nieuws

Waterkering van modern doek sterk genoeg

bouwbreed

Het Rijnmondgebied is te beschermen tegen hoogwaterafvoer van de rivieren met een waterkering van enkelzijdig doek

Moderne kunststoffen maken een waterstandsverschil van meerdere meters in een parachutekering mogelijk.
Dat blijkt uit het onderzoek waarop Floris van der Ziel afstudeerde aan de TU Delft. De civieltechnicus is een van de eerste afstudeerders van het Climate Adaptation Lab van de TU Delft, dat interdisciplinaire oplossingen zoekt voor de gevolgen van klimaatverandering.
Voordeel van een parachutekering vergeleken met bijvoorbeeld een balgstuw is volgens Van der Ziel dat er geen ingewikkelde betonnen bak nodig is op de bodem van de vaargeul waarin het doek opgevouwen ligt als de kering niet in functie is. Niet alleen is zo’n bak lastig te maken, op de bodem van het water blijft het doek kwetsbaar voor beschadigingen. De parachutekering kan in zijn geheel naar één oever worden geschoven, waar hij in een speciaal gebouwtje wordt bewaard. Zodra hij nodig is ontplooit hij zich min of meer vanzelf, onder druk van het water. Daarvoor is het alleen nodig dat hydraulische cilinders aan beide oevers de geleidingslijnen in de juiste positie brengen.
Over waterkeringen van doek wordt al langer gedacht, weet Van der Ziel. Zijn afstudeerhoogleraar Han Vrijling testte twintig jaar geleden in het waterloopkundig laboratorium al eens een schaalmodel voor een spinnakerkering met een lengte van 56 meter. Van der Ziel rekende een model door bestemd voor de Merwede, die plaatselijk 210 meter breed is. Door betere kunststoffen kan hij met de helft van het materiaal bijna een vier maal zo brede watermassa tegenhouden.
Van der Ziel rekende bijvoorbeeld niet met staalkabels, maar met kabels van dyneema-vezels. Die zijn veel lichter dan staal en onderhoudsvrij in een vochtig milieu. Bovendien zijn ze veerkrachtiger zodat ze fraai de piekspanningen afdempen. Van der Ziels oplossing om het Rijnmondgebied te beschermen pakt uiteindelijk zeker 30 procent goedkoper uit dan een stalen deur.
In zijn droomoplossing zou Van der Ziel het doek onder een brug hangen. Dan worden mooi twee functies gecombineerd en is het doek gemakkelijk boven water te inspecteren. Inmiddels is de civieltechnicus aan de slag bij Royal Haskoning. Hoewel hij niet direct met parachutekeringen werkt, is hij wel met afgeleiden bezig. Zoals opvangconstructies van kunststof netten die sluisdeuren beschermen tegen aanvaringen door scheepvaart. Sowieso verwacht hij zich in zijn advieswerk sterk te maken voor toepassing van meer kunststoffen in de waterbouw.

Reageer op dit artikel