nieuws

Antispeculatiebeding geldig, rechter matigt boete

bouwbreed

De kopers hadden geen dwingende reden voor hun vertrek, zoals bijvoorbeeld echtscheiding. De kopers stelden dat het antispeculatiebeding nietig was vanwege strijdigheid met de Huisvestigingswet. Deze wet zou overheidsbemoeienis van woning in de vrije sector uitsluiten, stelden de kopers. De rechtbank Zutphen stelde hen in het gelijk.

De kopers hadden geen dwingende reden voor hun vertrek, zoals bijvoorbeeld echtscheiding. De kopers stelden dat het antispeculatiebeding nietig was vanwege strijdigheid met de Huisvestigingswet. Deze wet zou overheidsbemoeienis van woning in de vrije sector uitsluiten, stelden de kopers. De rechtbank Zutphen stelde hen in het gelijk.
De Hoge Raad heeft het vonnis van de rechtbank Zutphen echter vernietigd (HR 14 april 2006, NJ 2006,445). Volgens de Hoge Raad is een antispeculatiebeding niet in strijd met de bedoeling van de Huisvestingswet. Die wet heeft vrije vestiging tot doel en een antispeculatiebeding is daarmee niet in strijd. Een woning waarop een antispeculatiebeding van toepassing is mag immers iedereen kopen.
Onlangs sprak de rechtbank ‘s-Gravenhage vonnis in een soortgelijke zaak (Rb ‘s- Gravenhage 19 november 2007, 262850/HAZA 06-1156) Hier betrof het een koper/eigenaar die van de gemeente Leiderdorp een antispeculatiebeding had opgelegd gekregen voor de duur van tien jaar. Bij de verkoop van zijn woning na zeven jaar bracht de gemeente hem een boete van ruim 44.000 euro in rekening. Hij weigerde dit bedrag te betalen en voerde in de procedure ter onderbouwing hiervan een aantal argumenten aan.
Tevergeefs beriep hij zich op de nietigheid van het beding. De rechtbank verwierp deze stelling onder verwijzing naar het hierboven genoemde arrest van de Hoge Raad. Zij volgt de koper wel in zijn standpunt dat het – kort gezegd – niet redelijk is dat hij het volledige boetebedrag moet betalen.
In haar overweging neemt de rechtbank onder meer in ogenschouw de (onevenwichtige) verhouding van het relatief lage subsidiebedrag van 3049,40 euro tot de overeengekomen duur van het beding van 10 jaar. De rechtbank matigt het boetebedrag tot 14.000 euro.
Uit de uitspraak volgt dat het subsidiebedrag en (de duur van) het antispeculatiebeding, in feite twee kanten van de medaille, in redelijke verhouding tot elkaar moeten staan. Het is namelijk moeilijk denkbaar dat een koper zich voor een relatief klein financieel voordeel voor lange duur wil beperken in zijn verkoopmogelijkheden.

recht

Een aantal jaren geleden speelde een zaak bij rechtbank Zutphen (zaaknummer 60593 HAZA 04-229). Het draaide om de door de gemeente Doetinchem opgelegde boete aan twee kopers van bouwgrond. De gemeente had deze boete opgelegd omdat zij hun huis wilden verkopen waarin zij nog geen vijf jaar woonden.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels