nieuws

Vraag om steun

bouwbreed

Achtereenvolgende secretarissen-generaal van het ministerie van Economische Zaken geven hun visie op de economische ontwikkeling al een lange reeks van jaren in de nieuwjaarseditie van het economenblad ESB. De huidige secretaris-generaal Chris Buijink maakt hierop geen uitzondering. Het is altijd een interessante vraag of in het ESB-artikel uitsluitend de opinie van de auteur wordt weergegeven of dat de opvatting van het kabinet wordt gepresenteerd. Niet zelden kende het ministerie van Economische Zaken een secretaris-generaal die op zijn minst een flinke dosis eigen opvattingen in de tekst verwerkte. Wel konden in de meeste gevallen de betreffende bewindslieden met een paar afwijkingen van de geldende politiek lijn leven. Over de hoofdlijn moest uiteraard wel overeenstemming bestaan.

Achtereenvolgende secretarissen-generaal van het ministerie van Economische Zaken geven hun visie op de economische ontwikkeling al een lange reeks van jaren in de nieuwjaarseditie van het economenblad ESB. De huidige secretaris-generaal Chris Buijink maakt hierop geen uitzondering. Het is altijd een interessante vraag of in het ESB-artikel uitsluitend de opinie van de auteur wordt weergegeven of dat de opvatting van het kabinet wordt gepresenteerd. Niet zelden kende het ministerie van Economische Zaken een secretaris-generaal die op zijn minst een flinke dosis eigen opvattingen in de tekst verwerkte. Wel konden in de meeste gevallen de betreffende bewindslieden met een paar afwijkingen van de geldende politiek lijn leven. Over de hoofdlijn moest uiteraard wel overeenstemming bestaan.
Gaan we uit van deze overeenstemming dan bieden de woorden van Buijink weinig hoop voor het in vervulling gaan van de wensen van tal van belangenbehartigers in de bouw en andere bedrijfstakken. Voorlopig blijft het standpunt dat slechts een lichte achteruitgang in de economie zal worden geboekt en dat noopt natuurlijk niet tot stevig ingrijpen. De daling van het nationale product zou dan binnen 1 procent blijven. Centraal Planbureau (CPB) en ook internationale organen blijven tot nog toe bij een milde recessie.
In de naoorlogse periode is in Nederland maar in een handvol jaren sprake geweest van economische krimp en een daling van meer dan 2 procent is nooit voorgekomen. Weinig parameters wijzen op dit moment op een ontwikkeling die naderhand niet als een normale vaker voorkomende recessie zal worden geboekstaafd. Tegen deze achtergrond zal het kabinet niet snel neigen naar maatregelen die verder gaan dan het handhaven van de begroting en het aanvaarden van het daardoor waarschijnlijk optredende begrotingstekort. De steun aan het bankwezen is noodzakelijk om het monetaire systeem in het zadel te houden en op geen enkele wijze te vergelijken met steun aan afzonderlijke bedrijfstakken als zodanig.
Pleidooien door de vertegenwoordigers van de bouwwereld voor fiscale maatregelen en andere financiële tegemoetkomingen aan opdrachtgevers in de bouw zie ik niet gehonoreerd worden. Dit ondanks de vrij grote zekerheid dat de sector onevenredig getroffen kan worden, omdat een flink deel van de producten bestaat uit investeringen. En deze zijn meestal als eerste aan de beurt om on tijden van recessie te worden geschrapt of uitgesteld. Voor het investeren in woningen gelden weliswaar andere overwegingen dan voor bedrijfsinvesteringen, maar ook hier kiest de opdrachtgever voor een afwachtende houding.Probleem bij het treffen van ondersteunende maatregelen is de geringe efficiëntie. In plaats van maatwerk om daadwerkelijk uitgestelde projecten te activeren profiteert ook de bulk van de productie, die toch gewoon doorgaat, mee. Per saldo gaat er meer steun naar wat normaal toch doorgaat dan bij de extra productie die wordt gegenereerd.
De waarschuwing past dat pleidooien voor steun opdrachtgevers ten onrechte op de gedachte kunnen brengen dat ze beter even kunnen wachten.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels