nieuws

Schoolgaande jeugd wil geen loopbaan in bouw

bouwbreed

De meerderheid van de schoolgaande jeugd heeft geen interesse in een loopbaan in de bouw. Een onderzoek onder scholieren van vmbo tot en met vwo wijst uit dat slechts een minieme groep een baan in de sector ambieert.

In welke sector zou je later willen werken? Die vraag legde Uitgeverij Malmberg voor aan 170.000 scholieren die een opleiding volgden op het vmbo, mbo, havo of vwo. Voor de bouwnijverheid en verwante sectoren zoals de bouwmaterialen- en glasindustrie, de houtindustrie, en de metaalsector was het antwoord ontluisterend. Minder dan 5 procent van de benaderde jongeren loopt warm voor een carrière in een van deze branches. De onroerendgoedsector doet het iets beter met 5,6 procent belangstellenden.
Van de leerlingen uit het voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs zei 2,2 procent in de bouw te willen werken. Het enthousiasme voor de metaalsector was met 1,8 procent nog geringer terwijl de houtindustrie en de bouwmaterialen- en glasindustrie het met respectievelijk 1 en 0,4 procent belangstellenden moeten doen. Zo’n 0,8 procent van de vmbo’ers ambieert een baan in de onroerendgoedbranche.
Binnen het middelbaar beroepsonderwijs is de belangstelling nauwelijks groter. Een baan in de bouw ziet 2,6 procent van de mbo’ers zitten. De interesse voor de houtindustrie en de bouwmaterialen- en glasindustrie is niet hoger dan 0,5 procent. Daarentegen opteert 1,8 procent voor de onroerendgoedsector.
Op de havo en het vwo scoren de bouw en verwante branches al net zo min hoog in de populariteitspolls. Van de havo-scholieren vindt 2 procent de bouw een aantrekkelijke sector, tegenover 1,9 procent van de vwo’ers. De metaalindustrie is voor 0,7 procent van de havisten en voor 0,5 procent van de vwo-scholieren een aantrekkelijke optie. De houtindustrie wordt door 0,4 procent van de havo- en 0,3 procent van de vwo-scholieren genoemd als aantrekkelijke sector. De bouwmaterialen- en glasindustrie moet het doen met 0,4 procent belangstellenden uit het havo-onderwijs en met 0,3 procent van het vwo.

Onroerendgoed

Werken binnen het onroerendgoed scoort beter want 3,1 procent van de havisten en 2,9 procent van de vwo’ers vinden dit een aantrekkelijke branche. Ook deze in vergelijking met de bouw hoge plaats op de ranglijst contrasteert scherp met de sector die scholieren het aantrekkelijkst vinden, te weten: de gezondheidszorg. Niet minder dan ruim een kwart van de havisten en vwo’ers, 25 procent van de vmbo’ers en 17, 5 procent van de mbo’ers geeft aan deze sector de voorkeur.
De resultaten van het onderzoek zijn door Malmberg gepubliceerd in de Toekomst Monitor 2007.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels