nieuws

Deltaprogram herzien met hulp van buitenaf

bouwbreed Premium

Waterbouwers moeten in een vroeg stadium worden betrokken bij de herziening van het Deltaprogramma. Hun inzet hoeft echter niet wettelijk te worden geregeld. Dat stelt staatssecretaris Joop Atsma in een nota over het voorstel voor de Deltawet waterveiligheid en zoetwatervoorziening.

Met zijn opmerking pareert Atsma kanttekeningen uit de CDA-fractie op het wetsvoorstel. De fractie wil weten of het mogelijk is wettelijk vast te leggen dat deskundigen van buiten bij de herziening van het Deltaprogramma worden betrokken.

De regering vindt vroegtijdige betrokkenheid van waterbouwwereld, ingenieursbureaus en andere deskundige partijen bij de ontwikkeling van het Deltaprogramma gewenst, vermeldt de nota, maar zij ziet geen noodzaak dit wettelijk vast te leggen. Niettemin lijkt de staatssecretaris Fries Heijnis, voorzitter van de Vereniging van Waterbouwers, tegemoet te komen. Die pleitte er eind vorig jaar voor de uitvoerende markt al vroeg te betrekken bij Deltaprojecten. Daarmee “kun je winst boeken die anders niet mogelijk was geweest”, zei hij in november tijdens een bijeenkomst met leden van de Tweede Kamer.

De Deltawet waterveiligheid en zoetwatervoorziening moet de basis vormen van het waterveiligheidsbeleid. Volgens gedoogpartner PVV straalt het Deltaprogramma weinig daadkracht uit; het zou te veel studie en te weinig uitvoering omvatten. De fractie wil in het bijzonder weten welke investeringen en scenario’s nodig zijn om de Nederlandse delta veilig te houden.

Atsma brengt daar tegenin dat het Deltaprogramma zowel de lopende uitvoeringsprogramma’s voor de korte termijn als onderzoek voor de lange termijn behelst. Hij tekent daarbij aan dat vooruitdenken onontkoombaar is. De investeringen in waterstaatkundige infrastructuur kennen lange afschrijvingstermijnen. “Daarom is het noodzakelijk de verschillende toekomstscenario’s mee te nemen in de beoordeling van de maatregelen”, vermeldt de nota.

Reageer op dit artikel