nieuws

‘Onrust bij woning corporaties werkt louterend’

bouwbreed Premium

Koos Parie is extern toezichthouder bij de noodlijdende corporatie SGBB en was directeur bij onder andere Portaal, SWZ, de Nationale Woningraad en de SEV. Hij vindt dat er snoeihard moet worden ingegrepen bij corporaties waar het misgaat. “Maar doe niet alsof de hele sector verrot is.”


Dat minister Van der Laan na de miskleun van Woonbron en de vermeende zelfverrijking bij Rochdale de corporatiesector onder toezicht heeft gesteld, begrijpt hij wel. “Maar het is ook een Pavlov-reactie”, zegt Koos Parie. De ervaren corporatieman – hij loopt al 27 jaar in de volkshuisvestingswereld rond – herinnert zich misstanden bij corporaties in de jaren tachtig in Rotterdam, en midden jaren negentig in Den Haag en Enschede. Toen ging het om vastgoedhandel en speculatieve handel in rentederivaten. Corporatie-ellende borrelt soms op en dat is van alle tijden, meent Parie. Die affaires hadden altijd een zelfreinigend effect gehad op de andere corporaties. “Daardoor werden de andere corporaties alerter. Dat zie je altijd.”
Ook nu gaat er veel effect uit van alle commotie. “Het feit dat een heleboel commissarissen nu om zich heen kijken en denken: ‘O god, hebben wij dat wel goed voor elkaar? En nemen wij zelf ook niet te veel risico?’; dat werkt veel louterender dan het instellen van toezicht door de overheid.”

Populistisch

Hij heeft niet veel op met de salarisdiscussie die nu in Den Haag wordt gevoerd. “De discussie wordt er met de haren bijgesleept. Er wordt wel heel erg populistisch over gedaan. De salarissen van corporatiedirecteuren zouden omhooggesprongen zijn. Maar als je zo kijkt dan kun je ook zeggen dat de salarissprong van sommige Tweede Kamerleden van studiefinanciering naar een salaris voor volksvertegenwoordigers ook wel erg groot is”, sneert hij. Sinds de Izeboud-regeling (salarisregeling voor corporatiebestuurders – red.) zijn de salarisafspraken immers goed geregeld, vindt Parie.
Begrijp hem goed, hij vergoelijkt de misstanden niet. De missers houden de corporaties zelf ook bezig, verzekert Parie. “De verontwaardiging in de sector zelf is ook heel groot. Maar we moeten niet dramatiseren. Niet de hele sector is rot. Daar waar het misgaat moet er snoeihard worden ingegrepen. Hoe? Er moet goed worden onderzocht op welke plekken precies iets mis is gegaan. En bestuurders moeten er niet mee weg kunnen komen met de tekst: ‘Wij zijn niet goed geïnformeerd.’ Dan is de volgende vraag: ‘Waarom heeft u dan niet doorgevraagd?'”
Parie hekelt bestuurders die “dertig commissariaten hebben en die allemaal tien minuten aan de beurt komen. De kans dat zoiets misgaat is groot. Kijk naar Elco Brinkman en naar Philadelphia; een voorbeeld van iemand die wel heel veel commissariaten doet; dan moet je wel ongelooflijk geniaal zijn om dat bij te kunnen benen.”
Toch maakt de corporatieman zich geen zorgen over het toezicht. Het niveau van de nieuwe generatie commissarissen is bemoedigend, vindt Parie, die voor de VTW (Vereniging van Toezichthouders in Woningcorporaties) workshops geeft aan beginnende corporatiecommissarissen. Ook wordt het tijdig aftreden van bestuurders steeds serieuzer nageleefd, ziet hij.
Over SGBB wil Parie niet veel zeggen. De corporatie zit midden in de onderhandelingen met partijen die een deel van de projectportefeuille moeten overnemen. De gereformeerde corporatie die zesduizend seniorenwoningen beheert, zit financieel in het nauw. Vijf toezichthouders en een directeur moesten eerder dit jaar het veld ruimen. Koos Parie werd in maart door minister Van der Laan als extern toezichthouder aangesteld om de boel op orde te krijgen.
“In het verleden zijn veel te veel projecten ontwikkeld. Er is overschatting geweest van wat een organisatie aankan”, blikt Parie terug. “Nu zoeken we een rijke partner. We zijn in gesprek met een paar kandidaten. Eerst moeten we alle projecten in kaart brengen, daarna kunnen de partijen een bod doen.” Gaat het om commerciële partijen waarmee onderhandeld wordt? “Nee, het gaat om andere corporaties. Meer dan een. Meer zeg ik er niet over.”

Reageer op dit artikel