nieuws

Warmtekracht maakt van tuinder energieleverancier

bouwbreed

Warmtekrachtkoppeling en automatisering zijn technieken waarmee de glastuinbouw het energieverbruik inperkt. Met (financieel) succes, laten de metingen zien.

Sommige tuinders verdienen met de teruglevering van elektriciteit aan het openbare net al bijna meer dan met hun oorspronkelijke producten en soms zelfs een tweede inkomen, stelt tuindersvoorman Herman de Boon tijdens de installatievakbeurs VSK in Utrecht.
Bedragen van 1 miljoen euro en meer, verdiend met bijvoorbeeld de warmtekrachtkoppelaars waarmee de tuinders hun kassen verwarmen en verlichten. De installaties draaien op het vergiste afval van de tuinbouwproducten. De Boon: “Samen vormen deze bedrijven een belangrijke energieleverancier.”
Voor het zo ver is moet er een infrastructuur komen om de decentraal opgewekte energie bij de gebruiker te krijgen, tempert directeur Meiny Prins van gebouwautomatiseerder Priva te hoge verwachtingen. En in het verlengde daarvan moet er een methode komen die de levering en de afname van die energie in facturen verwerkt. Daarna komt jaarlijks zo’n 10 tot 15 procent minder CO2in de lucht en dalen de energiekosten met 25 tot 40 procent. Het zijn forse hoeveelheden energie: een hectare kas genereert genoeg energie om bijvoorbeeld vijftig normale woningen te verwarmen. Prins: “Dat potentieel komt alleen maar tot z’n recht als bijvoorbeeld de overheid meehelpt met de vorming van een energiecluster.”
Zo’n cluster kan over zo’n drie jaar ook ontstaan uit de HRe-ketels die dan op de markt komen, denkt Hans Overdiep van Gasterra. Deze hoogrenderende verwarmingsketels wekken met een Stirling-motor en een generator ook elektriciteit op. Het teveel kan in het openbare net vloeien. De techniek werkt en er is een markt. De prijs voor zo’n ketel is nog hoog door het handwerk dat de montage vraagt. Overdiep: “Ook daar kan de overheid de helpende hand reiken met extra startsubsidie van 80 miljoen euro.” Een soortgelijke subsidie effende de weg voor de HR-ketel.
Er is ook vele voor te zeggen dat de gebruikers meebetalen aan voorzieningen waarvan ze profiteren. Bouwvoorman Elco Brinkman denkt dan aan de verbetering van de oudbouw zodat die minder energie verbruikt. Onder meer met een nieuwe ketel en isolatie onder het dak. Het rendement van zulke maatregelen stijgt als de uitvoering in handen komt van bedrijven die ze met kennis en ervaring uitvoeren. Die expertise moet terug te vinden zijn in de prijs. Want “er is veel mogelijk, maar dat moet worden betaald”, vindt Brinkman.
Het energieverbruik daalt niet alleen door aanpak van de installatie; die vormt maar een klein deel van de woning, benadrukt Brinkman. Maar ook dan valt met meer op het verbruik toegespitste automatisering flink te besparen, meent Gerard Rooijakkers van GTI Building Automation. Dat begint met procedures voor het intelligente beheer van installaties in gebouwen. Mede daardoor verbruikt ruim 70 procent van de gebouwen zo’n 25 procent meer energie dan nodig.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels