nieuws

Achtergrond tunnelwetTien keer tien is niet ’t zelfde als honderd

bouwbreed Premium

Minister Schultz vindt één tunnelincident met honderd slachtoffers minder acceptabel dan tien incidenten met tien slachtoffers. Dat blijkt uit haar toelichting op de concepttekst van de nieuwe Tunnelwet. Tunnelexperts zetten vraagtekens bij de nieuwe veiligheidsnormen.

Wegtunnels kampen met grote uitvoeringsproblemen in de afbouwfase. Vertraging dreigt voor de Tweede Coentunnel, Combi-tunnel Nijverdal en A2-Maastricht, volgend op eerdere problemen bij A73-tunnels en A2 Landtunnel. Met vergaande standaardisatie verwacht de minister het grootste deel van de tunnelproblemen te ondervangen en steeds terugkerende discussies de mond te snoeren.

Basisgedachte is de regie naar het Rijk te trekken en geen ruimte over te laten voor brandweerkorpsen, burgemeesters en andere partijen die elk hun eigen zegje willen doen. Daarom krijgt elke tunnel een standaarduitrusting. Deze standaard kan overigens per type en gebruik van de tunnel verschillen. “Met de keus voor de standaarduitrusting is de discussie over welke voorzieningen in een tunnel moeten komen, afgesloten”, kondigt de minister aan in de toelichting op de Tunnelwet.

Dat de wet een einde maakt aan de hoogoplopende ruzies van de afgelopen jaren, lijkt een illusie. Watermistsystemen, vluchtstroken, blussers en vluchtroutes veroorzaakten de afgelopen jaren slepende conflicten en veel vertraging en kosten met zich meegebracht.

Die discussie zal voorlopig niet verstommen, want de wet verzuimt op diverse punten duidelijke keuzes te maken. De invulling van de rol van de veiligheidsbeambte, de inhoud van de risicoanalyse en de standaarduitrusting van de tunnel worden pas in een later stadium in aanvullende regels uitgewerkt en laten voorlopig nog alle ruimte om te touwtrekken.

Op andere punten maakt de minister wel belangrijke keuzes. Zo blijft de Tunnelwet van kracht voor alle tunnels langer dan 250 meter en komt er geen aparte wetgeving voor stadstunnels. Daarnaast blijft de Nederlandse wetgeving op twee punten strenger dan de Europese richtlijn vereist: vluchtdeuren zijn verplicht om de 100 meter, in plaats van 250 meter. En voor tegenliggend verkeer zijn altijd gescheiden tunnelbuizen voorgeschreven. Schultz sluit met de gekozen risiconorm aan bij de Oostenrijkse wetgeving: “Niet de strengste, maar ook niet de meest soepele norm.” Vergelijking met de Europese norm vindt de minister niet aan de orde, omdat in haar ogen de Europese richtlijn geen norm bevat.

Basis voor de wet is de veiligheidsnorm van 0,1/N2per kilometer tunnelbuis per jaar. Hierbij is N het aantal slachtoffers per incident, vanaf tien. Volgens de toelichting op de wet sluit dit systeem aan bij de gedachte dat incidenten minder acceptabel zijn naarmate de gevolgen ervan groter zijn. “In dit systeem is een incident met honderd slachtoffers minder acceptabel dan tien incidenten met tien slachtoffers.”

Dit is volgens de minister ook de wijze waarop binnen het externe veiligheidsbeleid met risico’s wordt omgegaan. Dat daardoor onder tunnelexperts een discussie is losgebarsten of tien slaat op het aantal slachtoffers of aantal incidenten, bewijst al dat met deze wet nog niet het laatste woord is gezegd over tunnels.

Reageer op dit artikel