nieuws

VROM veroorzaakt probleem door gebrek in overgangsregeling Wabo

bouwbreed Premium

Vorige zomer schreven advocaten Anne-Marie Klijn en Valentijn Leijh in Cobouw over de verwarring rond de status van een artikel 19 WRO-vrijstelling onder de nieuwe Wet ruimtelijke ordening, die sinds 1 juli 2008 geldt. Met de invoering van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) op 1 oktober 2010 zal opnieuw grote onduidelijkheid ontstaan over een overgangsregeling. Dit keer voor een separaat projectbesluit. Bij een separaat projectbesluit is de bouwvergunning van het projectbesluit gesplitst. De bouwvergunning wordt dan later aangevraagd en verleend dan het projectbesluit.

Hoe wordt dit probleem veroorzaakt? Door artikel 1.5 van het overgangsrecht
van de Wabo. Dit artikel is namelijk zo geformuleerd dat een projectbesluit pas
gelijk wordt gesteld met een omgevingsvergunning indien dit projectbesluit ook
in werking en onherroepelijk is voor 1 oktober 2010. De wettelijke systematiek
en de jurisprudentie die we nu kennen sluiten hier niet op aan. Indien een
projectbesluit gesplitst wordt van een bouwvergunning, staan namelijk in het
kader van de bouwvergunning nog rechtsmiddelen open tegen het projectbesluit.
Dat projectbesluit is niet zelfstandig appellabel. Het projectbesluit wordt dus
pas onherroepelijk in het kader van het bezwaar of beroep tegen de
bouwvergunning. Als de bouwvergunning na 1 oktober 2010 wordt aangevraagd, zal
het projectbesluit dus nooit voor 1 oktober 2010 onherroepelijk kunnen worden.

Het Ministerie van VROM stelt daarom voor vanaf nu niet meer te werken met
separate projectbesluiten of te zorgen dat met een aanvraag voor een
projectbesluit ook gelijktijdig een (eerste fase) bouwvergunning wordt
aangevraagd. Deze voorstellen bieden geen afdoende oplossing. Er bestaan
namelijk al separate projectbesluiten en deze worden ook nog steeds aangevraagd.
De voorstellen die VROM aandraagt miskennen dan ook de praktijk. Juist in deze
tijd van economische recessie zou VROM moeten voorkomen dat door procedurele
redenen, in dit geval gebrekkig overgangsrecht, opstartende bouwprojecten worden
belemmerd.

Wat moet er wel gebeuren? Wij hebben een aantal voorstellen voor de
aanpassing van het overgangsrecht. Als eerste mogelijkheid kan gedacht worden
aan een zelfde soort constructie zoals die is ingevoerd voor de artikel 19
WRO-vrijstelling. Een omgevingsvergunning voor het bouwen na 1 oktober 2010 die
ziet op een projectbesluit voor 1 oktober 2010 zou volgens het oude recht
afgehandeld moeten worden. Uiteindelijk zou daarna gelijkstelling met de
omgevingsvergunning plaats kunnen vinden. Een tweede mogelijkheid is een
projectbesluit van voor 1 oktober 2010 aan te merken als een eerste fase
beschikking in de zin van een gefaseerde omgevingsvergunning. Bij de derde
mogelijkheid wordt het overgangsrecht zo gewijzigd dat het moment van
gelijkstelling van het projectbesluit met de omgevingsvergunning bij verlening
komt te liggen in plaats van te wachten tot het projectbesluit
onherroepelijkheid is geworden. Ten slotte is een vierde mogelijkheid dat bij
een omgevingsvergunning voor bouwen na 1 oktober 2010 nog opgekomen kan worden
tegen het projectbesluit. Bij de twee laatst genoemde mogelijkheden lopen oud en
nieuw recht echter door elkaar heen tijdens de rechtsbescherming. Dit zou juist
weer voor meer onduidelijkheid en rechtsonzekerheid kunnen zorgen. Dit alles
maakt in ieder geval duidelijk dat VROM zo snel mogelijk aan de slag moet met de
reparatie van dit overgangsrecht!

Fleur Spijker en Charlotte Pasteuning
Advocaten bij de Overheidspraktijk van Boekel De Nerée N.V. te Amsterdam

Reageer op dit artikel