nieuws

Eén loket nog geen gelopen race

bouwbreed

De omgevingsvergunning vervangt in 2010 diverse vergunningen en toestemmingen. Er komt één digitaal aanvraagformulier voor één loket. Dit alles heeft grote gevolgen voor de verschillende overheden. Over het algemeen liggen de gemeenten niet wakker van de omgevingsvergunning, weet Norbert van den Akker, maar er is nog veel te doen. Volgend jaar moet duidelijkheid komen over doel en over consequenties voor de gemeentelijke organisatie.

Op 1 januari 2010 maakt de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) het mogelijk een omgevingsvergunning aan te vragen voor zo’n 25 vergunningen en toestemmingen op het gebied van natuur, milieu, bouwen en ruimte. Doordat alles in één wordt gevat moet worden samengewerkt binnen en tussen overheden om tot één besluit te kunnen komen. De Wabo moet leiden tot betere dienstverlening aan burgers en overheden.
Yacht heeft onderzoek gedaan onder 21 gemeenten en provincies in het Noorden van Nederland. Om een goed beeld te verkrijgen zijn kleine, middelgrote en grote gemeenten ondervraagd. De uitgangspositie van ons onderzoek was: wat is op dit moment de stand van zaken met betrekking tot de invoering van de Wabo? Met als doel de situatie rond de invoering van de Wabo op verschillende thema’s in kaart te brengen, om te bepalen of Yacht en overheden iets voor elkaar kunnen betekenen. Over het algemeen zijn de overheden al druk doende met de omgevingsvergunning. Van de ondervraagden geeft 64 procent aan op de goede weg te zijn, maar dat nog wel veel moet worden gedaan. Allerlei samenwerkingsverbanden zijn ontstaan tussen gemeenten onderling, maar ook tussen gemeenten en provincies.
Het is vooral voor de kleinere gemeenten belangrijk om samen te werken en aan te haken bij de grotere gemeenten. Men ziet noodzaak tot verandering van de dienstverlening en de Wabo is hier een belangrijke aanjager in.
Meer dan de helft van de ondervraagden vindt de omgevingsvergunning een mooie gedachte, maar de uitvoering ervan laat nog te wensen over. Daarentegen vindt ruim 90 procent het wel een verbetering van de dienstverlening van de overheid aan burger en bedrijf. De crux zit hem dus in de uitvoering.
Er moet vooral nogal wat gebeuren qua functies en taken voor de implementatie van de Wabo. Vooral op het gebied van ict moeten de overheden stappen zetten. Het LVO (Landelijke Voorziening Omgevingsloket) LVO is met drie modules vanaf 1 januari 2009 beschikbaar voor alle gemeenten. Het probleem is echter dat de (registratie)systemen van de gemeenten (nog) niet aansluiten op die van het LVO. Dat betekent dat niet alle gemeenten meteen aan de slag kunnen. In 2009 moet nog veel worden getest.
Daarnaast zullen er nieuwe functies ontstaan, maar ook functies afvloeien. Dit zal vooral gebeuren bij de grotere gemeenten. Doordat de lijnen in kleinere gemeenten veel dichter bij elkaar liggen zullen zij hier makkelijker andere oplossingen voor kunnen vinden.

Kwaliteitsverbetering

Minister Cramer is van plan om 25 omgevingsdiensten in het leven te roepen, de omgevingsvergunning zou ook hierin betrokken worden. Het kabinet volgt vooralsnog dit standpunt. Onlangs is in de eerste Kamer een motie aangenomen om de omgevingsdiensten niet in te voeren. Het komend jaar zal cruciaal worden waar de omgevingsvergunning gepositioneerd gaat worden. Op het gemeentehuis of elders?
Volgend jaar moet veel duidelijkheid worden geschapen. Want wat moet het uiteindelijke doel worden? Kwaliteitsverbetering. Van mens, proces en product. De vraag is of dit met de invoering van de omgevingsvergunning in een omgevingsdienst bijdraagt aan dit doel. Ik denk dat het beter is heldere keuzes te maken: welke kwaliteit hebben wij voor ogen en hoe willen wij dit realiseren en op welke termijn. Dat er druk van bovenaf wordt opgelegd om doelen te realiseren is niet verkeerd. Of dat in de omgevingsdiensten moet worden gezocht of in de reeds bestaande samenwerkingsverbanden is dan de volgende discussie.
Mochten de omgevingsdiensten toch worden ingevoerd, wat gebeurt er dan met huidige samenwerkingsverbanden? En wat betekent dat voor de inspanningen die nu gedaan zijn om de omgevingsvergunning te implementeren bij elke individuele gemeente?
Op landelijk niveau zullen naar verwachting de komende maanden discussies plaatsvinden over de vaststelling van kwaliteitseisen. Op het moment dat deze eisen helder zijn ontstaat meer uniformiteit en zal het ook voor gemeenten en samenwerkingsverbanden makkelijker worden na te gaan of zij aan deze normen kunnen voldoen.
Met de Wabo op komst is het belangrijk de organisatie hierop voor te bereiden.

Duidelijkheid

Wel is de verwachting dat kwaliteitseisen nader worden omschreven, meer geüniformeerd worden en landelijk als norm gaan gelden. Gemeenten kunnen al wel aan de slag om met behulp van reeds bestaande kwaliteitsnormeringen de vergunningverlening en het toezicht verder te professionaliseren.
Samenwerkingsverbanden lijken hierin duidelijk de basis te vormen, tenzij gemeenten zelf een adequaat niveau kunnen bereiken.
Al met al kunnen we concluderen dat de gemeenten niet wakker liggen van de omgevingsvergunning. Bij de introductie was er nogal wat weerstand en onrust. Er moet nog veel gebeuren, maar over het algemeen heeft men er vertrouwen in dat het goed komt. Men ziet de omgevingsvergunning vooral als een springplank tot verbetering van de dienstverlening.
De komende periode moet bovendien duidelijk worden waar de omgevingsvergunning wordt gepositioneerd en wat dat bijdraagt aan de kwaliteit van de omgevingsvergunning.
Een analyse van de huidige situatie en een visie op de toekomstige ontwikkelingen is nodig om de stappen te kunnen definiëren die nog moeten worden gezet.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels