nieuws

Bouwplaatsen verdienen een boeiender uitstraling

bouwbreed

Bouwplaatsen verdienen een boeiender uitstraling

Bouwplaatsen ogen vaak rommelig door rondslingerende bouw- en verpakkingsmaterialen, verbogen afscheidingshekken, stof en modder.

Zo niet in Rotterdam. Daar fungeren ze steeds vaker als uithangbord voor het
bouwproject. “Dat kan elders ook beter”, vindt Peter van den Berg, zelfbenoemd
straat-o-loog. De Sint-Laurenskerk staat momenteel compleet in de steigers, maar
als passant moet je goed kijken om dat ook te zien: de werkzaamheden spelen zich
af achter een geveldoek met een bedrieglijk levensechte afbeelding van de
middeleeuwse toren. Een paar honderd meter verderop ziet de bouwplaats van de
nieuwe markthal er al even ‘aangekleed’ uit. Zeecontainers en betonnen
keerwanden beschermen de omgeving aan west- en zuidzijde tegen geluidsoverlast,
kleurrijke billboards met spectaculaire artist’s impressions van het toekomstige
gebouw schermen de marktbezoekers af van de bouwwerkzaamheden. Hier en daar
turen mensen door kijkgaten die in de borden zijn gemaakt. Erachter valt heel
wat te zien: een batterij heistellingen, die duizenden palen slaan in een enorme
put. Een scorebord geeft aan hoeveel palen precies nog. De slogan ‘Hoor hier
bonkt het nieuwe hart van Rotterdam’ op de borden kent inmiddels iedere
Maasstedeling, want die is als uniforme tekst bij alle bouwplaatsen in de
Rotterdamse binnenstad geplaatst sinds de gemeente daarover een jaar geleden
dwingende afspraken maakte.

Geveldoeken

“Rotterdam staat op eenzame hoogte in zijn omgang met bouwplaatsen. Dat zie
je nergens in Nederland”, zegt Pim van den Berg die besloot ‘straat-o-loog’ te
worden toen hij op straat kwam te staan. “Daar kunnen bouwers elders een
voorbeeld aan nemen.” Hij reist de wereld over om te kijken naar steden, straten
en mensen. En om anderen te leren kijken. Inmiddels heeft hij honderdduizenden
beelden die hij gebruikt voor zijn lezingen over straten en steden. Helaas zijn
bouwplaatsen over het algemeen juist factoren die ervoor zorgen dat een stad
onaantrekkelijk wordt, constateert Van den Berg. “En waarom? Er is zoveel
creatiefs mee te doen. Er gebeurt ook zoveel boeiends op een bouwplaats. Laat
dat zien met een webcam!” In steden als Berlijn, Dresden en Londen zie je wel
fraai aangeklede bouwplaatsen met bijvoorbeeld geveldoeken met historische
foto’s van de locatie of een enorme mode- of frisdrankreclame. “Maar over het
algemeen is het zo nietszeggend en weinig informatief”, zegt hij, terwijl hij
een dia tevoorschijn tovert van een typische bouwplaats, met een simpel bouwbord
als enige informatiebron. Dat is wel anders op de Wilhelminapier, waar een
tientallen meters lange fotoserie op de gevel van gebouw Pakhuismeesteren de
hele geschiedenis vertelt van het gebouw, dat op herontwikkeling wacht. Een foto
van het half gereconstrueerde Amsterdamse Mercatorplein – met omgevallen
bouwhekken, bergen rommel en slordige portakabins – toont Van den Berg
hoofdschuddend. “Als het er bij een opknapbeurt al zo bij ligt, wéét je toch dat
het nooit wat wordt?” Voor alle zand en modder die vrachtwagens en bouwmaterieel
uitrijden over de wegen rond bouwplaatsen heeft Van den Berg een simpele
oplossing: “Stel bandenwasmachines verplicht op iedere bouwplaats. Dan zijn we
daarvan af.”

B-Tower

Voor de gemeente Rotterdam verkende Van den Berg veertien bouwplaatsen in
hartje stad. Daar was reden toe, want het was precies een jaar geleden dat de
gemeente Rotterdam met een aantal ontwikkelaars in de binnenstad het convenant
‘Optimalisatie beeldkwaliteit bouwplaatsen Binnenstad’ sloot. Ook Bouwend
Nederland, de Ondernemersfederatie Rotterdam City, het Burgerpanel Rotterdam en
Rotterdam Marketing waren bij het initiatief betrokken. Onderlinge afspraken
moeten leiden tot minder rommelige bouwplaatsen die een aantrekkelijk beeld
bieden aan het passerende publiek. De eerste jaarlijkse ‘Beeldkwaliteitprijs’
ging afgelopen week naar het project B-tower, een toren die tegen de Bijenkorf
wordt aangebouwd. De bouwplaats van ontwikkelaar MAB en bouwer JP van Eesteren
kreeg lof omdat hij klein, schoon en compact is. Billboards die de bouwplaatsen
afschermen van het winkelende publiek laten zien hoe mooi de 70 meter hoge
woontoren met onderliggende winkelruimte wordt. Als het aan wethouder Hamit
Karakus (wonen en ruimtelijke ordening) ligt, wordt het beeldkwaliteitsniveau
van de B-Tower standaard op elke bouwplaats in de Rotterdamse binnenstad. Hij
wil de eis daartoe integraal onderdeel maken van ieder bouwcontract, waarin ook
een duidelijk plan moet worden opgenomen voor de diverse verkeersstromen op en
rond een bouwplaats. Zeker als het gaat om een project als de nieuwbouw van
Centraal Station, waarbij een groot gebied in hartje stad bijna tien jaar
openligt. Hij betaalde de helft van de kosten van de bouwborden en doeken, de
andere helft de bouwers. “Daarbij gaat het echt om peanuts”, verzekert Karakus.
“En de bouwers ­levert het veel op: wie zich een goede buur betoont, heeft
gewoon minder last van zijn omgeving.” De wethouder wil ook dat bouwers er
standaard voor zorgen dat er 24 uur per dag een persoon bereikbaar is voor
vragen van omwonenden. “De bouw moet door, maar de stad ook”, vindt ook
projectontwikkelaar Rudy Stroink (TNC), die mede bedenker was van het
initiatief. “De tijd van grote bouwprojecten buiten de stad is voorbij, zeker in
steden als Rotterdam wordt uitsluitend binnenstedelijk gebouwd. Dat vereist
altijd intensief overleg met de omgeving. Het roer moet dus om.” Uit de tijd dat
hij in de Verenigde Staten bouwde, weet hij dat elders op de wereld veel meer
tijd gaat naar de inrichting van de bouwplaats en het ordelijke verloop van
bouwprocessen. “Natuurlijk, dat heeft te maken met de claimcultuur”, geeft
Stroink toe. “Maar in Nederland zie je precies het tegenovergestelde: de
mentaliteit van ‘ze moeten niet zeuren’ zit er diep in.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels