nieuws

Verboden te bouwen, tenzij …

bouwbreed Premium

Grondwater wordt steeds vaker letterlijk zichtbaar. Maar onszelf omlaag blijven pompen, is niet meer uit te leggen. Peter de Putter pleit zelfs voor een verbod op bouwen op of in waterhuishoudkundig ongeschikte grond. Tenzij er anders wordt gebouwd.

Meebewegen met het water en klimaatbestendig bouwen zijn bekende kreten voor
de bouwwereld. Zo is meebewegen met het water, het grondwater inbegrepen, hard
nodig om het land nog bewoonbaar en leefbaar te houden. Dit ontkennen is vragen
om problemen. Meebewegen begint natuurlijk allereerst bij de locatiekeuze van
voorgenomen projecten, boven- en/of ondergronds. De beste plekken zijn echter,
waterhuishoudkundig bekeken, al lang vergeven. Wat mij betreft komt er, net
zoals er nu een verbod geldt op het bouwen op verontreinigde grond (met
Lekkerkerk destijds als aanjager), een verbod op het bouwen op of in
waterhuishoudkundig ongeschikte grond, tenzij er dusdanig wordt gebouwd dat er
geen problemen in de beheer- of gebruiksfase te verwachten zijn. Ofwel: een
verbod, tenzij…. Meebewegen met de nieuwste ontwikkelingen betekent ook dat
eerder wordt gekozen voor ophogen dan voor de aanleg van beheergevoelige
drainagesystemen. Dat kost een paar procent meer aan bouwkosten, maar herstel
door wateroverlast achteraf kost zeker het dubbele.

Ruimteclaims

In mijn optiek houdt naast de overheid ook de markt rekening met mogelijke
gevolgen van ruimteclaims voor de omgeving in verband met de kwaliteit hiervan,
de bewoonbaarheid en de volksgezondheid, teneinde problemen met de
waterhuishouding zoveel te voorkomen. Slaat u er de Grondwet maar eens op na
(artikel 21 en 22). Hierbij past dat vrij water zoveel mogelijk vrij water
blijft, voordat het wordt gevangen door ketens van multifunctionele buizen. Tijd
en geld hebben veel macht gekregen. We maken ons meer druk om kortstondig
economisch gewin dan om de vier leidende principes voor een langdurig gezond en
fijn leven: voldoende en schoon water, een schone bodem (aarde), frisse lucht en
een continue stroom aan energie. Die oude Grieken waren zo dom nog niet! Ik
geloof niet dat we de praktijk van het focussen op winst in plaats van op
continuïteit nog lang vol gaan houden. Terwijl ik toch al op de middelbare
school leerde dat een bedrijf in de eerste plaats naar continuïteit moet
streven, de winst is volgend. Nederland is in die zin ook gewoon een bedrijf:
streef naar welzijn, dan komt die welvaart vanzelf. Ons land ordenen, inrichten
en beheren binnen de vier aangehaalde elementen geeft daarvoor naar mijn idee de
beste garanties. In deze gedachte worden de vier elementen er niet achteraf –
als de plannen al lang klaar zijn – nog een beetje bijgehaald, maar zijn zij
kaderstellend voor al onze activiteiten. Ik zie sommigen fronsen, maar wellicht
glimmen de ogen weer op als ik wijs op de exportkansen van de noodzakelijke
nieuwe producten. We zijn immers niet de enigen met wateroverlastproblemen!

Grondwater als risicofactor

Grondwater is geen kleine jongen, het komt in grote hoeveelheden voor en
steeds vaker wordt het letterlijk zichtbaar. Zeker ook bij grotere projecten zie
je het grondwater als risicofactor opdoemen: gaten in de weg, verzakkingen,
zettingschade e.d. Daar waar het grondwaterpeil naar het maaiveld toekruipt, is
een fenomeen te zien dat zich niet verdraagt met het streven naar grotere
duurzame watersystemen: afzonderlijke wijken, zelfs afzonderlijke huizen worden
‘ingepolderd’. Voor de oudere steden en wijken kan het misschien ook echt niet
anders, het (grond-)waterpeil volgt hier nog altijd de gebruiksfunctie. Maar
voor nog op stapel staande projecten zal er toch echt wezenlijk anders gebouwd
moeten worden, het bouwrijp maken van gronden daaronder begrepen. Onszelf maar
omlaag blijven pompen met een beroep op het kunnen blijven wonen en werken, is
in de huidige tijd toch eigenlijk niet meer uit te leggen.

Reageer op dit artikel