nieuws

Camouflagepak gewenst bij bouwavontuur in Duitsland

bouwbreed Premium

Camouflagepak gewenst bij bouwavontuur in Duitsland

Nederlandse bouwers krijgen weer volop kansen in Duitsland. Advocaat Peter Strick schat in dat de oosterburen niet bij machte zijn zelf volledige invulling te geven aan de stimuleringsplannen uit Berlijn.

“Uit de conjunctuurpakketten I en II komt 60 miljard euro beschikbaar.
Daarvan gaat 16 miljard naar de bouw”, zegt Strick. De advocaat uit Kleef is
gespecialiseerd in hulp aan Nederlandse bedrijven die kansen zien in Duitsland.
Begin jaren negentig, kort na de Duitse hereniging, telde zijn kantoor 1200
Nederlandse bouwbedrijven als cliënt. Na de diepe dip in de periode 1995 -2005
trekt de belangstelling momenteel weer sterk aan en heeft het tachtig
medewerkers tellende kantoor voor Strick al weer 150 Nederlandse bouwers in zijn
klantenbestand. De gouden tijden van vlak na de val van de muur zullen niet in
hun volle omvang terugkeren, maar het herstel is onmiskenbaar. “Neem de plaats
Kleef als voorbeeld. Plotseling is geld beschikbaar om in korte tijd voor 120
miljoen euro een hogeschool voor drieduizend studenten te bouwen. Vanuit de
Duitse bouw is het piepen begonnen. Kunnen we dat wel aan? Zo veel capaciteit is
helemaal niet voorhanden. De Duitsers hebben de handjes niet. En dat geldt voor
projecten in heel Duitsland. Op ons bureau zijn we bezig de bouwafdeling weer te
versterken”. Strick adviseert Nederlandse bouwers met een blik naar het oosten
zich grondig voor te bereiden. In zee gaan met een Duitse partner is wat hem
betreft niet nodig. Start een eigen GmbH, de Duitse variant van de besloten
vennootschap, en stel je op als een lokale onderneming. “Trek het camouflagepak
van de GmbH aan, dan is de eerste drempel weg. Het bedrag voor onderhandse
aanbestedingen is verhoogd van 500.000 tot een miljoen euro. De ambtenaren
kijken zeer kritisch naar de inschrijvingen, dat is hen door de politiek
opgedragen. Alleen al het feit dat alle stukken in de Duitse taal gesteld moeten
zijn. Een verklaring in het Nederlands van de belastingdienst kan voldoende zijn
om een werk niet te krijgen. Tegenover een GmbH doen de ambtenaren minder
moeilijk”. Afgelopen jaren hebben aannemers die al te gemakkelijk in Duitsland
op avontuur gingen soms flink leergeld betaald. Om de vloed van Poolse
arbeidskrachten in te dammen, verrezen voetangels en klemmen waarvan ook
Nederlanders de dupe werden.

Regeltjes

De invoering van het Arbeitnehmerentsendegesetz bracht met zich mee dat op
een viertal punten de Duitse bouw-cao algemeen verbindend verklaard werd voor
buitenlandse arbeidskrachten. Op zich nog niet zo’n probleem, ware niet het
verlammende regeltje toegevoegd dat – ter controle – voortaan vooraf precies
bekend moest zijn wie, waar en waarom de handen uit de mouwen steekt. Plotseling
speurde de fiscus het land af naar buitenlandse ondernemers die dankzij de
overlapping van projecten min of meer beschouwd konden worden als thuis in
Duitsland. Wie betrapt wordt, krijgt te maken met navorderingen vennootschaps-
en erger nog loonbelasting. “Sinds enkele jaren kennen we de 15 procents
voorheffingsregeling, geldig voor alle bedrijven tenzij je over een vrijstelling
beschikt. De gevolgen van deze regeling zijn in Nederland vrij onbekend. Ze
geldt namelijk niet alleen voor de opdrachtgever maar ook voor de keten van
aannemer en onderaannemers tot zzp’ers. Dagelijks hebben wij zaken waarbij
vergeten is dat de gehele keten over een vrijstelling moet beschikken. De fiscus
heeft het gemakkelijk. Die vraagt gewoon 15 procent op.”

Reageer op dit artikel