nieuws

Durf te kiezen

bouwbreed

De keuze voor een bepaalde contractvorm raakt bijna alle aspecten van het bouwproject. Volgens Jaap de Koning moeten betrokken partijen daarvoor de tijd nemen en moeten zij die keuze juist bij de start van een project maken.

Van een opdrachtgever verwacht men een heel andere rol en positie bij design-and-construct (d0x26c) dan in een traditioneel contract. In het algemeen zal de opdrachtgever meer op afstand staan bij geïntegreerde en life-cycle contracten dan bij de traditionele contractvormen. De wijze waarop de vraag wordt gedefinieerd is ook anders. Waar in een traditionele contractvorm gebruik kan worden gemaakt van bekende methodieken zoals RAW en Stabu, voldoen deze niet voor geïntegreerde contractvormen. Daarvoor zal er een functionele specificatie worden verwacht en wellicht ook een andere ontwerpsystematiek zoals System Engineering.
Van de opdrachtnemer wordt bij een geïntegreerde contractvorm ook een andere rol en positie verwacht, en zijn opdracht is ook anders van aard. Bij een traditioneel contract is de verwachting dat hij vooral zo goed en goedkoop mogelijk een gedetailleerd plan kan uitvoeren. Bij een geïntegreerd contract moet hij niet alleen uitvoeren, maar ook ontwerpen en bij voorkeur hier ook nog synergie uit halen. Contractvormen verschillen ook in risicoverdeling tussen opdrachtgever en opdrachtnemer.
In algemene zin geldt, des te ‘innovatiever’ des te meer verantwoordelijkheid bij de opdrachtnemer. Tenslotte liggen de aandachtspunten bij de selectie-procedure (lees: aanbesteding) ook anders, als de contractvormen met elkaar worden vergeleken.

Gevolgen

De keuze van de contractvorm heeft dus aanzienlijke gevolgen en een verkeerde keuze kan grote – negatieve – gevolgen voor het projectsucces hebben. Het is bijzonder om te zien hoe marktpartijen hier mee omgaan. Tot voor kort werd in vrijwel alle gevallen feitelijk geen keuze gemaakt, want alle projecten werden op traditionele wijze gerealiseerd. Dat betekende de scheiding van ontwerp en uitvoering, gebruikmakend van RAW of Stabu en voor de realisatiefase de toepassing van de UAV. Dat leidde tot verschillende projectresultaten, zowel goed als slecht.
Met de komst van geïntegreerde contractvormen is door een aantal partijen (Prorail, Rijkswaterstaat) gekozen voor een koerswijziging. In plaats van alle projecten in traditionele vorm worden alle projecten nu in bijvoorbeeld d0x26c uitgevoerd. En ook nu weer worden er goede en slechte projectresultaten behaald. Dat is niet verwonderlijk, want feitelijk wordt er nog steeds niet gekozen, althans niet op projectniveau.
Als er een keuze wordt gemaakt, is die slechts gebaseerd op één overweging, namelijk die van de positie van de opdrachtgever. Er wordt geen rekening gehouden met de aard van het project, de omgeving of de marktkenmerken.

Definiëren

De essentie zit in het uitgangspunt dat ieder project zijn eigen contractvorm verdiend. En die keuze moet bewust en weloverwogen worden gemaakt. Het begint met het duidelijk definiëren van de drijfveer of drijfveren. Is de factor kosten van groot belang, moet het zo goedkoop mogelijk? Moet het project zo snel mogelijk worden gerealiseerd of wil de opdrachtgever zelf zo min mogelijk eigen inzet op het project? Wil men zoveel mogelijk risico’s kwijt? Als hier een duidelijk beeld van bestaat, moet er op een meerdere vlakken een inventarisatie plaats vinden. Wat kan de opdrachtgever zelf? Is het wellicht een technisch zeer complex project en is het nieuwbouw of verbouw? Wordt er veel invloed vanuit de projectomgeving verwacht en wat kan de markt eigenlijk bieden?

Zoeken

Het is geen eenvoudige afweging, maar alleen met alle overwegingen op een rij kan er een verantwoorde keuze worden gemaakt voor de juiste contractvorm. En het zal nog wel even zoeken zijn naar goede beslismodellen, ook al zijn er wel een aantal ontwikkeld (Dss, Socrates) die ook in de praktijk worden toegepast. Kortom, maak een weloverwogen en duidelijke keuze voorafgaand aan het het project.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels