een vormgevingsdocument naar traditionele begrippen, maar net even anders);

4) Jurist D schrijft, niet gehinderd door enige technische kennis, op basis van het werk van C een ‘tailor made’ bouwcontract (de opdrachtnemer die een basisovereenkomst op basis van UAVgc krijgt, mag zich gelukkig prijzen);

5) Projectmanagementbureau E begeleidt de aanbesteding en doet de directievoering, en ziet zich geconfronteerd met een aannemer die het d&c-contract traditioneel benadert en een opdrachtgever die zich ouderwets met zowel het proces als met de inhoud bemoeit.

En dan is zo’n opdrachtgever er nog trots op ook dat hij met een integrale contractvorm heeft aanbesteed, waarbij ontwerp en uitvoering bij één opdrachtnemer liggen! Terwijl het volstrekt helder is dat uit een dergelijke werkverdeling, waarbij concurrerende bureaus elkaars werk moeten uitwerken, enkel gedoe, vertraging en frustratie voortkomt. De onduidelijke keuze voor een contract maakt het proces erna ook onduidelijk. Er is niet bewust afgewogen en de uiteindelijke beslissing heeft te weinig commitment, of de uitvoerende organisatie heeft te weinig kennis en vaardigheden.

De logica van concurrentie

Onder het mom van kwaliteit en onafhankelijkheid wordt regelmatig geprobeerd het liefst zoveel mogelijk verschillende bureaus te laten werken aan de voorbereiding van een project. Zoals hierboven al werd aangegeven: elk bureau heeft zijn eigen fase. Meerwerk is het gevolg. Geen enkel commercieel bureau zal het product van zijn voorganger voor zoete koek aannemen, verder uitwerken en het risico lopen dat een volgend bureau er gaten in schiet. Dus is het een rat racenaar fouten en onvolkomenheden, om die gedurende de opdracht als ‘risico’ te benoemen. Meerwerk is dan gerechtvaardigd, het viel immers niet binnen de scopeen het zal toch echt moeten worden opgelost. Deze logica is veel minder bekend dan de op meerwerk azende aannemer, maar minstens zo schadelijk. Misschien niet voor het resultaat, maar wel voor de portemonnee en het gevoel van de opdrachtgever. En dat terwijl de meerwaarde van geïntegreerde contracten, voelt u hem al, in integratie besloten ligt!

Wij hopen op meer adviseurs die integrale verantwoordelijkheid (durven) nemen, zoals gelukkig steeds vaker in de aannemerij en consortia van aannemer en ingenieursbureau.

Respectievelijk consultant bij Movares en projectmanager en adviseur aanbestedingsrecht en contractmanagement bij PRO6 managers

Reageer op dit artikel