nieuws

Houtskelet wint aan populariteit

bouwbreed

Houtskeletbouw wint aan belangstelling bij de professionele opdrachtgever. Corporaties en ontwikkelaars bestellen steeds meer woningen die met deze constructietechniek worden gebouwd.

Jaring Rijpma, directeur van De Mâr Houtkonstrukties uit Grou en voorzitter
van de Vereniging van Houtskeletbouwers, zegt ze nu ook te kunnen leveren als
nul-energie woningen. Rijpma deed zijn uitspraken tijdens een kennisreis naar
Zweden, georganiseerd door het Enterprise Europe Network, bevorderaar van
internationale handelsbetrekkingen en innovatie. De Mâr Houtkonstrukties werkt
aan een casco met een epc van 0,02. Het proefmodel staat in Leeuwarden. Rijpma
denkt er in het komende halfjaar concrete projecten mee te kunnen realiseren.
Niet onbelangrijk noemt hij de wanden die slanker zijn dan die van de gangbare
houtskeletelementen. “Slankere wanden nemen minder grond in beslag waardoor de
prijs van een woning wat gunstiger uitvalt. Houtskeletbouw doet het momenteel
goed in Nederland, stelt Rijpma vast. “Dit jaar verwerken we drie tot vier keer
meer opdrachten dan het voorgaande jaar.” Die opdrachten betreffen
ruwbouwcasco’s die de aannemer afbouwt. Zonder concrete aantallen te willen
noemen geeft Rijpma aan dat zijn extra productie ‘enkele honderden’ casco’s
bedraagt. Naar zijn mening is dat alleen maar de aanloop naar wat hij ‘de echte
hoeveelheden’ noemt. Rijpma’s verwachting hangt samen met de stijgende
energieprijzen en de wettelijke beperking van de CO2-uitstoot. In 2020 moet van
Brussel deze uitstoot twintig procent beneden de hoeveelheid van 1990 liggen.
Een lagere CO2-last is volgens hem mede de reden dat onder meer corporaties meer
interesse krijgen voor houtskeletwoningen. Een andere reden is in zijn woorden
de energiezuinigheid van houtskeletwoningen. “De overheid kan die belangstelling
stimuleren met fiscale tegemoetkomingen”, meent Rijpma. Een regeling zoals die
voor elektrische auto’s geldt bevordert in zijn ogen ook de bouw van
energiezuinige woningen.

Stichtingskosten

Houtskeletwoningen kosten in Rijpma’s becijfering over het geheel genomen net
zoveel als traditioneel gebouwde woningen. “De stichtingskosten zijn hetzelfde,
maar het energieverbruik is veel lager.” Rijpma zegt met een betere isolatie,
zonnepanelen en een zonneboiler nog wat van dat bedrag te kunnen schaven.
Gecombineerd met een warmtepomp kan een woning dan zelf nagenoeg alle energie
opwekken. In het voorjaar en de zomer leveren de systemen zoveel op dat de
opbrengst de energie compenseert die in het najaar en de winter eventueel moet
worden ingekocht. “Tegen elkaar afgezet moet de energiebalans dan op nul
uitkomen. ” Naar Rijpma’s verwachting wordt het getal minder dan nul. “De
rendementen van zonnepanelen zijn in de afgelopen zeven jaar verdubbeld.” Dat
feit zal zich volgens hem nog een paar keer meer voordoen. Met nog een
verdubbeling van het rendement worden de panelen nog goedkoper. Houtskelet
hoogbouw volgens het passiefhuis-principe zoals in Zweden ziet Rijpma nog niet
in Nederland. “Drie of vier verdiepingen is hier het hoogst haalbare. Deels
vanwege de onbekendheid met de techniek, deels omdat wet en regel hindernissen
opwerpen en deels ook omdat hoogbouw in houtskelet tegen gewoontes in gaat.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels