nieuws

‘Grote bentonietinsluitingen ontdek je zeker’

bouwbreed

Lekkages van diepwanden zijn meestal het gevolg van een zwakke voeg tussen twee panelen door achterblijven van steunvloeistof (bentoniet). Dergelijke zwakke plekken zijn met metingen te detecteren, blijkt uit proeven in de Kruispleingarage.

Geotechnicus Rodriaan Spruit maakte voor zijn meetprogramma gebruik van
meettechnieken die bij olieboringen worden gebruikt. De akoestische metingen
gebeurden door zendertjes en ontvangertjes langzaam omhoog te trekken door een
pvc-buis, die vooraf aan de wapeningskorf was bevestigd. Spruit: “Op die manier
scan je de diepwand over de hele hoogte van 41 meter. Door in beide panelen twee
buisjes aan te brengen, kun je in totaal zes combinaties van metingen
verrichten. Dat geeft een heel accuraat beeld.” Op één plaats op -8 meter bleek
aan de binnenzijde van de bouwkuip een minder sterke plek te zitten – die
overigens geen problemen opleverde. Temperatuurmetingen brachten die plek ook in
beeld. Bij deze meetmethode registreren glasvezelsensoren het temperatuurverloop
bij het storten en uitharden van de 120 centimeter dikke betonwand. Spruit: “Je
kunt zo prachtig het hele stortfront volgen. Laat de meting op een bepaalde
plaats niet de temperatuur van de betonmix zien, dan kun je ervan uitgaan dat
daar bentoniet zit. En geen beton.” Nadeel van deze methode is dat de sensoren
achterblijven in de diepwand. Dat is relatief kostbaar. Bij de derde meetmethode
werd de elektrische weerstand in beeld gebracht. Een sondeerconus met elektroden
werd de grond in gedrukt naast de diepwand en een signaal door de wand gestuurd.
Is de wand goed, dan is de gemeten weerstand overal even hoog. Die methode
werkte redelijk en heeft als voordeel dat geen voorzieningen in de wand nodig
zijn. Je kunt ze dus altijd achteraf uitvoeren.

Stralingswaarden

Minder succesvol verliep de meting van radioactiviteitsverschillen tussen
bentoniet en beton. Daarvoor variëren de stralingswaarden van Nederlands beton
te sterk. Hadden de ontwikkelde meettechnieken problemen in het verleden kunnen
voorkomen? “De grote bentonietinsluitingen zoals bij de Vijzelgracht absoluut.
Honderd procent zeker. Referentiemetingen op blokken met bekende ‘fouten’ hebben
dat ook aangetoond. Voor kleinere insluitingen zullen we de komende jaren moeten
bepalen waar de grens tussen ‘goed’ en ‘fout’ ligt”, zegt Spruit. “Als je een
probleemplek in kaart hebt, kun je hem met injecties, groutkolommen of slapende
bemaling + speciaal ontgravingsplan aanpakken voor het echt misgaat.” De
metingen bij de 20 meter diepe, vijflaagse Kruispleingarage (760 plaatsen)
bleken simpel uit te voeren, zonder grote verstoring van het bouwproces. De
gemeente Rotterdam bekostigde de proef samen met aannemer Besix. Brem, Deltares,
Fugro, Medusa en VLG Gemeentewerken droegen ook bij aan het meetprogramma.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels