nieuws

Duurzaam niet duur bij hanteren reële kostprijs

bouwbreed Premium

Duurzaam bouwen, zelfs als het klimaatneutraal gebeurt, is niet duurder dan traditioneel bouwen. Michiel Lammertink en Pieter Weijnen stellen daaraan wel de voorwaarde dat een reële kostprijscalculatie wordt toegepast en integraal wordt samengewerkt. De overheid hoeft alleen aan te jagen met maatregelen die zij binnen andere sectoren al heeft getroffen. Daar profiteren milieu, ondernemer én consument van.

Duurzaam is sexy geworden. Maar, leert de ervaring, bij de meeste bouwprojecten is zeer weinig nodig om alle mooie ambities naar de prullenmand te verwijzen en over te gaan tot de orde van de dag. Hoe kunnen we het dan toch voor elkaar krijgen?
Door het gebrek aan een sturende gebiedsvisie blijft het rendement van duurzaam bouwen relatief laag. Veel gemeenten tikken simpelweg in een nota dat een bepaalde ontwikkeling duurzaam en energiezuinig moet zijn zonder dat te ondersteunen of daarop stedenbouwkundig te anticiperen. Duurzame bouwprojecten zijn vaak te gefragmenteerd om daadwerkelijk effect te hebben. Nog steeds wordt separaat gekeken naar de energievraag en uitstoot van een bouwproject binnen een gebied vol andere bouwprojecten. Daardoor blijven klimaatneutrale investeringskosten en beheerskosten op één project drukken, terwijl omliggende projecten evengoed kunnen meeprofiteren van deze investering.
Voorkom vroegtijdige langlopende afspraken met energieleveranciers. Zij investeren liever in kostenefficiënte, grootschalige energielevering dan in energiebesparende maatregelen.

Renoveren

Met grootschalige energiezuinige nieuwbouw bereiken we jaarlijks hooguit 1 procent van de woningvoorraad. Meer dan 90 procent van de bestaande woningvoorraad heeft energielabel D of hoger (label A staat voor het meest energiezuinig, label G voor het minst zuinig). Dáár zit de opgave!
Grootschalige sloop en nieuwbouw lijkt dus de oplossing. Het wordt goedkoper geacht dan duurzaam renoveren. Het afvoeren en storten van sloopafval zoals beton kost op dit moment relatief weinig geld. De werkelijke kosten zijn absoluut gezien veel hoger. De milieu- en CO2-belasting, grondstoffenverspilling en toekomstige hoge verwerkingskosten van dit afval worden niet meegenomen in de huidige wijze van calculeren. Daardoor lijkt het goedkoper en efficiënter om de oude woningvoorraad tot puin te verwerken, dan deze voorraad duurzaam en energiezuinig te renoveren.
De energiekosten en CO2-belasting om sloopbeton te verwerken in nieuw beton zijn zeer hoog. Als verlaging van de CO2-uitstoot een doelstelling is in een ontwikkeling, is slopen en nieuw energiezuinig bouwen geen reële optie. De CO2balans geeft vrijwel altijd een stevig negatief saldo. Zelfs een ‘laag niveau’ renovatie geeft een negatieve uitkomst. Alleen duurzaam en optimaal renoveren geeft een werkelijke verlaging van CO2uitstoot.
Belast het afvoeren en verwerken van sloopafval reëel om, op die wijze de keuze tussen sloop of duurzaam renoveren te objectiveren. Stimuleer het op hoog niveau duurzaam renoveren van de verouderde woonvoorraad.
Als de grond- en bouwprijs op dezelfde, al decennia toegepaste wijze, wordt gecalculeerd, is het behalen van de ambitie ‘duurzaam bouwen’ al op voorhand bijna onhaalbaar. Iedere gemeente gaat voor maximale winst op de grondverkoop, een belangrijke inkomstenbron. Daardoor blijft er geen financiële ruimte over voor de benodigde extra investeringen in duurzaam en klimaatneutrale toepassingen. Wat zou er gebeuren als een korting van de marktconforme grondprijs wordt gegeven indien een project haar energiebesparende ambities behaalt?
Maak woonlasten beheersbaar door het mogelijk te maken de investeringen ten behoeve van energiebesparing door te berekenen in de huur. De energielastenverlaging compenseert dan de huurverhoging. Maak huurprijs en huursubsidie sterker afhankelijk van de energielasten.
Duurzame materialen leiden meerdere levens. Op dit moment is de standaard voor het gehele gebouw een afschrijvingstermijn van 30 jaar, terwijl onderdelen zeker 50, 100 tot 300 jaar mee kunnen gaan. Calculeer een langere afschrijvingsperiode in de bouwprijs van een duurzaam opgezet project.

Stappen

Daarmee zijn we er echter niet. Want terwijl toeleveranciers enorme stappen maken in productinnovatie weten de architecten en bouwers onvoldoende over de mogelijkheden en wijze van toepassen van deze innovaties.
Hoewel wij in Nederland in de veronderstelling leven voorop te lopen in onze milieugerelateerde bouwtechnologie, hebben wij door gebrek aan interesse en kennisoverdracht een flinke achterstand opgelopen. Het integraal toepassen van duurzame bouwmaterialen en energieopwekkende en besparende technologieën is daardoor verre van vanzelfsprekend. Binnen de studies Bouwkunde in Nederland komt nu pas weer, en nog op kleine schaal, meer aandacht voor duurzaam bouwen. Door kennisverwerving zal de architect zijn centrale rol in het bouwproces terug moeten verdienen. Hij moet zich, evenals de aannemer, verantwoordelijk voelen voor alle facetten van het bouwproces en de steeds verder oprukkende projectversnippering een halt toeroepen.
Een innovatieproces vraagt ook om een andere aanpak. De bouwwereld steunt al eeuwenlang op oude technieken en processen. De ervaringen uit het vorige bouwproject worden toegepast in het volgende. Een lineair proces. Een versneld innovatieproces verloopt niet lineair, maar cyclisch. Vier stappen vooruit, een stap achteruit. Sommige reeds eerder toegepaste innovaties werken wel, andere toepassingen werken simpel gewoon niet. En dat vraagt om nieuwe oplossingen, langere ontwikkeltijd en een nauwe, open samenwerking.

Integraal

Om innovatieve projecten op het gebied van duurzaam bouwen succesvol te ontwikkelen moet integraal worden gedacht en gehandeld. Dat roepen vele partijen op uiteenlopende congressen en bijeenkomsten steevast. Maar hoe dan?
Creëer een conceptteam. Alle partijen, van de gemeente en architect, tot ontwikkelaars, aannemers, energieleveranciers en bouwconsultants zullen binnen een conceptteam een gedragen ambitie moeten formuleren. Onder leiding van een onpartijdige procesbegeleider, zal deze ambitie door het conceptteam vertaald moeten worden in een haalbaar einddoel. Tussentijdse problemen moeten worden beschouwd als een nieuwe stap binnen een ingecalculeerd cyclisch proces, en niet als een kostenverhogende situatie die al wegstrepend wordt opgelost. De overheid moet de milieueisen en energienormen verder omhoog schroeven en daarvan de aanloopkosten helpen dragen. De gehanteerde grondprijs moet bij duurzame bouwprojecten omlaag. Maar bovenal zal de architect moeten beseffen dat juist hij, door het toepassen van innovaties en duurzaam materiaalgebruik, een zeer grote bijdrage kan leveren in het leefbaar houden van onze prachtige planeet.

Reageer op dit artikel