nieuws

‘Veranderende bouw vraagt om andere attitude’

bouwbreed Premium

Het leer-werktraject op hbo-niveau van het kennis- en opleidingsinstituut van de civiele betonbranche Civilion gaat deze zomer van start. De eerste jaargang biedt plaats aan twintig studenten.

Directeur Frank Fiers verwacht in de nabije toekomst een grote behoefte aan
nieuw uta-personeel vanwege de grote veranderingen die de sector ondergaat. “De
verhouding tussen bouwvakkers en uta-personeel zal sterk verschuiven in de
richting van uta.” Gebruikelijk bij grote projecten, weet hij, was dat een
aannemer op pakweg 150 mensen “buiten” er misschien twintig “binnen” had. “Bij
de aanleg van de hsl en de Betuweroute zagen we het aandeel uta flink toenemen,
en die ontwikkeling zet door. Het zal eerder 70 procent binnen worden en 30
procent buiten.” Bij de hoofdaannemer althans, want de uitvoering “buiten”
gebeurt voor een groot deel door “mensen van onderaannemers of anderszins
ingeleende krachten”. Nieuwe contractvormen zoals pps en design & construct
doen hun intrede en stellen nieuwe eisen aan opdrachtnemers en dus ook aan hun
medewerkers, verklaart Fiers. Behalve de benodigde extra kennis is in veel
gevallen een andere attitude nodig: meer gericht op samenwerking en
communicatie. Het is een houding waaraan het in de sector vaak zou ontbreken.
Logisch vindt hij want oorspronkelijk telde alleen de vaardigheid om de laagste
prijs te kunnen bieden. Een kunstje, dat steeds minder volstaat. “Je moet in de
toekomst je winst zien te maken in de werkvoorbereiding. Dan kun je faalkosten
voorkomen. Het is een heel verschil als je dertig jaar verantwoordelijk wordt
voor een bouwwerk. Dan kan het interessant worden om duurder en beter te bouwen
met als resultaat lagere kosten op de langere termijn voor onderhoud en
exploitatie.”

Uitdagend

De trend is uitdagend en maakt de bouw interessanter om in te werken, vindt
de Civilion-man. Daarvan moet hij jongeren overtuigen. Want de aanvoer op de
arbeidsmarkt van hts’ers bouwkunde en civiele techniek is landelijk slechts een
paar honderd man per jaar. Daarmee zal de bouw volgens hem niet uitkomen. Deze
zomer gaat de nieuwe, praktisch gerichte hbo-opleiding van start. In
samenwerking met de Hogeschool Arnhem-Nijmegen (HAN) is de Civilion Academy
opgericht, het zusje van Civilion Construct. Dat leidt op mbo-niveau de civiele
betontimmerlieden op. Fiers: “We willen geen mensen werven die al voor hbo
civiele techniek hebben gekozen. De bedoeling is een soort van zijinstroom te
creëren om onze kweekvijver te vergroten.” De praktische insteek van Civilion
Academy moet de doelgroep over de streep trekken. Het leer-werkprogramma bestaat
uit vier weken werken bij een bedrijf en één week naar school. Civilion heeft in
Mierlo een campus met schoolgebouwen en een logeergebouw. Daar kan – maar het
hoeft volgens Fiers niet altíjd daar te gebeuren – de schoolweek plaatsvinden.
Ook leerling-betontimmerlieden van Civilion Construct brengen hier hun
schoolweken door.

Voordeel

De schoolweken zijn goed voor de ontwikkeling van een onderlinge band. Een
groot bijkomend voordeel in de ogen van Fiers. “De leerlingen brengen de hele
week met elkaar door. Ze leren elkaar beter kennen dan door een dag per week op
school zoals bij andere opleidingsbedrijven. Ze vormen jaargangen en dat worden
later netwerken waaraan ze veel hebben. Dat zien we bij Construct en die slag
willen we ook maken met de Academy.”

‘Kansen voor familiebedrijf’

Nieuwe contractvormen met elementen als pps en combinaties van ontwerpen,
bouwen, beheer en onderhoud vormen een groot risico voor de aannemerij die
traditioneel is ingesteld op het uitvoeren van bestekken tegen een zo laag
mogelijke prijs, stelt directeur Frank Fiers van Civilion, het kennis- en
opleidingsinstituut voor de betonbranche. “Je zult te maken krijgen met veel
nieuwe actoren: van bewoners tot banken en financiers. Het is waar de aannemerij
aan zal moeten maar deze manier van werken gaat wel gepaard met enorme kosten en
risico’s. Dat zal lastig zijn voor grote NV’s, met aandeelhouders die staan op
rendement. Familiebedrijven kunnen bij een nieuwe aanpak makkelijker zeggen: ik
accepteer voorlopig een verlies want over twee jaar is dit een groeimarkt en dan
zijn wij er tenminste klaar voor.”

Reageer op dit artikel