nieuws

Overheid profileert zich als concurrent

bouwbreed Premium

Overheidsdiensten profileren zich in toenemende mate steeds concurrent van de commerciële ingenieur- en bouwmanagementbureaus op de markt. Volgens de NLPB mogen overheidsdiensten niet concurreren met de markt.

In geval van behoefte aan extra kennis of capaciteit treden de eigen
ingenieurs- en projectmanagementbureaus van overheidsorganisatie vaak ook op als
opdrachtgever van de commerciële bureaus. Daar is niets mis mee dus, los van de
vraag wat de overheid zelf moet doen en wat ze aan de markt kan overlaten. Maar
de laatste tijd profileren overheidsdiensten zich, onder druk van afnemend
werkpakket, steeds vaker als concurrent van de commerciële bureaus op de markt.

Roerige tijden

Het zijn roerige tijden in de wereld van de ruimtelijke projecten. Veel
projecten, met name in gebiedsontwikkeling en vastgoed, blijken niet meer
haalbaar. Gemeenten zien hun financiële ruimte afnemen en herprioriteren: er
wordt gekozen en er vallen projecten af. Dat betekent dat er minder werk is,
zowel voor de gemeentelijke diensten als voor de externe dienstverleners. De
commerciële bureaus ondervinden daarvan vaak als eerste de gevolgen, want
uiteraard gaan de meeste ‘externen’ er als eerste uit als er te weinig werk is
voor iedereen. En inmiddels is het zelfs zo dat door de heroverwegingen bij
overheden sprake is van een niet eerder vertoonde ontslaggolf. Natuurlijk willen
ook projectmanagers, adviseurs en ontwerpers in overheidsdienst het liefst aan
projecten werken. En als er even niet voldoende projecten zijn is dat vervelend.
Daarom gaan steeds meer diensten op zoek naar werk buiten de eigen organisatie:
externe klanten dus. Ze acquireren opdrachten bij collega-overheden waar nog wel
genoeg werk ligt. Dat klinkt proactief, efficiënt en ondernemend. Maar is het
ook eerlijk? Want die ondernemende overheidsbureaus gaan wel de concurrentie aan
met de commerciële bureaus. En vaak blijkt dat ze daarbij sterk concurrerende
aanbiedingen kunnen maken: er is geen sprake van btw-plicht, de overheadkosten
zijn al gedekt uit de algemene middelen en er hoeft geen winst te worden
gemaakt. Sterker nog, het mag geld kosten als de werkzaamheden worden gebracht
onder de noemer van kennisuitwisseling of intergemeentelijke samenwerking.

Marktwerking

Ook voor de commerciële ingenieurs- en projectmanagementbureaus is, door
dezelfde bezuinigingen, de huidige markt niet overvloedig: er zijn minder
projecten, dus er is minder werk. Bijna elke opdracht moet in stevige
concurrentie worden verkregen, waarbij (ook overheids) opdrachtgevers hun kans
zien scherper in te kopen. Natuurlijk hebben gezonde bureaus reserves opgebouwd
om een tijdje wat minder dik in het werk te zitten of om wat in te leveren op de
marges.En natuurlijk is het goed als er marktwerking is. Maar faire marktwerking
kan alleen bestaan als sprake is van een gelijkwaardige positie van aanbieders,
en dat is bij het concurreren met overheidsdiensten niet het geval. Los van de
vraag of dit allemaal wettelijk kan en mag (staatssteun en aanbestedingsplicht)
en los van de vraag wat voor constructies denkbaar zijn om aan de wet te
ontsnappen (gemeenschappelijke regelingen, uitwisselingsprogramma’s,
ambtenarenpools etc.), is het vooral de vraag of overheden moeten willen
concurreren met de commerciële bedrijven. Die commerciële ingenieurs- en
projectmanagementbureaus leverden in de drukke tijden een belangrijke bijdrage
aan het vermogen van de overheid om een groot aantal projecten succesvol te
realiseren. En aan de gezamenlijke ontwikkeling van een schat aan gedeelde
kennis en ervaring. Het past niet om, nu de overheid bezuinigt, de branche, de
bedrijven en de medewerkers op deze manier schade toe te brengen. Want het grote
verschil tussen bedrijven en overheidsdiensten is duidelijk: de eerste kunnen
alleen overleven bij voldoende opdrachten. Als er één ding is wat de branche er
op dit moment niet nog eens bij kan hebben, dan is het wel valse concurrentie
vanuit de overheid. Overheidsdiensten: houdt u bij het werkgebied waar uw
bestaansrecht ligt!

Ir. N. van Doorn, drs. P.J. Ruchti, M.E. Bakker MBA en ir. G.P.
Jacobs
Auteurs zijn bestuursleden van de NLPB, de brancheorganisatie van
projectmanagementbureaus voor ruimtelijke projecten. bestuur@NLPB.nl

Reageer op dit artikel