nieuws

‘Alleen sterke projecten komen nu van de grond’

bouwbreed

Familiebedrijven doen het in de bouw nog prima. Sommigen willen graag zinkende bedrijven overnemen, weet ABN Amro sectorbankier Erik Steinmaier.

ABN Amro is een van de grootste financiers in de bouwsector, van de top 200
bouwbedrijven bankiert zo’n 30 procent bij de bank. De afgelopen jaren was de
bank noodgedwongen terughoudend. Die tijd lijkt nu voorbij. De hoogste geleding,
waaronder bestuursvoorzitter Gerrit Zalm, ziet weer kansen in de vastgoedsector.
De bank wil, behalve bij bouwers, ook bij ontwikkelaars en beleggers weer meer
in beeld komen. “Zeker aan de voorkant van de bouwkolom zien we weer
mogelijkheden. We hebben nu groen licht om hier te groeien”, zegt Steinmaier.
ABN Amro mikt erop bij veel bedrijven huisbankier te worden. “We willen het hele
financiële spectrum voor de bedrijven verzorgen, van kredietverlening en
treasury tot verzekeren. Daarbij willen we graag als partner bij ontwikkelaars
en bouwers aan tafel zitten.” De sector banker merkt dat niet alle banken hun
kredietverlening weer op gang hebben weten te krijgen. “Soms komt er een bedrijf
met een goed bouwproject bij ons aankloppen, maar krijgt de onderneming de
financiering lastig geregeld.” Het is dus niet alleen vraaguitval die
bouwprojecten doet stokken, constateert Steinmaier. Ook de kredietverlening is
nog niet wat het moet zijn. En de sky is uiteraard niet meer de limit. Alleen
sterke projecten hebben kans om van de grond te komen. Bovendien moet je als
bouwer meer dan ooit financieel solide zijn, dat wil zeggen: voldoende eigen
vermogen, een goede marge, een gevulde orderportefeuille en perspectiefrijke
projecten in aantocht.

Zekerheid

Zowel opdrachtgevers als banken willen zekerheid. Daarom worden bouwbedrijven
bij het aangaan van nieuwe projecten goed tegen het licht gehouden. Steinmaier:
“Dat deden we altijd al, maar nu nog strenger.” Niet de hele sector is aan het
kwakkelen, relativeert Steinmaier de malheur. Bedrijven die hun projecten en
grondposities grotendeels uit eigen portemonnee betaald hebben, doen het vaak
nog prima. Men is beter in staat dalende omzetten op te vangen, onder andere
omdat men niet te maken heeft met hoge vaste financieringslasten. Dit soort
bouwers zijn er genoeg, ook in de top 200 grootste bouwbedrijven, weet de
sectorbankier. Ze hebben bijvoorbeeld alleen een beperkt rekeningcourantkrediet
bij de bank lopen. “Vaak zijn dit meer traditionele familiebedrijven. De DGA’s
bellen me wel eens op of er niet bedrijven zijn die ze kunnen overnemen.”
Steinmaier sluit niet uit dat deze bedrijven de komende jaren, misschien de
komende maanden al, hun slag gaan slaan. Maar ondanks deze oersterke
familiebedrijven, wordt de stemming bij de meeste bouwers vooral getekend door
onzekerheid, ziet Steinmaier. “Wat gaat de politiek doen aan de woningmarkt? En
wat gebeurt er met de hypotheekrenteaftrek? Wanneer trekt de economie eindelijk
weer aan? Dit soort vragen houdt bouwbedrijven behoorlijk bezig.” Soms zijn
bouwers te negatief, vindt de bouwbankier. Kijken ze te weinig naar kansen. Maar
anderen zijn weer veel te optimistisch. “Ik hoor wel eens: ‘Ik merk helemaal
niets van de crisis’. Dat zou kunnen, maar als je ziet hoe de crisis heeft
toegeslagen bij ontwikkelaars, dan weet je dat je als bouwbedrijf vroeg of laat
met de crisis te maken krijgt.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels