nieuws

Dimmen openbare verlichting verdient zich terug

bouwbreed

De techniek om openbare verlichting energiezuinig te maken is er, evenals de producten. Henk de Hartog, directeur van dimmerspecialist Maiken Systems uit Kesteren, houdt een warm pleidooi voor het dimmen van openbare verlichting.

De begrippen openbare verlichting, duurzaamheid en energiebesparing liggen
voor De Hartog nog niet in elkaars verlengde. “Rijk, provincies en gemeenten
voeren vaak elk een eigen beleid voor de openbare verlichting”. En: “Maatregelen
worden zelden getoetst”. Metingen kunnen bijvoorbeeld uitwijzen dat een
ledarmatuur soms meer verbruikt dan de oorspronkelijke straatlamp. De Hartog is
warm voorstander van dimmen van licht. “Het vermindert het energieverbruik
zonder dat het ten koste gaat van de verkeersveiligheid.” De gedimde lampen
zorgen immers voor een gelijkmatige verlichting van de weg en de directe
omgeving. Onderzoek leert hem dat de verlichting van verkeerswegen zonder
problemen op bepaalde momenten van de dag op 20 of 30 procent kan branden. “In
de kleine uurtjes kan zij zelfs uit”. “Dimmen verdient zichzelf binnen redelijke
termijn terug”, meent De Hartog. Als voorbeeld neemt hij dimmers van zijn eigen
bedrijf. Het type SLM kost ongeveer 45 euro. Inbouw van een lamp van 36 watt
kost ruim 10 euro. “De investering van 55 euro is in circa 5,5 jaar
terugverdiend, afhankelijk van het dimscenario”. De inbouw van een lamp van 400
watt kost iets meer, maar kan binnen een half jaar terugverdiend zijn. Dimbare
elektronische voorschakelapparaten kunnen nog voor extra kosten zorgen.

Korter

De stelregel wil dat de terugverdientermijn korter wordt naarmate een lamp
een groter vermogen heeft. De mate van dimmen speelt uiteraard ook een rol. “De
directe besparingen worden zichtbaar in een lagere energierekening”, zegt De
Hartog. Indirect ziet hij meer voordelen: langere levensduur van de lampen en
minder kosten voor beheer en onderhoud. (Openbare verlichting voorzien van een
dimmer valt onder beheer en onderhoud.) Het milieu profiteert mee: er komt
minder CO2vrij en er is minder lichtvervuiling en lichthinder. Maar, zegt De
Hartog, “Gedimd openbaar licht botst met de NPR (Nederlandse Praktijk
Richtlijnen, red.), aanbevelingen van de Nederlandse Vereniging voor
Verlichtingskunde (NSVV) en het Politiekeurmerk”. Het zou de verkeersveiligheid
verminderen en de sociale veiligheid bedreigen. “Mede daardoor schijnt er teveel
licht op de verkeerswegen.” Rijkswaterstaat bijvoorbeeld laat volgens hem steeds
vaker een lamp van 250 of zelfs 400 watt draaien in een armatuur die tot voor
enkele jaren een lamp van maximaal 150 watt bevatte. Toch houdt De Hartog een
pleidooi voor dimmen van de openbare verlichting, dat volgens hem een onderdeel
moet zijn van gestructureerd beleid. De praktijk leert hem dat er tussen beleid
en uitvoering/realisatie nog een wereld van verschil zit. Hij ziet dat
bijvoorbeeld bij toepassing van nieuwe telematicatechnieken die de dimmers
regelen. “Veel installateurs zijn daar nog niet op voorbereid. Het is een hele
uitdaging om deze kennis over te brengen bij installateurs, adviesbureaus en
beheerders.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels