nieuws

De terugblik pier scheveningen Van Wandelhoofd tot Pier

bouwbreed Premium

Voor de kust van Scheveningen weerklonk vijftig jaar geleden een voortdurend gedreun van heimachines. Midden in zee sloeg de Hollandsche Beton Maatschappij (HBM) palen voor een nieuwe pier. De bouwer zou de nodige tegenslagen ontmoeten.


Al in 1901 had Scheveningen een fraaie 380 meter lange pier – Wandelhoofd Wilhelmina – die in samenhang met het Kurhaus was ontworpen. Maar die sneuvelde in de Tweede Wereldoorlog. De flaneerboulevard veranderde eerst in een plek waar, volgens Kurhaus-directeur Adama Zijlstra “blonde Germanen zich tegoed deden aan enorme porties slagroom”.
In 1941 zetten de bezetters er een grimmig afweergeschut op en hakten stukken uit het wandeldek. Toen twee jaar later koukleumende wachtposten het Pierpaviljoen per ongeluk in brand staken, besloten de Duitsers de hele constructie te slopen: zo zou een eventuele invasiemacht er ook geen gebruik meer van kunnen maken.
Na de oorlog wilde de Exploitatie Maatschappij Scheveningen de verdwenen publiekstrekkers zo snel mogelijk nieuw leven inblazen. Dat resulteerde in een modernistisch concept van architectenbureau Maaskant, Dijk & Apon. Beton, metselstenen en staal kwamen in de plaats van het vroegere hout en gietijzer. Het complex werd tweemaal zo groot als de oude pier. De eerste paal werd in 1959 op het strand geslagen. In 1960 begon het werk op zee. Dat was een attractie op zich. Speciale heistellingen sloegen palen die in lengte varieerden van 13 tot 23 meter.
Het heiwerk had haast, want het moest af zijn voor het stormseizoen. Groot was dan ook de ontzetting toen op 28 juni totaal onverwacht een noordwesterstorm opstak. Op 29 juni bezweek een hulpconstructie onder het natuurgeweld, waarna een 100 ton zware Menck heistelling in zee stortte. Twee kleinere heistellingen volgden. Toch wist HBM met nieuwe heimachines, die met betonnen hulpconstructies en in volcontinudienst werkten, de klus alsnog te klaren.
Na de opening door prins Bernard in 1961 draaide de pier een jaar of vijftien goed, waarna verval intrad. Niet alleen in bezoekersaantallen, maar ook technisch.
De zieltogende publieksattractie kwam in 1991 voor het symbolische bedrag van 1 gulden in handen van het Van der Valk-concern. Dat investeerde onder meer in renovatie van de zwaar aangetaste betonkolommen onder het wandelhoofd, renoveerde de betonconstructie onder het zonne-eiland en de uitkijktoren en realiseerde diverse nieuwe functies op de constructie. Het bleek allemaal niet voldoende. Afgelopen jaar kondigde de gemeente Den Haag een nieuwe metamorfose aan. Hoe het grote publiek de pier weer moet ontdekken? Door toevoeging van onder meer een aanlegsteiger voor jachten en watertaxi’s, een zeewaterzwembad en een reuzenrad.

Reageer op dit artikel