nieuws

Calatrava en GTI hand in hand bij bouw Campus Maastricht

bouwbreed Premium

Maastricht krijgt een universiteitscampus ontworpen door de Spanjaard Calatrava. Een blikvanger voor de stad. Met innovatieve techniektoepassingen is het geheel CO2-neutraal gemaakt. Concessies aan de architectuur zijn daarbij uit den boze.Het concept voor de Maastrichtse universiteitscampus is ontstaan uit een opmerkelijke samenwerking tussen architect Calatrava en installatiespecialist GTI. De eerste tekent de vorm, de tweede maakt het ontwerp CO2-neutraal.

De vooraanstaande rol die GTI vervult in de ontwikkeling en bouw van dit prestigieuze project illustreert de trend dat installateurs in beeld komen voor de rol van hoofdaannemer.
Met de natuurlijke bescheidenheid technisch specialisten eigen, wimpelen Ruud Vleugels en Raymond de Schrevel van GTI Zuidoost hun primaat in eerste instantie weg. “Voor de bouw van de campus is een alliantie gevormd. In zo’n samenwerkingsverband zijn bouwpartijen in principe gelijkwaardig”, onderstrepen ze. “Maar wij waren er als GTI er wel heel vroeg bij. Daardoor word je toch een leidende partij.”

Groen

Dat het campuscomplex een bijzondere vorm krijgt, hoeft geen verassing te zijn gezien de gekozen architect. De keus voor de vorm is leidend voor de verdere ontwikkeling. Dat is een beperking, weten Vleugels en De Schrevel. “Calatrava heeft het gebouw getekend. Zo ziet het eruit. Daaraan mochten we niets veranderen.”
Aanvankelijk kreeg het ontwerp juist kritiek omdat het milieuonvriendelijk zou zijn. Calatrava, die normaal alles wit maakt, wilde eens iets anders en bedacht voor de campusgebouwen een koperen beplating, die groen uitslaat. Met het regenwater spoelt wat van dit zware metaal weg. “Uit onderzoek van TNO blijken de schadelijke gevolgen mee te vallen. Wij bedachten toen: zou je die kleur van dat koper niet juist kunnen gebruiken als symbool voor een groen imago? Zo volgde het besluit het complex CO2-neutraal te maken.”
Een goed geïsoleerde schil blijkt binnen het ontwerp geen punt. Voor verwarmen en koelen bedachten de GTI’ers een warmtecentrale met een warmtepompinstallatie, aangevuld met een houtpelletketel voor de piekvraag. “De warmtepompen draaien op groene stroom. Die wordt als het goed is CO2-neutraal opgewekt. De houtpellets komen uit de korte plantaardige cyclus en mogen daarom ook CO2-neutraal worden genoemd.”
De warmtecentrale zit grotendeels onder de grond. Alleen een klein gebouwtje steekt erbovenuit. Dat kan nog net binnen de ontwerpmarges van Calatrava. Gekozen is voor een gesloten systeem voor warmte- en koudeopslag in de bodem. De boringen reiken tot 160 meter diepte.

Vijver

“We zijn er nog niet helemaal uit hoeveel boringen nodig zijn maar we mikken op 120 tot 140. Die komen allemaal onder de vijver. Deze biedt daarvoor met 28.000 vierkante meter voldoende ruimte. Voordeel is dat het systeem onder deze vijver, die maar een diepte krijgt van 20 tot 30 centimeter, veilig is. Niemand komt er meer aan, hier zal nooit iets worden gepoot of bijgebouwd dat de leidingen kan beschadigen.”
Warmtetoevoeging en -onttrekking in de bodem moeten in evenwicht zijn. Koeling van de gebouwen levert warmte voor de winter en is daarmee essentieel voor de temperatuurbalans. Bij een koude zomer kan een probleem ontstaan voor de winter: er wordt onvoldoende warmte teruggebracht in de bodem. Om hieraan een mouw te passen, zijn verscheidene mogelijkheden in beeld. “Er valt steeds een volgende stap te bedenken. We kunnen bijvoorbeeld het potentieel van het vijverwater benutten en daarna denken we aan de sprinklervoorraad.”
Gasaansluitingen zijn niet nodig. Groene stroom volstaat. Warmte voor tapwater komt uit afgevoerde ventilatielucht. Een andere gangbare optie, terugwinning uit het douchewater, blijkt niet mogelijk. “Dat is weer het nadeel van zo’n ranke constructie.”
Slimme gebouwautomatisering zorgt ook voor een optimale benutting van elektrische energie. Het valt te regelen dat het licht in een ruimte vanzelf uit gaat als er niemand aanwezig is. Programmering van het systeem en keuze van functies die eraan wordt gekoppeld, kan aan de hand van individuele voorkeuren. “Een student die bijvoorbeeld omvangrijke computerprogramma’s wil downloaden, wil wellicht ook als hij weg is zijn computer laten draaien. Een ander wil alles uitzetten.”

Voorkomen

De Schrevel en Vleugels zien het voorkomen van energieverbruik als eerste stap. Is dat niet mogelijk dan is duurzaam opgewekte energie hun favoriet. Valt daarnaast niet te ontkomen aan fossiele energie, dan hebben ze graag het beste dat op dit gebied bereikbaar is, zoals houtpellets. Daarna is het nog zaak te bereiken dat alle opgewekte energie tegen een optimaal rendement wordt ingezet.
Het tweetal heeft een bijzondere taak bij GTI. Met projectontwikkeling op zijn visitekaartje vertegenwoordigt Vleugels de toenemende zelfstandige rol die de installatiebranche vervult bij de ontwikkeling van bouwprojecten. De Schrevels taak is zeker zo fascinerend: hij richt zich op “conceptontwikkeling en e-novatie”, een term voor het bedenken van innovatieve oplossingen op energiegebied.
“Wij hebben hier de leukste banen”, zeggen ze enthousiast. “Wij hebben de luxe dat we vrij kunnen denken, met als doel tot nieuwe ideeën te komen. Daarvoor kunnen we van alles roepen. In negen van de tien gevallen leidt dat tot niets. Af en toe wordt het wat. Zo kom je langzaam vooruit.” n

De toren bestaat uit schijnbaar zwevende units

Ontwerper: Santiago Calatrava
Opdrachtgever: Rijksuniversiteit Maastricht en Servatius Wonen 0x26 Vastgoed
Kostenbegeleiding, inkoop- en procesmanagement: Brink Groep
Installatie en techniek: GTI Zuidoost
Betonwerk: BAM Civiel Zuidoost Maastricht
Staalwerk: Victor Buyck Steel Constructions NV
Gevels: Grupa Folkrá Edificacion S.A.

Reageer op dit artikel