nieuws

Vinding kan beter worden benut

bouwbreed Premium

De bouw wordt vaak gekenschetst als een industrietak, waar niets innovatiefs gebeurt

Dit is een onbegrijpelijke en onjuiste opvatting, stelt Monika Chao.Om te beginnen zien we in Nederland architectuur verschijnen van wereldklasse. Het bouwmanagement onderwijs, gebaseerd op bouwkundig of civieltechnisch onderwijs leert toekomstige bouwmanagers de nieuwste management technieken. Het bouwcontractenrecht en de geschilbeslechting zijn voorbeelden voor het recht in andere industrietakken. En wie ziet met hoe weinig mensen bouwwerken tot stand komen, ziet gelijk hoe groot de innovatie op de bouwplaats is. Maar er is nog meer. Niet genoemd in dit rijtje zijn de technische innovaties die octrooieerbaar zijn. Dergelijke vindingen worden namelijk ook gedaan in de bouw en niet alleen in de laboratoria van de grote producenten van olie, elektronica of farmaceutische producten. Wat gebeurt er normaliter met die vindingen, wie heeft daar profijt van? Als een vinding zich leent voor octrooi kan dat aangevraagd worden. Wie kan dat octrooi aanvragen? En wie kan er de financiële vruchten van plukken? De wetgeving op het gebied van intellectuele eigendom (de verzamelnaam waaronder o.a. het octrooi- , auteurs- en modelrecht vallen) maakt het mogelijk dat de financiële vruchten geheel of ten dele ten goede komen van een ander dan de uitvinder. Dat kan heel redelijk zijn, indien bijvoorbeeld een ander het fysiek mogelijk maakte dat een uitvinding werd gedaan. Maar het kan soms ook onredelijk uitpakken, indien bijvoorbeeld het leeuwendeel van het werk en het creatieve denken alsmede mogelijk ook nog de financiën van de bedenker komen. Als die dan niet zijn ‘eerlijke deel’ krijgt, kan die persoon wel eens op zijn uitvinding blijven zitten, waardoor innovatie verloren gaat. Hetzelfde geldt indien de rechten op een vinding toekomen aan iemand, die het vervolgens op de plank legt en er nooit meer gebruik van maakt. Om aan deze problemen, die deels gecodificeerd zijn in onder andere veel gebruikte algemene voorwaarden, het hoofd te bieden heeft CROW het initiatief genomen om te komen tot vernieuwing op dit gebied. Om te beginnen is op 7 november 2007 het convenant Intellectueel Eigendom ondertekend tezamen met Rijkswaterstaat, Bouwend Nederland, NLIngenieurs, het Octrooicentrum Nederland en CROW zelf. Maar er is meer. Onlangs verscheen het boekje ‘Samen werken aan innovatie, open licenties in de gww’, waaraan genoemde organisaties ook meewerkten. In dit boekje wordt uiteengezet hoe het juridisch zit met intellectuele eigendom. Dat maakt deze publicatie al de moeite waard, maar wat vooral van belang is, is de boodschap die er in vervat is. Er wordt een gefundeerd pleidooi in gehouden voor het bereiken van een beter evenwicht tussen betrokken partijen: met name de opdrachtgever op wiens werk een octrooieerbare vinding wordt gedaan en de opdrachtnemer die het creatieve inzicht had, waardoor een octrooieerbare vinding gedaan is. In grote lijnen is het de bedoeling dat in de toekomst rechten op vindingen gedaan door de opdrachtnemer tijdens het werk bij deze blijven, maar dat de opdrachtgever wel het recht krijgt deze vinding te herhalen zij het tegen een af te spreken royalty. Op deze manier kunnen beide partijen de vinding ten volle benutten en is het intellectuele eigendomsrecht geen rem op innovaties maar juist een stimulans. Dit is maar één situatie die zich voordoet bij intellectuele eigendom. Er zijn meer situaties die een betere regeling behoeven dan thans voor handen is. Daarom heeft CROW nog een initiatief genomen tot de wijziging van de UAV-GC 2005 op het punt van de intellectuele eigendom (par. 40 UAV-GC 2005). Daar wordt op dit moment hard aan gewerkt met een werkgroepje waarin wordt deelgenomen door het Octrooicentrum, Rijkswaterstaat, Bouwend Nederland, Movares en de wetenschap (VU en IBR). Daar gaat volgend jaar wat moois uit komen. Tot die tijd biedt deze publicatie heel veel informatie en aanwijzingen hoe daar op een goede manier, die recht doet aan de innovaties en aan de betrokkenen met dit onderwerp, nu al mee om te gaan.


ISBN:978 90 6628 535 4
Aantal pagina’s: 88, € 48,00

Reageer op dit artikel