nieuws

Meningen verdeeld over voorstel voor Aanbestedingswet

bouwbreed

In de Aanbestedingswet moet niet alles worden vastgelegd. Dat leidt alleen maar tot méér regelgeving en juridificatie. Dat stelt Tweede Kamerlid Mei Li Vos (PvdA).

“Het probleem met de Aanbestedingswet is dat partijen lijnrecht tegenover
elkaar staan”, reageert het Kamerlid op het wetsvoorstel waarover gisteren in
Cobouw is geschreven. “Het bedrijfsleven wil meer regels voor aanbesteden,
inkopers juist minder. Ik begrijp het wel, maar ik denk dat alles vastleggen
niet goed is. De praktijk moet zich ontwikkelen. We moeten leren samenwerken en
dat gebeurt niet als alles is vastgelegd.” Ook wijst Vos op de tegenspraak met
de klacht over de verhoogde regeldruk. “Er wordt veel gezeurd in Nederland.
Enerzijds willen we minder regels, maar nu wil het bedrijfsleven juist meer
verplichtingen. Ik ben bang dat de juridische haarkloverij zo alleen maar groter
wordt.”

TenderNed

Ook over de toekomstige rol van TenderNed zijn de meningen verdeeld.
Inkoopprofessor Jan Telgen is gematigd kritisch. “Het is bijzonder dat een nog
niet bestaand en nog niet getest systeem als verplichte applicatie wordt
aangewezen. Ik zie het nut er niet van in, aangezien een ander instrument de
aankondigingen al verzorgt. Het besluit welk systeem hiervoor het best geschikt
is, kun je daarom prima aan de markt overlaten.” Wel maakt hij onderscheid
tussen de aankondiging en de andere gewenste functies van de website. “De
koppeling met gegevens in databestanden van de overheid heeft juridische
implicaties, dus dat ligt ingewikkeld.” Vos kijkt daar anders tegenaan: “Het
klopt dat TenderNed een monopolie krijgt, maar het is wel erg handig. De
ontwikkeling van TenderNed is nu al bezig. Als blijkt dat TenderNed de
verwachtingen niet kan waarmaken, kan het systeem altijd nog worden aanbesteed.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels