nieuws

In het moderne kantoorgebouwis alles aanpasbaar

bouwbreed

Het gebouw van de Informatie Beheer Groep en Belastingdienst is genomineerd voor de Nederlandse Bouwprijs 2009 in de categorie integraal ontwerpen en bouwen. De indeling van het vloeroppervlak bijvoorbeeld getuigt van innovatief denken.Hoe zorg je dat een kantoor voor 2500 werknemers zonder tekort of overschot aan ruimte wordt ontworpen en ook nog eens zodanig wordt gebouwd, dat krimp en groei van de gehuisveste organisaties mogelijk blijven met behoud van hun identiteit? Zulke vraagstukken zijn een kolfje naar de hand van workplace strategists.

Vooral bij gecompliceerde opdrachten spelen specialisten van deze nieuwe, betrekkelijk onbekende discipline een sleutelrol. Actueel voorbeeld: de vormgeving van de nieuwe huisvesting van de Informatie Beheer Groep en Belastingdienst in Groningen. Daar slaat YNNO, een aan Twijnstra Gudde gelieerd adviesbureau voor innovatief werken, de brug tussen de architect en de toekomstige gebruiker.
De bouw van dit ruim honderd miljoen euro kostende kantoorcomplex voor twee overheidsdiensten is een pps-project met het Rijk als opdrachtgever en als uitvoerder een consortium (DUO2) bestaande uit Strukton, Ballast Nedam en John Laing. Architect is UNStudio uit Amsterdam. Onderaannemers zijn ISS, Lodewijk Baljon Landschapsarchitecten en YNNO. Arup en Studio Linse hadden een adviserende rol.
Het Rijk formuleerde de huisvestingseisen, waarna het ontwerp van DUO2 werd gekozen als het best passend binnen de ‘stedenbouwkundige envelop’. Vervolgens was het aan YNNO om het gebouw van UN Studio praktisch in te vullen.
Daarvoor is bouwkundige kennis onmisbaar. Workplace strategisten zijn vaak uit de bouw afkomstig, of ze zijn van oorsprong architect. Berekeningen hoeveel ruimte er nodig is om het personeel te laten werken zijn meer dan een optelsom van het aantal benodigde werkplekken, vergaderzalen, koffiehoeken, archiefruimtes, postkamers, kantines en talloze andere ruimtes met een specifieke functie toegesneden op de gebruiker. Al die vertrekken moeten praktisch en esthetisch ook nog eens passen bij de architectuur. Daarom heeft Herman Goedbloed, projectmanager bij YNNO, een dubbelrol: ”Ik ben zowel bouwkundige als designmanager.”
Als designmanager houdt hij zich bezig met de vormgeving van de werkplek, als bouwkundige met de technische mogelijkheden en beperkingen. Maar een workplace strategist moet ook nog eens thuis zijn in organisatiestructuren. ”Om te weten over hoeveel ruimte je het hebt, moet je eerst een analyse maken van de organisaties die je gaat huisvesten. Wat is hun identiteit, welke functie hebben ze en hoe werken ze nu en in de toekomst. Uiteindelijk kom je dan tot het benodigde bouwvolume.”
Voor het Groningse project stelde het Rijk als eis een werkplek van minimaal 7 vierkante meter. YNNO koos ervoor om het gebruikelijke stramien van 1.80 meter terug te brengen tot 1.20 meter, wat zorgde voor grotere flexibiliteit en minder indelingsverlies. Ook de keuze voor mobiele werkplekken – niemand heeft meer een eigen bureau – maakte het mogelijk efficiënter om te gaan met de vierkante meters.
”Kantoren waar mensen 8 uur lang achter een bureau zitten bestaan niet meer”, zegt Goedbloed. ”Kantoren zijn plekken geworden waar mensen kennis uitwisselen. ICT heeft de werkprocessen veranderd en daarmee de werkplekken. Het ene moment zit je in een vergadering, het volgende moment zoek je de afzondering om een rapport te schrijven. In het Groningse complex wordt een callcenter van de Belastingdienst ondergebracht voor driehonderd medewerkers. Zo’n center stelt heel andere eisen aan de ruimte dan de kantoorvloer één verdieping hoger.”
Verhoogde vloeren waaronder netwerken zijn weggewerkt zijn maar één kenmerk van het moderne kantoor. Het belangrijkste verschil met het kantoor van ‘vroeger’ is de flexibiliteit die bij de inrichting voorop staat. Goedbloed: ”Mijn docent bouwkunde op de hts zei altijd: de best verplaatsbare wand is een bakstenen wand. Je slaat ‘m eruit en zet een nieuwe neer. Dat is verleden tijd. De huidige werkprocessen vereisen een hoge mate van aanpasbaarheid van de omgeving. Er wordt veel gewerkt met systeemwanden of MS-wanden en met licht- en klimaatinstallaties die zodanig zijn ontworpen dat ze aanpasbaar zijn aan steeds wijzigende omstandigheden.”

Overleg

Bij het ontwerpen van een gebouw waarin veel verschillende functies samenkomen en waaraan veel verschillende partijen meewerken is frequent en intensief overleg tussen alle partijen essentieel. De werkplekontwerper en de architect vormen bij het Groningse project een hecht duo. ”Dit is geen rechthoekige koektrommel maar een organisch vormgegeven gebouw met vloeiend verlopende lijnen. Met die architectuur moet je rekening houden bij je indelingsconcept”, aldus Goedbloed.
Ook andere partijen binnen het consortium zijn voortdurend met elkaar in gesprek om hun plannen en eisen onderling af te stemmen. Goedbloed: ”In de traditionele bouw moest de aannemer maken wat de architect had ontworpen. Hier trekt iedereen gezamenlijk op: architect, aannemer, installateurs. De discipline om dat overleg te voeren is een absolute vereiste om tot een goed ontwerp te komen.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels