nieuws

Bereikbaarheid is irritant probleem

bouwbreed

Burgers zijn niet bang voor de klimaatbestendigheid van de Randstad. Zij vertrouwen erop dat, met behulp van Nederlandse expertise, het wel goed komt met de veiligheidsmaatregelen tegen overstromingen. Ze zijn bereid hiervoor te betalen en rekenen erop dat ‘de overheid’ het regelt. Anders is dat met bereikbaarheid, dat burgers als het meest irritante probleem ervaren.

De burger is veel minder bereid voor de oplossing van het bereikbaarheidsprobleem extra bij te dragen en vindt ook dat het vooral een probleem van de buurman is. Die moet maar met het openbaar vervoer gaan. Om de buurman daartoe te verleiden moet de kwaliteit van het OV drastisch worden verbeterd.
Het hier voorafgaande bleek uit een steekproef die is gehouden in opdracht van VROM in het kader van de langetermijnvisie ‘Randstad2040’. Deze langetermijnvisie wordt nu door de minister van VROM – namens het kabinet – voorbereid samen met een aantal regiobestuurders. Onlangs zijn onder leiding van de Publieke Zaak en het NIROV de ‘Randstadtafels’ georganiseerd. In deze bijeenkomsten is gediscussieerd met burgers en vakmensen. De discussies vonden onder andere plaats op basis van toekomstperspectieven (zie ook www.vrom.nl/randstad2040). Voor het thema ‘Bereikbaarheid en Economie’ waren drie perspectieven gemaakt, bedoeld om de discussie te stimuleren. Enigszins voorspelbaar waren het perspectief met versterking van Amsterdam – en Schiphol – als internationaal economisch middelpunt (de Spin) en het perspectief waarbij wordt voortgebouwd op de lappendeken van stadjes en regio’s die de Randstad nu al is (de Archipel).

Bollenstad

Het derde toekomstperspectief dat werd gepresenteerd was het meest afwijkende van de huidige inzich-ten en ziet een bandstad-achtige ontwikkeling langs de kust tussen Hoek van Holland en IJmuiden ontstaan (de Ladder). Utrecht speelt in dit perspectief geen rol van betekenis en ook de ontwikkeling van Almere kan min of meer stop worden gezet. In plaats daarvan komen een Bollenstad tussen Katwijk, Lisse en Hillegom en nieuwe eilanden voor de kust in beeld. De bereikbaarheid in de ‘Kuststad’ moet worden gegarandeerd door een excellent openbaar vervoerssysteem met een stedelijke verdichting rondom de knooppunten en een nieuwe kustweg tussen de haven van Rotterdam en Amsterdam.

Trends

Opvallend is het ontbreken van een perspectief op de Randstad volgens het scenario van het Milieu en Natuur planbureau (MNP). Volgens de trends die zij hebben opgetekend, ontwikkelt de Randstad zich met name oostwaarts in de richting van de Veluwe en zuidoostwaarts in de richting van de Brabantse Stedenrij. Die ontwikkeling is door het kabinet in de Startnotitie Randstad 2040 ook erkend. Door de ontwerpers van de Randstadperspectieven lijkt deze trendmatige ontwikkeling te zijn genegeerd. Dat kan niet anders betekenen dan dat de ontwerpers de huidige trend van de in oostelijke richting uitdijende Randstad ter discussie willen stellen. Wat betekent dit voor het door de burgers bestempelde ‘meest irritant probleem’? Een in oostwaarts uitbreidende Randstad zal de bereikbaarheid in ieder geval niet verbeteren. Wonen en werken komen verder uit elkaar te liggen en de ruimtelijke spreiding maakt een efficiënt openbaar vervoerssystemen nagenoeg onmogelijk. De ‘Kuststad’ zou daarentegen, met een uitgekiende verstedelijkingsstrategie met de nadruk op de ontwikkeling van openbaar vervoersknooppunten, een goed alternatief voor het bereikbaarheidsprobleem kunnen bieden. De afstanden blijven beperkt en de verstedelijking kan plaatsvinden in hogere dichtheden waardoor goed openbaar vervoer mogelijk is. Tegelijkertijd kan het Groene Hart open blijven. Een betere bereikbaarheid zal echter betaald moe-ten worden met een hogere woningprijs in de ‘Kuststad’. Wonen in de kuststrook van de Randstad moet concurreren met andere economische functies en natuur. Dat kan niet anders betekenen dan dat de prijs van de woningen in deze gebieden flink hoger zal uitvallen dan die in meer oostelijk en zuidoostelijk gelegen landsdelen. Maar met de stijgende energieprijzen in het achterhoofd is dat nog niet zo’n gekke keuze voor woonconsumenten.

Infrastructuur

Minister Cramer sloot de week van de dialoog met burgers en vakmensen af met een vooruitziende blik. Bereikbaarheid is geen synoniem voor infrastructuur en moet vooral ook worden beschouwd in het perspectief van een veranderende maatschappij. Zo blijken jongere generaties bereikbaarheid veel minder als een probleem te ervaren. Zij zijn inmiddels gewend zich aan te passen aan de situatie en zoeken andere middelen om te kunnen communiceren. En ook de huidige generatie werkzamen blijkt voldoende adaptief vermogen te bezitten. Ook zij ontdekken steeds meer de voordelen van telewerken en flexibele werktijden.
Reistijd wordt steeds meer in het perspectief van een weekbudget beschouwd. De ene dag geen of weinig reistijd betekent dat de volgende dag de reistijd mag verdubbelen. En wat betreft de minister moet het ook in de toekomst mogelijk zijn om met een flexibele werkweek in Maastricht te wonen en bijvoorbeeld in Utrecht te werken zonder ‘irritaties’ over bereikbaarheid. Een verdergaande ontwikkeling van ict en innovaties zijn hierbij van groot belang. Als het goed is brengt de minister rond de zomer ‘Randstad 2040’ als kabinetsvisie naar buiten. Ik ben benieuwd of het kabinet die visie aangrijpt om voor de lange termijn concrete keuzes te maken – inclusief het bijbehorende uitzicht op realisatie – die het ‘irritante’ vervoersprobleem op termijn daadwerkelijk zullen verminderen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels