nieuws

Zutphen versterkt IJsseloever met droge baggerworst

bouwbreed

– Aannemer De Vries en Van de Wiel ontwatert verse worsten van bagger en herstelt daarmee een oever aan de IJssel bij Zutphen. De “Europese primeur” vereiste een pragmatische manier van vergunningverlening.

Als vier reusachtige walvissen drijven de donkergrijze zakken (tubes) van Ten Cate in een met damwanden omheind bassin. De tubes zijn gevuld met bagger klasse 2 en 3 dat met een cutterzuiger uit de nabijgelegen haven – de baggerlocatie – wordt aangezogen. Onderweg krijgt het slib een vlokmiddel (polymeer) toegediend dat het water scheidt van de fijne deeltjes zand. Het zwevende materiaal zakt in de speciale geotube. Het water drijft op en verlaat het textielwerk “zo snel mogelijk” via de nauw berekende mazen van de zak waar net geen zwevend materiaal doorheen kan. Als het bagger is ontwaterd, volgt een nieuwe lading. Uiteindelijk ontstaat er een worst van bagger met een omtrek van 14 meter. Vijf worsten vormen samen één hellende oever van 100 meter lang. Eén daarvan ligt aan de oeverkant bovenop de anderen. Een kleilaag, een wiepconstructie en een top­laag die uit steenslag bestaat, maken de nieuwe waterkering compleet. In vier kuipen worden vier stukken oever aangelegd.

Positioneren

Uitvoerder André Noppers van aannemer De Vries en Van de Wiel laat weten dat het stille, bijna volautomatische werk zeker niet alleen een kwestie van monitoren is. Vooral het positioneren van de tubes noemt hij lastig. “Ze hebben de neiging op te drijven, dus is het zaak ze zo snel mogelijk te vullen. Als ze toch hinderlijk bewegen als de lading bagger veel water bevat, zetten we ze met touwtjes vast.” Volgens Noppers is de ontwaterde bagger na ongeveer een dag 70 procent steekvast.
De toepassing met geotube en bagger die aan de rand van bedrijventerrein De Mars wordt beproefd, oogt logisch en is volgens de betrokken partijen een uitstekend voorbeeld van ‘werk in werk’: de haven van Zutphen slibde dicht, terwijl verderop de oever drastisch afkalfde. Van geotube was bekend dat deze het ontwateren van bagger bespoedigt. Gevuld met zand bewijst het product zich als kern voor dijken al jaren. Toch is dit volgens Ten Cate de eerste keer dat bagger als bouwelement in geotube in Europa wordt toegepast, zeker op deze schaal. Markmanager Rob Wortelboer van Ten Cate is er trots op, al valt er nog veel te leren. “Dit kan zeker wat zijn voor de toekomst. Ik denk wel dat de grens ligt bij baggerklasse 3. De belangrijkste vraag is verder: hoe ziet de ideale bouwkuip eruit?”

Damwanden

Uit vrees voor restanten polymeer in de IJssel zijn de vier bouwbassins in Zutphen op last van Rijkswaterstaat volledig omheind met damwanden. Nu uit proeven blijkt dat van vervuild scheidingsmateriaal nauwelijks sprake is, kan daar mogelijk in de toekomst op worden bespaard.
“Meer waterveiligheid voor minder geld. We besparen op het aanslepen van primaire bouwstoffen en stortkosten”, aldus Joep van Leeuwen, voorzitter van de CUR-commissie F50 die zich bezighoudt met de baggertube. Van Leeuwen erkent dat de baggerworst als substantieel onderdeel van hoogwaardige constructie nog een lange weg te gaan heeft. Bagger als bouwstof stuit altijd nog op veel weerstand. En elke situatie staat op zich. “Gemeenten hanteren verschillenden storttarieven. Bovendien moeten er ontwerpregels komen. “Zo is de dosis en concentratie polymeer afhankelijk van het type bagger dat uit werk kan worden gehaald.” Vooralsnog gaat Van Leeuwen er vanuit dat het project kostenneutraal kan worden opgeleverd in augustus.

Pragmatisch

Edgar Westerhof, projectleider van De Mars, meent dat de pilot mede tot stand is gekomen door “pragmatische vergunningverlening”. In verband met te hoge waterstanden kon het werk niet wachten tot het najaar. Strikt genomen had het werk in verband met de Vogelrichtlijn ook nu niet mogen plaatsvinden. Westerhof: “Uiteindelijk zegt de wet dat vogels niet mogen worden verstoord. In de praktijk betekent dat doorgaans: niet bouwen. Wij zijn ervan overtuigd dat de vogels geen last van ons hebben.”
Uitvoerder Noppers is het met Westerhof eens. “Af en toe stampen we de zakken aan om te kijken hoe vol ze zitten. Soms spoelen we de zakken schoon. Nee, die vogels vinden wel een ander plekje.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels