nieuws

Technisch gras is niet voldoende

bouwbreed

Gras moet voorkomen dat het zand dat PUMA opspuit voor de Tweede Maasvlakte meteen weer wegwaait. In een praktijkproef wordt uitgezocht welk grasmengsel het zand goed vastlegt en ook gevarieerde dieren en planten naar de Maasvlakte trekt.

Drie proefvelden heeft Remko Andeweg tot zijn beschikking. Geen zielige
kaveltjes zoals vaak het geval is bij biologische experimenten, maar elk ruim
een hectare groot. Er is toch ruimte zat op dit hoekje van de Maasvlakte 2,
zolang de bouw van de Rotterdam World Gateway Terminal beperkt blijft tot de
kademuren. Dat blijft zeker nog een jaar zo. Tot die tijd heeft de botanicus van
bureau Stadsnatuur Rotterdam de tijd om uit te zoeken op welke manier het zand
aan de binnenkant van de zachte zeewering van de Maasvlakte het best kan worden
vastgelegd. Om stuiven te voorkomen en grond vast te houden, wordt op de open
vlaktes in de Rotterdamse haven al decennialang het zogenoemde Europoortmengsel
ingezaaid. Dat is een beproefde mix van sterke grassen als haver, veldbeemdgras
en rietzwenkgras, die goed aanslaan op een schrale zilte zandgrond. De
groenaannemers die actief zijn in de haven betrekken het mengsel van een vaste
zadenleverancier uit Duitsland. Technisch gezien is het Europoortmengsel volgens
Andeweg een prima oplossing. “Maar een rijk en gevarieerd planten- en
dierenleven levert het meestal niet op. Ecologisch gezien is dit
woestijngebied”, zegt de bioloog, terwijl hij zijn blik laat glijden over het
gebied voor de toekomstige containerterminal. Dat oogt opvallend groen in het
woestijnlandschap dat Maasvlakte 2 nu nog is. Het mengsel is amper een maand
geleden ingezaaid op het opgespoten zand. Voor de terminal zelf volstaat het
Europoortmengsel wel. Het gebied wordt over een jaar toch omgeploegd voor de
verdere inrichting. Maar voor het binnentalud van de zachte zeewering loont het
om naar een ecologisch interessanter alternatief te zoeken. Op de 150 meter
brede strook achter de duinen is best plaats voor gevarieerde flora en fauna.

Hazenpootje

In opdracht van Havenbedrijf Rotterdam heeft Andeweg zijn ogen dit voorjaar
goed de kost gegeven. Op zijn aanwijzingen is in de omgeving maaisel verzameld
van bermen met een wat kruidenrijkere vegetatie, zoals hazenpootje, reigersbek
en zandzegge. Die planten trekken vlinders en sprinkhanen aan, die aantrekkelijk
zijn als voedsel voor kleine zoogdieren en vogels. Op hun beurt lokken die weer
roofdieren naar de Tweede Maasvlakte. Zo ontstaat een compleet ecosysteem. Mits
het mengsel natuurlijk ook technisch goed presteert. Het maaisel dat Andeweg
selecteerde is door groenaannemer AKBarendregt twee maanden terug ingefreesd tot
zo’n 10 centimeter onder de oppervlakte in een van de drie proefveldjes. In een
ander veldje is het Europoortmengsel ingezaaid, met het derde veldje is niets
gebeurd. Dat vormt de referentie. Eens in de maand stapt Andeweg in de auto om
te kijken hoe zijn proefvelden erbij liggen. Bouwhelm en veiligheidsschoenen
gaan mee in de achterbak. Aangekomen op bestemming trekt hij ze met enige
tegenzin aan. Hij is immers geen bioloog geworden om met zo’n hard kunststof
hoofddeksel rond te lopen. Terwijl er in de wijde omtrek geen kraan of bouwwerk
te bekennen is. Maar regels zijn regels en op de Maasvlakte geldt een strikt
veiligheidsregime. Dus lopen Andeweg en een collega van bureau Stadsnatuur
Rotterdam met schoenen met stalen neuzen aan de voeten en een bouwhelm op het
hoofd door het verlaten gebied. Op elk veld zijn bij het begin van de proef 22
peilstokken in de grond gedrukt. Stukjes betonijzer van een meter lengte. Toen
de proef van start ging staken ze precies 50 centimeter boven maaiveld uit.
Andeweg stelt elke maand vast of ze hoger boven het zand uitsteken of juist
lager. De duimstok is daarbij het belangrijkste instrument.

Europoort

Op vaste plekken maakt de bioloog ook foto’s. Zodat na driekwart jaar een
goed beeld ontstaat van de effectiviteit van de verschillende beplantingen.
Volgend voorjaar wil het Havenbedrijf de knoop doorhakken en kijken waarmee
hoofdaannemer PUMA het binnentalud moet gaan inzaaien. Het Europoortmengsel
blijkt de eerste twee maanden van de proef goed zand te hebben ingevangen. Het
staat er weliswaar niet heel florissant bij, maar de prestaties zijn prima. In
twee maanden tijd is gemiddeld zo’n 9 centimeter zand ingevangen, met
uitschieters tot 13 centimeter. Zand dat PUMA niet opnieuw met hoppers van de
Noordzeebodem hoeft aan te voeren. En dat ook in de rest van de haven niet voor
stuifstormen en andere overlast heeft gezorgd. Het is vooral haver dat opkomt,
hoewel het een verdroogde indruk maakt. Het staat weliswaar in bloei, maar
Andeweg doet het af als een soort noodbloei. “Kort nadat de planten waren
opgekomen kregen ze flinke zandstormen te verduren, waar ze blijkbaar niet meer
van hersteld zijn.” Van zo’n storm getuigt ook het gezandstraalde oppervlak van
de meetstaven. Die waren voorafgaand aan de proef fel oranje. Maar inmiddels
overheerst het kenmerkende roestbruin van de wapeningsstaven.

Referentieveld

Het volgende veldje dat Andeweg en zijn collega opmeten is het
referentieveld, waar niets mee is gedaan. Daar ligt maagdelijk zand, zoals dat
via de persleidingen van PUMA op zijn plek is gebracht. Als het aan Andeweg ligt
zou het Havenbedrijf het hier bij laten. Vestiging van planten en dieren gaat
langzaam, maar levert volgens de bioloog het mooiste resultaat op. Eerst wordt
het zand gekoloniseerd door mossen, daarna kunnen andere planten zich vestigen
waarvan de zaden zijn verspreid door de wind of door de uitwerpselen van vogels.
Maar de bioloog begrijpt ook wel dat Havenbedrijf en aannemer daar het geduld
niet voor hebben. Er is ook geen meetlat nodig om vast te stellen dat dit
proefveldje zand heeft verloren in de afgelopen twee maanden. En dan moet het
stormseizoen nog beginnen. Andeweg loopt zijn meetstaven na en komt tot de
conclusie dat er gemiddeld 5 centimeter zand is verdwenen. Dan is het derde
veldje aan de beurt. Ook dat maakt op het eerste gezicht geen erg vitale indruk.
Maar als de stadsbotanicus door de knieën gaat stelt hij vast dat er wel
degelijk heel wat plantjes zijn ontkiemd. Dit is ook het veldje waar het meeste
reliëf is ontstaan. Rondom de ingefreesde plantenvezels zijn kleine
stuifduintjes gevormd. Dat biedt hoop. Gemiddeld is het zandniveau bovendien
exact even hoog als na aanleg. Als dat zo doorgaat zou het zomaar een serieus
alternatief kunnen worden voor het Europoortmengsel. Andeweg kijkt even door
zijn verrekijker naar een zwerm trekvogels. Via de Maasvlakte zijn ze op weg
naar Afrika. Dan kunnen de veiligheidsschoenen weer uit en mag de helm weer af.
Over een maand volgt een nieuwe meetronde. Dan hijst andeweg zich opnieuw in de
kleding die zo vreemd aanvoelt voor een bioloog.

Voordurend op de vlucht voor schimmels

Voor Maasvlakte 2 is gras naast zand een belangrijke bouwsteen. Voor de
binnenkant van de zachte zeewering zoekt Havenbedrijf Rotterdam een mengsel dat
ecologisch interessanter is dan de vertrouwde Europoortmix.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels