nieuws

Kansen zijn er nu!

bouwbreed Premium

Hoe staat het in deze tijden met de woningcorporaties, zo vraag ik mij af. Hebben zij last van de financiële strubbelingen en liggen er misschien kansen, zijn de vragen die ik me stel.

Hoe staat het in deze tijden met de woningcorporaties, zo vraag ik mij af. Hebben zij last van de financiële strubbelingen en liggen er misschien kansen, zijn de vragen die ik me stel.
De eerste vraag is snel beantwoord. Woningcorporaties zijn vermogensbedrijven en daarmee is hun financiële situatie weinig gevoelig voor veranderende financiële omstandigheden. De marktwaarde van het woningbezit zal zeker worden beïnvloed, maar het vermogen van de woningcorporatie is daar niet aan gekoppeld. De resultatenrekening en de balans blijven dus min of meer stabiel.
Daarbij kom ik op de tweede vraag, biedt dat kansen? Kunnen woningcorporaties de bouwproductie bijvoorbeeld op niveau houden, hebben zij nu meer investeringsruimte dan anderen? Hebben zij bijvoorbeeld juist nu de financiële slagkracht om essentiële panden en percelen voor de wijkontwikkelingen aan te kopen? Of, kunnen zij de starters die het extra moeilijk hebben om een hypotheek te krijgen, helpen aan een goedkope koopwoning of een gedeeltelijk te kopen woning zoals in het ‘TeWoon’ product.
Eigenlijk vind ik die laatst gedachte het belangrijkst en meest interessant. Het zou mooi zijn als de woningcorporatie in deze tijden extra kan inspelen op de woonconsument. Want die wordt denk ik het meest direct in zijn mogelijkheden beperkt. Zeker de vaste klant van de woningcorporatie, de huurder, is geen vermogensbeheerder. Die ervaart de invloed van de ontstane situatie direct in beperking van de eigen mogelijkheden. Hoe mooi zou het zijn dat de woningcorporatie juist nu denkt aan de koopkracht van de woonconsument. Natuurlijk kan de gedachte opkomen dat de huurwoning nu kan bewijzen het ideale product te zijn. Maar die gedachte levert geen bewegingen in de volkshuisvesting op en helpt de woningzoekende niet.
Een tijd geleden in een onbezonnen moment had ik een vergelijkbare gedachte. Stel dat elk huishouden voor elk jaar dat die ooit heeft gehuurd 1 procent korting op de marktwaarde van de huurwoning krijgt. Zouden dan niet veel meer huurders hun huurwoning kunnen kopen? Zouden woningcorporaties dan niet veel meer vermogen krijgen om in wijken en de bouwproductie te investeren? Maar het was een onbezonnen moment, want de starter op de koopmarkt wordt daar niet mee geholpen.
De enige echt goede keuze is dat we het woningaanbod afstemmen op de echte behoefte en mogelijkheden van mensen. Ik denk dat we een tijdperk ingaan waarbij de vraag naar kleinere, kwalitatieve en dus goedkopere woningen omhoog gaat. Goede ict-voorzieningen en efficiënte plattegronden worden belangrijker dan het oppervlak. De woningcorporatie heeft 45 procent van alle huishoudens onder handbereik.
Nu is het moment gekomen voor marktonderzoek om daarop in te spelen. Daarin ligt een geweldige kans om de brug naar de woonconsument opnieuw te slaan. Dan komen die bouwproductie en de wijkontwikkelingen vanzelf ook goed, denk ik. Als de consument doorgaat met kopen en investeren overwinnen we elke situatie.

Reageer op dit artikel