nieuws

Behoud dynamiek op kantorenmarkt

bouwbreed

Minister Huizinga lanceerde onlangs enkele ideeën om de leegstand op de kantorenmarkt aan te pakken

Een goed initiatief, maar er is meer nodig voor een duurzame kantorenmarkt, menen Rudy Stroink en Jan Fokkema.
De Nederlandse kantorenmarkt kampt al jarenlang met forse leegstand. Op een kantorenvoorraad van ruim 46 miljoen vierkante meter staat inmiddels meer dan 6 miljoen vierkante meter leeg, waarvan ongeveer 3 miljoen langer dan drie jaar. Het grootste gedeelte van die structurele leegstand betreft verouderde kantoorgebouwen uit de jaren zeventig en tachtig, gelegen in monofunctionele bedrijfszones aan de randen van steden en langs de autowegen. Voor goede, centraal gelegen kantoren nabij openbaar vervoer en andere voorzieningen bestaat nog geen significant overschot. Er is duidelijk sprake van een zich verscherpende tweedeling op de kantorenmarkt.
Om te voorkomen dat de leegstand verder oploopt, bepleitte minister Huizinga dat gemeenten voortaan uitsluitend nog nieuwe kantorenlocaties buiten de bebouwde kom mogen aanwijzen, als er geen locaties meer in de gemeente beschikbaar zijn die nog ruimte bieden aan nieuwe kantoren. Provincies en gemeenten reageerden hier onmiddellijk afwijzend op: zij zijn van mening dat het Rijk zich niet moet bemoeien met het kantorenbeleid. Wij stellen voor een andere houding aan te nemen en de handen juist ineen te slaan om de kantorenmarkt terug in balans te brengen.
Een belangrijk knelpunt op de kantorenmarkt is dat veel gemeenten voor hun inkomsten afhankelijk zijn geworden van de gronduitgifte ten behoefte van nieuwe kantoren en woningen. Die praktijk moet worden doorbroken, want zolang de ongebreidelde, inkomstengedreven gronduitgifte doorgaat blijft de kantorenmarkt zwak. Gemeenten moeten hun gronduitgifte onderling gaan afstemmen en hun gronduitgifte beperken tot locaties met nog aantoonbare vraag naar kantoorruimte. Provincies moeten door middel van hun structuurvisie dit beleid zo nodig afdwingen. Uiteraard gaan gemeenten hierdoor inkomsten mislopen. Onderlinge verevening moet daarbij een deel van de oplossing bieden.
Uitsluitend de uitgifte van gronden aan banden leggen is onvoldoende. Tegelijkertijd moeten partijen samenwerken om de verouderde kantorenlocaties aan te pakken. Daarvoor is gericht beleid noodzakelijk, dat stimuleert dat verouderde en veelal leegstaande kantoren worden herontwikkeld. Soms door om te bouwen, maar in veel gevallen door sloop en nieuwbouw ten behoeve van andere functies. De bezitters van die verouderde kantoren moeten daartoe gestimuleerd en verleid worden. Bijvoorbeeld door fiscale voordelen, zoals vrijstelling van overdrachtsbelasting en mogelijkheden om versneld af te schrijven en verliezen te compenseren. Trage partijen kunnen – na jaren van leegstand – worden geprikkeld door een forse leegstandsheffing of door beperking van verliescompensatie.
In sommige kantorenmarkten kan worden besloten nieuwbouw uitsluitend nog toe te staan als tegelijkertijd ook een verouderd kantoor wordt herontwikkeld of uit de markt wordt genomen. Van groot belang is echter dat de markt niet helemaal op slot gaat en dat nieuwbouw ook in de komende jaren mogelijk blijft. Organisaties veranderen en daarmee hun eisen aan hun huisvesting. Er is vraag naar nieuwe kantoorconcepten, andere indelingen en functionaliteiten. En naar andere werkomgevingen, in de nabijheid van openbaar vervoer met een breed pallet aan voorzieningen en een aangenaam, gemengd verblijfsmilieu. Voor ontwikkelingen die echt iets nieuws bieden moet ruimte blijven, ook vanwege onze internationale concurrentiepositie.
Ook vanuit duurzaamheidsperspectief is ruimte voor dynamiek op de kantorenmarkt bittere noodzaak. Verkenningen laten zien dat vanuit de energiebalans het in de meeste gevallen de voorkeur verdient om verouderde gebouwen met een hoog energiegebruik ingrijpend te renoveren of te slopen en dat nieuwe, energiezuinige kantoren worden teruggebouwd. De oude kantoorgebouwen voldoen niet meer aan de ambitieuze duurzaamheidseisen van de toekomstige markt. De technieken voor duurzame kantoren zijn voorhanden. En ook beleggers melden dat gebruikers van kantoren in snel tempo steeds meer waarde aan duurzaamheid gaan hechten. Neprom-leden zijn graag bereid om samen met het Rijk, gemeenten, beleggers en gebruikers een voortrekkersrol te vervullen bij het verduurzamen van de kantorenmarkt.
Bestuurslid en directeur Neprom (Vereniging van projectontwikkelaars)
De Neprom organiseert in samenwerking met VNG en BNA op 20 mei in Rotterdam het Groene Lente Festival over duurzame vastgoed- en gebiedsontwikkeling. In workshops wordt gedebatteerd over onder andere de aanpak van de leegstand op de kantorenmarkt en over het rendement van duurzame kantoren. Meer informatie en aanmelding:
www.groenelente.nl

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels