nieuws

Bestuurder behoeft onafhankelijke blik

bouwbreed Premium

We worden de laatste jaren overspoeld met uit de hand gelopen infrastructuur- of gebiedsontwikkelingsprojecten

De onvrede bij burgers en bestuurders groeit. Hoe kan het toch dat het telkens mis gaat, en belangrijker: hoe is dat te voorkomen?


Herhaalde budgetoverschrijdingen, incompetente projectorganisaties, haperende technische innovaties, verkeerde marktinzichten, eindeloze bezwaren op bestemmingsplannen bij de Raad van State, scopewijzigingen door nieuwe beloften van bestuurders en ga zo maar door. Denk ook aan projecten als de Betuweroute, de HSL-Zuid, de Noord-Zuidlijn, de A4 Midden-Delfland, de 2e Maasvlakte, de Rotterdamse blunderput, SS Rotterdam en de Haagse tramtunnel …
En dat terwijl bestuurders snoeihard aan de kar trekken. Ze spannen zich tomeloos in om bouwprocedures te verkorten of te vereenvoudigen en om beslissingen om te starten zo snel mogelijk door de gemeenteraad of de Kamer te loodsen. Minister Eurlings met zijn spoedwetprojecten is daar een goed voorbeeld van. Daartegenover staan belangenorganisaties die projecten net zo hard terug te duwen: milieuorganisaties of bewoners die hun leefwaarde willen beschermen en voor- of achtertuin schoon willen houden. Bij de Tweede Maasvlakte heeft Milieudefensie de aanleg jaren tegengehouden.
Van de bestuurders wordt verwacht dat ze daadkracht tonen. Dat hebben ze immers hun kiezers beloofd. Toch valt menig bestuurder over zijn eigen daadkracht heen. Er zijn nog nooit zoveel bestuurders- 2 burgemeesters en 55 wethouders- over bouwprojecten gestruikeld als in de gemeenteraadsperiode in de afgelopen vijf jaar. Het maakt dan niet eens uit of ze zelf direct invloed hadden op het project, de politieke afrekening is er evengoed. Denk bijvoorbeeld aan wethouder Tjeerd Herrema, verantwoordelijk voor de Noord-Zuidlijn. Hier zie je dat een bestuurder wordt afgerekend op het falen van het projectmanagement, terwijl hij natuurlijk geen professional is in het runnen van complexe ruimtelijke multifunctionele projecten. De eerste signalen van politiek gemor komen meestal ter sprake bij budgetoverschrijdingen, technische mankementen of volksoproer. Een nader onderzoek, bijvoorbeeld in de vorm van een projectaudit, maakt de misstanden zichtbaar. Maar dan is het vaak al te laat: ook al worden adviezen gegeven over hoe het project beter kan worden georganiseerd, de schuldigen worden indirect aangewezen en de bestuurder legt politiek het loodje.

Dadendrang

In zijn dadendrang is de bestuurder daarom gediend met een realistische onafhankelijke kijk op zijn project. In zijn streven alles simpel te houden vergeet hij maar al te vaak de procedures netjes en zorgvuldig te doorlopen. Er wordt bezuinigd op de plankosten waardoor plannen onvoldoende worden uitgewerkt en worden gecontroleerd. Belanghebbenden worden onvoldoende betrokken bij de ontwikkeling van de plannen, waardoor weerstanden groeien en niet gezocht wordt naar een win-winsituatie. De gedachte leeft nog altijd dat dit soort projecten simpel moeten worden gehouden.
Hoe kan een bestuurder zijn projecten beter beheersen? Het antwoord is simpel: projecten moeten veel integraler worden ingericht. Willen we duurzaam bouwen, willen we voor de gehele gemeenschap, voor alle belanghebbenden iets neerzetten voor de toekomst, willen we er allemaal van genieten, dan zullen beslissingen zorgvuldig moeten worden voorbereid. We zijn hier ook toe in staat. Uitvoerders kunnen veel efficiënter gebruikmaken van de huidige informatie- en communicatietechnologie die ons helpt om snel inzichten te krijgen, ons helpt om snel te kunnen rekenen en om snel partijen bij elkaar te krijgen. En het helpt de private markt om effectief oplossingen te genereren en snel te kunnen rekenen. Alle tijd die over is, kan worden ingezet om zorgvuldig besluiten te nemen.
Sommige projectorganisaties doen dit al. Bij Rijkswaterstaat bijvoorbeeld waait een gezonde wind. Er is allang geen sprake meer van de mentaliteit ‘uit de weg iedereen, wij gaan hier bouwen’. In de projectplannen zit een integrale publieksgerichte aanpak met buurtbijeenkomsten en rondetafelgesprekken met individuen en ondernemers. Dit zijn de nieuwe disciplines die de technici bijstaan.

Decentraal

Bij de decentrale overheden, waar grote, complexe projecten steeds vaker voorkomen, is er nog weinig ervaring met de hedendaagse aanpak. Bovendien worstelen ze vaak met de organisatie van het project. Met een effectieve verdeling van verantwoordelijkheden van bestuurders, lijnorganisatie en ingehuurde professionals. Daarom zouden bestuurders erop moeten toezien dat het doel, het plan van aanpak, de projectorganisatie, risicoanalyses en de informatietechnologie al voor de start van een project zijn getoetst. Hier geeft een onafhankelijke projectaudit bij de aanvang van een project haar plannen, organisatie en haar management de juiste richting. Blinde vlekken komen dan boven water. Het helpt om risico’s realistisch in te zien vanuit een niet-verkokerde cultuur en het helpt om processen zorgvuldig en verantwoord te volgen.
Dit voorkomt dat bestuurders politiek losgesneden worden van het project waar ze zo hard aan trokken.
Consultants bij Balance Ervaring Op Projectbasis
www.balance.nl

Reageer op dit artikel