nieuws

Bouworganisaties ruziën over paritaire gelden

bouwbreed Premium

Bouwend Nederland ligt in de clinch met andere brancheorganisaties over de zeggenschap over door werkgevers en werknemers opgebrachte gelden. De rechter moet nu uitmaken of Bouwend Nederland overtollige gelden, in eerste instantie 130 miljoen euro, mag verdelen.

De Confederatie gespecialiseerde aannemers (Conga), de vereniging van waterbouwers VBKO en de stratenmakers van OBN hebben de rechter gevraagd wie als werkgevers gezien moeten worden in de stichting SFB (Sociaal Fonds Bouwnijverheid). Het probleem is de splitsing van de stichting SFB in een werkgevers- en een werknemersdeel. De stichting had nog een door cao-partijen opgebracht vermogen van 130 miljoen euro, waarvan beide stichtingen elk de helft krijgen.
Bouwend Nederland heeft zich op het standpunt gesteld dat in de stichting SFB het AVBB de zetels bezette. Als rechtsopvolger van de AVBB kan Bouwend Nederland daarom besluiten tot verdeling van de gelden. In de nieuwe werkgeversstichting moet zij het eveneens voor het zeggen hebben.
Conga, OBN en VBKO zijn het daar niet mee eens. Zij zijn van mening dat zij cao-partijen zijn en dus ook rechten op zetels in de stichting kunnen doen gelden. Bovendien, zo vinden zij, is het ook hun geld en willen zij dus zeggenschap hebben over het beheer.

Principieel

“Voor mij is het een principiële zaak. Als je werkgevers en werknemers vraagt geld bij elkaar te brengen, dan kun je niet als één partij, Bouwend Nederland, zeggen: ik ga dat even verdelen. Zo hebben we dat niet bedacht”, aldus advocaat Leonard Verburg van Allen 0x26 Overy die de Conga, OBN en VBKO vertegenwoordigt.
Het belang voor de gespecialiseerde aannemers ligt niet alleen bij de 130 miljoen euro die nu wordt verdeeld. “Als er in de toekomst nog eens geld over is, kan dat ook weer pondspondsgewijs worden verdeeld zonder dat andere werkgeverspartijen daarbij betrokken zijn”, weet Verburg.
OBN-directeur Anne Fokke de Vries bevestigt dat er sprake is van een rechtszaak. Hij ontkent echter dat dit iets te maken zou hebben met de weigering van Bouwend Nederland om de Aannemersfederatie Nederland als volwaardige cao-partij te erkennen. Bronnen binnen de gespecialiseerde aannemerswereld die niet bij naam willen worden genoemd, denken daar echter heel anders over.
Bouwend Nederland erkent dat er een geschil speelt, maar wil nu de zaak onder de rechter is, geen commentaar geven. “Wij zien de uitspraak met vertrouwen tegemoet”, zegt de woordvoerder.
De uitspraak van de rechtbank Amsterdam is op 14 mei.

Reageer op dit artikel