nieuws

Taal van de bouw tot leven gewekt

bouwbreed Premium

Gebint, beton en deur zijn woorden die de gemiddelde aannemer in de mond bestorven liggen. Maar waar komen zulke begrippen vandaan? Bouw- en taalkundige MaartenJan Hoekstra beantwoord die vragen in zijn boek ‘Huis, tuin en keuken. Wonen in woorden door de eeuwen heen.’


Woordgeschiedenis lijkt een saaie bezigheid. Een hobby voor Neerlandici die zich met stapels lexicons afzonderen onder de gebinten van stoffige zolderkamertjes. Voor Hoekstra’s boek gaat dat vooroordeel geenszins op. Hij presenteert geen eindeloze woordenlijsten, maar legt het ontstaan van uiteenlopende bouwbegrippen uit aan de hand van wetenswaardigheden en anekdotes.
Neem het woord gebint. Hoekstra herleidt het tot een bouwwijze die in de bronstijd in zwang kwam. Destijds had een huis een draagconstructie die bestond uit drie rijen houten staanders, waarbij de middelste reeks de nok ondersteunde. De palen in het midden van de woning stonden de bewoners danig in de weg. Iemand kwam toen op het idee die serie overbodig te maken door de twee buitenste rijen met een dwarsbalk aan elkaar te koppelen.
“Elke 1,5 meter werd dit zogenaamde gebint herhaald”, legt Hoekstra uit. “In dit woord is het erfwoord binden te herkennen: de gebintconstructie bond immers meerdere balken aan elkaar.”
Anekdotisch is de geschiedenis van het woord revolutiebouw. Het dateert uit het eind van de negentiende eeuw toen welgestelde burgers op grote schaal grond kochten en er voor weinig geld huizen lieten bouwen, om die met winst te verkopen. Deze speculanten leenden geld bij de bank en trokken vervolgens aannemers aan die naar eigen inzicht woningen optrokken. Huizen die vaak al na korte tijd spontaan instortten. “De term revolutiebouwer slaat dus duidelijk niet op de vernieuwende bouwwijze maar op de revolutie in het bankwezen die de speculatieve woningbouw mogelijk had gemaakt”, zegt Hoekstra.
Hij vergeet te vertellen dat het met speculanten vaak slecht afliep. Omdat ze de hoge rente niet konden opbrengen, gingen ze massaal op de fles. De Haagse Vaillantlaan, een schoolvoorbeeld van revolutiebouw, werd daarom in de volksmond de Faillietlaan genoemd. Die kleine omissie laat onverlet dat Hoekstra’s boek boeit van A tot Z. Kritiek is er slechts op de enigszins misleidende titel. Hoekstra’s onderzoek beperkt zich niet tot huis, tuin en keuken. Het gaat van terp tot Vinex en van urbanisatie tot eclecticisme. En bij dat alles spat het plezier dat de auteur bij het schrijven heeft gehad van de pagina’s. Kortom: een aanrader.

Huis, tuin en keuken.

MaartenJan Hoekstra, Uitgeverij Atlas, Amsterdam/Antwerpen
ISBN 978 90 450 0083 1
Prijs 19,90 euro

Reageer op dit artikel