nieuws

‘Uurprijs van 90 euro voor een ingenieur absurd’

bouwbreed

‘Uurprijs van 90 euro voor een ingenieur absurd’

NLingenieurs slijpt aan een scherper profiel van de ingenieursbranche. Niet alleen de crisis, maar vooral technische progressie dwingt tot nieuwe keuzes.

Waarom zouden de gemeentelijke bureaus van steden als Rotterdam en Amsterdam
eigenlijk geen lid kunnen worden van de brancheorganisatie? Wat is mis met
toetreding van bijvoorbeeld BAM-dochter Tebodin? Nadat Onri vorig jaar onder
voorzitterschap van Ed Nijpels de naam veranderde in NLingenieurs, voert de
brancheorganisatie een strategische discussie over haar toekomstige rol en de
toekomst van de ingenieursbureaus. “Afgelopen twee jaar zijn we bezig geweest
met de interne organisatie”, zegt Nijpels. “Als Onri zaten we met vele
vertegenwoordigers in wel 180 commissies. We hebben afscheid genomen van mensen
die niet eens wisten dat ze voor Onri werkten en omgekeerd. Rigoureus is ook het
aantal interne commissies tot tien teruggebracht. We hadden zoveel dingen op ons
bord, dat je dat alles onmogelijk goed kon doen.” NLingenieurs telt nu vier
sectorale en zes branchebrede commissies. Gebundeld zijn bouw, industrie en
energie. Zoals een andere commissie zich concentreert op infra, transport en
mobiliteit. Een speerpunt is ook ruimtelijke ontwikkeling en leefomgeving. Plus,
geheel volgens de nieuwste inzichten: water, deltatechnologie en klimaat.
Nadrukkelijk willen de commissies zich bemoeien met het maatschappelijke debat.
De samenleving is toch alleen maar geholpen als ingenieurs hun visie geven op
belangrijke thema’s? Op de agenda van de brancheorganisatie staan onderwerpen
als beeldvorming, arbeidsmarkt en businessmodellen. “De omgeving van de bureaus
is sterk aan het veranderen”, constateert directeur Paul Oortwijn. “De bedrijven
kijken traditioneel primair naar hun producten, maar inmiddels ook meer naar hun
eigen bedrijfsproces.” De grotere organisaties hebben de neiging steeds platter
te worden. In de top tien variëren de personele sterktes van 800 tot 14.500
medewerkers. Geholpen door ict krijgt de zelfredzaamheid van de mensen een
zwaarder accent. De kleinere bureaus zijn meer situationeel georganiseerd, sterk
gericht op hun opdrachten.

Toegevoegde waarde

Oortwijn: “Het verdienmodel zit in het verkopen van uren. Dat is eigenlijk
vreemd, want je levert toch geen uren maar toegevoegde waarde? Is uren maal
tarief echt het model voor de toekomst? Ik denk van niet.” Nijpels springt in:
“De gemiddelde uurprijs van de ingenieurs is in Nederland rond de 90 euro.
Absurd. Gezien hun maatschappelijke bijdrage worden ze zwaar ondergewaardeerd.
Komt dat omdat er zoveel concurrentie is? In het geheel niet, want de vraag is
redelijk hoog. De oorzaak ligt in de maatschappelijke waardering van het
ingenieursvak. De lage betaling heeft veel te maken met de overheid. Die
calculeert scherp door te vergelijken met interne leveranties en selecteert
daarbij nog altijd het liefst op de laagste prijs.” De voorzitter verzekert met
plezier zijn rol als boegbeeld van de ingenieursbranche te vervullen. “Elke dag
weer ben ik verbaasd over de in onze sector aanwezige kennis. Met de naam van
NLingenieurs is onze branche herkenbaarder geworden. Het komt nu niet meer voor
dat er een belangrijk overleg plaatsvindt waar we niet voor zijn uitgenodigd. Of
we wat bereiken? Neem de Crisis- en herstelwet. Dat idee is toegeschreven aan
premier Balkenende maar is toch echt van ons afkomstig. Heel concreet. We hebben
ook gepleit voor een klimaatwet, met daarin opgenomen alle energieregels. Je
ziet dat het thema een rol gaat spelen in de Kamer. Op tal van terreinen leveren
we gewaardeerd commentaar of starten we het debat.” Onder druk van NLingenieurs
is – met hulp van de Britse collega’s – een einde gekomen aan langlopende
discussies tussen de internationale koepelorganisaties EFCA en FIDIC. De
werkvelden zijn opnieuw ingetekend, waardoor de belangenbehartigers elkaar in
Brussel niet meer voor de voeten lopen. Paul Oortwijn houdt bij de EFCA de
vinger aan de pols als lid van de raad van bestuur. De strategische onderwerpen
waar NLingenieurs zich mee bezighoudt spelen in toenemende mate ook op Europees
en mondiaal niveau. Van 19 tot 22 september komt de internationale
ingenieursbranche in New Delhi bijeen met als belangrijkste onderwerp innovatie:
hoe kan de branche nog beter bijdragen aan het oplossen van grote vraagstukken
als de klimaatverandering en energievoorziening.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels