nieuws

Schoolgebouw nog steeds niet gezond

bouwbreed

Onderzoek naar het binnenmilieu op scholen laat zien dat meer dan een miljoen leerlingen les krijgen in ongezonde gebouwen. Dat is nogal wat, vindt Robbert Coops. En daar komen – als het aan het kabinet ligt – ook nog studenten bij die daar in de avonduren of in weekenden gebruikmaken van de faciliteiten.

Het signaal dat vooral basisscholen niet meer voldoen aan de eisen van ventilatie en verwarming is er zeker niet voor het eerst. In 2007 liet een rapport van TNO zien dat de cognitieve prestaties van leerlingen op basisscholen bij slechte ventilatie aanzienlijk verminderen. Een jaar later leverde een informele rondgang onder Tweede Kamerleden door ingenieursbureau Valstar Simonis een eenstemmig beeld op. Onder hen bestond een grote urgentie voor een gerichte aanpak. Kort daarop volgde een kabinetsstandpunt over de aanpak van het binnenmilieu, inclusief de bijbehorende financiële en instrumentele kaders.
Begin 2009 bij de uitreiking van de Scholenbouwprijs 2008 bleek opnieuw dat het bij scholenbouw schort aan professioneel opdrachtgeverschap. Daardoor spelen schoolgebouwen niet alleen onvoldoende een rol in projecten waar gebiedsontwikkeling en maatschappelijke duurzaamheid hand in hand gaan, maar wordt ook te weinig aandacht geschonken aan flexibiliteit en duurzaamheid van de schoolgebouwen zelf. In juli 2009 verscheen het rapport ‘Gezond en Goed Scholenbouw in Topconditie’, waaruit bleek dat 80 procent van de schoolgebouwen niet meer voldoet aan de verwachtingen. De minister van OCW deed er dan ook goed aan een (deels nieuwe) subsidieregeling beschikbaar te stellen voor de verbetering van energiezuinigheid en binnenmilieu.
Maar ondanks die subsidie en het beroep dat daarop is gedaan moeten nog ferme stappen worden gezet. Het initiatief van het partnership scholenbouw dat beter wil inspelen op de eisen aan duurzaamheid en binnenklimaat is daar een logisch vervolg op.

Verwachtingen

Bij de realisatie van nieuwbouw en renovatie van schoolgebouwen ontbreekt het gelukkig niet aan organisatorische aandacht en urgentie voor duurzaamheid, energiebesparing en binnenklimaat. Toch komt door omstandigheden in de praktijk nog te weinig terecht van alle goede bedoelingen. “De aard, intensiteit en de duur van het gebruik van schoolgebouwen zijn de afgelopen jaren sterk veranderd. De huidige programma’s van eisen leiden tot gebouwen die niet meer voldoen aan de verwachtingen”, aldus Rijksbouwmeester Liesbeth van der Pol bij de presentatie van het Servicecentrum Scholenbouw (SCS) .
Vooral de problemen met het binnenklimaat blijken structureel. Dat komt door krappe budgetten, maar ook het gebrek aan ervaring breekt de verantwoordelijke schoolbesturen en gemeenten op. Zij krijgen immers slechts zeer incidenteel te maken met scholenbouw, waardoor relevante kennis – ook op bouwtechnisch gebied – daar vaak afwezig is. Als opdrachtgevers krijgen ze ook wel veel over zich heen: onderwijsvernieuwing, veranderende regelgeving en een markt in ontwikkeling. Dat maakt het realiseren van een gezond en functioneel schoolgebouw tot een complexe taak.
Het SCS dat door de gezamenlijke expertise van de deelnemers een verbeteringsslag in onderwijshuisvesting wil bewerkstelligen, bestaat uit vertegenwoordigers van de PO-raad (waarin alle basisscholen zijn verenigd), Bond van Nederlandse Architecten (BNA), NLingenieurs, Uneto-VNI, Bouwend Nederland, Aannemersfederatie Nederland Bouw & Infra en Systeembouwend Nederland.
Het initiatief komt min of meer voort uit de ervaringen van de Rijksgebouwendienst over haperend particulier opdrachtgeverschap bij gemeenten en onderwijsinstellingen in het kader van pps-constructies, zoals dbfmo. De gezamenlijke opdracht voor de convenantpartners ligt voor de hand: het stimuleren van onderwijshuisvesting die beter inspeelt op eisen aan duurzaamheid en binnenklimaat en veranderende onderwijsvisies door middel van kennisoverdracht, pilots, standaarden en modellen.
Een initiatief dat overigens ooit in vergelijkbare vorm door het toenmalige ministerie van onderwijs werd gelanceerd in de vorm van het Informatie Centrum Schoolgebouwen (ICS). Het geeft te denken dat de jarenlange ervaringen en kennis van het nu geprivatiseerde ICSadviseurs kennelijk nu niet (meer) relevant zijn. Daardoor dreigen gemeenschapsgeld en praktijkgerelateerde kennis nodeloos weg te sijpelen, terwijl de roep om gezonde en duurzame onderwijsgebouwen alleen maar zal toenemen.
Sociaal-geograaf en strategisch adviseur bij Schuttelaar & Partners (rcoops@schuttelaar.nl)

Trends in scholenbouw

l Multifunctionaliteit van het gebouw
l Maatschappelijk vastgoed
l Gebiedsontwikkeling
l Geclusterde aanpak van voorzieningen
l Ontwikkelingen onderwijs
l Technische eisen

Reageer op dit artikel