nieuws

‘De bouw komt erachter dat niet alles altijd vanzelf gaat’

bouwbreed Premium

‘De bouw komt erachter dat niet alles altijd vanzelf gaat’

Met een track-record om van te smullen, kijkt Eric Krul tevreden terug op zijn tijd bij Janssen de Jong. Alleen dat laatste jaar, vol fraude-ellende, had hem gestolen mogen worden. “Maar het positieve overheerst toch.”

Onder leiding van topman Eric Krul(68) groeide Janssen de Jong uit tot de
negende aannemer van het land. Volgende week zwaait hij af, na 16 jaar aan het
roer te hebben gestaan. “Ik was niet gestopt als het bedrijf nog in brand
stond.”

Krul maakte in 1993 de overstap naar Janssen de Jong. Daarvoor werkte hij 26
jaar voor HBG en 2 jaar voor Ballast Nedam. “Ik kende Janssen de Jong destijds
slechts oppervlakkig”, vertelt hij in zijn inmiddels opgeruimde werkkamer op het
hoofdkantoor in Son en Breugel. “Maar toen ik werd gepolst, werd ik toch wel erg
nieuwsgierig. Ik ben me gaan verdiepen in het bedrijf en raakte enthousiast.
Nette club, prettige omgangsvormen, goede mensen.” Vier maanden na binnenkomst
werd Krul al benoemd tot bestuursvoorzitter. “Dat verraste me”, bekent hij.
“Eindverantwoordelijkheid trok me wel, maar daar was ik op zich niet voor naar
Janssen de Jong gekomen. Maar goed, zo was het ook niet de bedoeling dat ik
uiteindelijk mede-eigenaar van het bedrijf zou worden.” Dat gebeurde wel. In
2001 besloot de familie Janssen om uit het bedrijf te stappen. De bouwer dreigde
daardoor in handen te komen van een andere grote bouwer, tot ongenoegen van
Krul. Vier weken kreeg hij om een management buy-out te regelen. “Dat lukte
wonderwel. Met investeringsmaatschappij Gilde en een aantal collega’s hebben we
Janssen de Jong toen overgenomen.” In de jaren die volgden verwierven Krul en
consorten een steeds groter belang. In 2006 kregen zij het bouwbedrijf volledig
in handen. Na zijn terugtreden blijft Krul grootaandeelhouder. Plannen om zijn
belang te vervreemden, heeft hij niet. “Als ik dan toch beleg, dan het liefst in
het mooiste bedrijf van Nederland.”

Succesfactor

Onder leiding van Krul groeide Janssen de Jong in zestien jaar naar de top
van de Nederlandse bouw. De omzet werd in stappen opgevoerd van 150 miljoen naar
bijna 600 miljoen euro. Het rendement werd daarbij niet vergeten. Sterker nog,
Janssen de Jong presteert al jaren bovengemiddeld, met marges van tussen de 4 en
5 procent. De scheidend topman schrijft het succes toe aan de strategische
keuzes die in het verleden zijn gemaakt. Zo werd eind vorige eeuw besloten om de
betonbedrijven af te stoten en te gaan investeren in systeembouwactiviteiten.
Specialisten Hercuton en Hafcon werden ingelijfd. “Dat zijn goede besluiten
geweest”, zegt Krul met gevoel voor understatement. De echte succesfactor is
volgens hem echter het personeel. “De juiste man op de juiste plek. Daar gaat
het uiteindelijk om. Dat vereist voortdurend selecteren, motiveren en stimuleren
van de mensen. Bij Janssen de Jong krijgen de werknemers grote mate van
zelfstandigheid, ruimte om te ondernemen. De organisatie is ook niet, zoals bij
veel bouwbedrijven, top-down gericht, maar juist bottom-up. Dat heeft zijn
vruchten afgeworpen.” Net als vrijwel alle bouwondernemingen ondervindt ook
Janssen de Jong momenteel hinder van de economische crisis. Vorige week werd
bekend dat bij de infradivisie 87 arbeidsplaatsen verdwijnen. Vervelend, vindt
Krul, maar geen reden tot paniek. “Ik heb vaker een crisis meegemaakt. In de
jaren tachtig. Maar ook begin jaren negentig, toen ik net bij Janssen de Jong
zat. De bouw zat toen in een forse dip. Wij leden verliezen van 26 miljoen
gulden, herinner ik me. Het heeft er toen zelfs nog wel even om gespannen.” Daar
is nu geen sprake van, benadrukt Krul. Janssen de Jong heeft voldoende vet op de
botten. “Maar 2009 en 2010 zijn wel moeilijke jaren. Zeker voor de bedrijven die
alleen in commercieel vastgoed en woningbouw zitten. Ik prijs me gelukkig dat
wij ook nog andere activiteiten aan boord hebben.” Krul ziet overigens ook nog
wel positieve kanten aan de crisis. “De bouw komt erachter dat niet alles altijd
maar vanzelf gaat. In dat opzicht werkt de recessie louterend. En misschien
leert de sector er ook nog wat van. In de projectontwikkeling is duidelijk
geworden dat meer voorzichtigheid geboden is. Iedereen heeft geïnvesteerd in
grondposities voor de langere termijn in de veronderstelling dat de gewenste
plannen uiteindelijk zouden worden gerealiseerd. Er is geen rekening mee
gehouden dat die situatie ook eens kan veranderen.”

Fraude

Veel meer dan met de crisis, zit Krul in zijn maag met de fraudeaffaire rond
het wegenbouwbedrijf van Janssen de Jong. Justitie verdenkt enkele – inmiddels
ontslagen – werknemers van de bouwer van omkoping. De Nederlandse
Mededingingsautoriteit (NMa) speurt naar verboden prijsafspraken. Krul is nog
altijd met stomheid geslagen. “Ik had niet kunnen bedenken dat dit kon
gebeuren”, zegt hij. Daarbij doelt hij niet alleen op frauduleuze praktijken
zelf, maar ook op de publiciteit die het Brabantse bedrijf ten deel is gevallen.
“Ik wil de zaak zeker niet bagatelliseren, maar de wijze waarop het is opgepakt
door enkele kranten, doet geen recht aan de realiteit. Het doet pijn dat het
bedrijf waar ik zo trots op ben en waar mijn DNA in zit, zo te kijk is gezet.”
Krul stak dit jaar noodgedwongen bijna al zijn tijd en energie in de affaire.
Harde maatregelen schuwde hij niet: de ‘besmette’ vestiging in Meerssen werd
gesloten, een aantal verdachte werknemers de laan uitgestuurd. Interne
controlesystemen werden aangescherpt. “Er is een bedrijfscode opgesteld die
verder gaat dan welke code in de bouw dan ook. Daarin zijn eisen ten aanzien van
integriteit, duurzaamheid, kwaliteit én veiligheid vastgelegd. Trendsettend.” Nu
de ‘brand’ goeddeels is geblust, kan Krul met een gerust hart terugtreden. “Of
het aanstaande vertrek me zwaar valt? Integendeel. Ik vind het wel mooi zo. Ik
zie het ook als een natuurlijk proces. Je maakt plaats voor de jongere garde.
Bovendien heb ik straks nog genoeg te doen. Ik treed toe tot de raad van
commissarissen. Daarnaast ga ik eens kijken of ik een maatschappelijke bijdrage
kan leveren.” Wat dat laatste betreft: Krul is in Zuid-Afrika via de stichting
Run for Schools betrokken bij de bestrijding van armoede en criminaliteit. Vol
passie: “We leggen kunstgrasveldjes aan zodat kinderen daar na school opgevangen
kunnen worden met sport en spel. Zo hopen we ze uit de criminaliteit te houden.
Daar blijf ik me voor inzetten. Dat is ook het mooie van zakendoen: ik kan nu
echt iets bijdragen aan dit soort initiatieven.”

Reageer op dit artikel