nieuws

Bouwsector gebaat bij goede ordening marktgegevens

bouwbreed

aanhef

Onder de titel ‘Bouwsector kan weer omhoog gaan kijken’ (Cobouw, 4 januari) gaf de directeur van het Economisch Instituut voor de bouw (EIB) in deze krant zijn visie op het zojuist begonnen jaar 2011. Hij is nogal optimistisch. Zelfs de woningmarkt ziet hij als de duidelijkste indicator van herstel. Inmiddels zijn we dat enigszins gewend geraakt van het EIB. Al eerder zette ik uiteen dat het EIB zich weinig bekommert om de nodige bijstellingen op eigen visies. Mogelijk wil de directeur reeds de toon zetten voor de binnenkort te houden EIB Studiedag over de toekomst van de bouw. Dit laatste is een prima initiatief maar het eerste is onverstandig.
Mijn insteek is dat de bouwsector gebaat is bij een goede ordening van marktgegevens. Deze heeft het EIB wel maar niet over de hele linie. Daarnaast schort het telkenmale aan de integrale interpretatie van de beschikbare gegevens. Ook wordt tevergeefs een appèl gedaan op de lagere en de hogere overheid. Die zijn voorlopig niet aan de bouwsector aan het denken vanwege allerlei eigen financiële perikelen.
Als het EIB zijn bijdrage wil geven aan strategie ontwikkeling van bouwbedrijven, dan slaat het de plank mis. De portemonnee van de (doorstromende) woonconsument blijft ook in 2011 nog veelal op slot. De gemiddelde woonconsument ziet zich immers geplaatst voor stijgende onkosten en gewoonweg dalende inkomsten. En er is nog helemaal geen breed gedragen herstel van vertrouwen in de huidige economie. Echter het allerbelangrijkste is het wegvallen van druk op de woningmarkt: de kengetallen van bevolkingsontwikkeling, woningvoorraad en gemiddelde woningbezetting zijn zodanig, dat structureel drukverlies aan de orde blijft. Dit is dus een werkelijk andere benadering dan van het EIB maar ook van bouwgoeroes als Hugo Priemus, die telkenmale de indruk wekken van een conjunctureel inzinkinkje in de bouwmarkt. Maar wat kan dan wel? Naast het feit dat ik meen dat de bouwsector zichzelf moet saneren, zijn er voor de slankere klantvriendelijkere bouwsector vooral veel kleinschalige projecten uit te voeren. Een eenvoudige driedeling is als volgt: voor starters moeten hoogwaardige betaalbare verbouw- en nieuwbouwprojecten komen. Voor de brede middengroep liggen nog altijd veel kansen in de verbouw en aanbouw van hun bestaande woningen. En voor de 55- plussers zijn goed gelegen en passende eerste woningen en recreatieobjecten nog altijd mooie investeringen.
Door kleinschalig te opereren in 2011, worden twee belangrijke doelen bereikt. De haalbaarheid van projecten wordt vergroot en de zichtbaarheid van nieuwe bouwinitiatieven blijft aanwezig. Ik hoop hiermee een bijdrage te hebben geleverd aan EIB’s studiedag maar vooral rechtstreeks aan de managers van bouwbedrijven.
Streaming Projects

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels