nieuws

Gladde wegen van zoab+ verleden tijd

bouwbreed Premium

De tijd dat wegenbouwers spekgladde zoab+ wegen opleverden, is voorbij. Verscherpte controles verhelpen dat probleem, aldus Rijkswaterstaat.

De plusvariant van zoab die Rijkswaterstaat sinds 2007 voorschrijft, bevat een procent meer bitumen en gaat daardoor twee tot drie jaar langer mee. Het nadeel van zoab+ is dat het gladder is bij oplevering als het verder onbehandeld blijft. Tot voor kort gaven wegenbouwers geen aandacht aan het probleem, omdat ze niet goed wisten wat ze er mee aan moesten. Bovendien ontbraken treffende sancties.
Met de rug tegen de muur voelde Rijkswaterstaat zich genoodzaakt snelheidsbeperkende maatregelen in te stellen bij net opgeleverde wegen die te glad waren. Omdat langzamer rijden op nieuwe wegen niet valt uit te leggen aan de automobilist, greep Rijkswaterstaat dit jaar in.
“In het voortraject hebben we de controle op aannemers aangescherpt. Aan de hand van berekeningen moeten ze vooraf aantonen dat het goed zit met de aanvangsremvertraging en -stroefheid van zoab+”, aldus Jan Voskuilen, adviseur wegenbouwmaterialen van Rijkswaterstaat. Volgens Voskuilen werpt de aanpak zijn vruchten af. “De aannemerij is goed bezig. We hoeven nauwelijks nog snelheidsbeperkende maatregelen te treffen. Ik verwacht dat hooguit incidenteel wegen te glad zullen worden opgeleverd.”
Aannemers gaan op verschillende manieren om met het glijgevaar van zoab+. “Afstrooien voor de eerste walsgang ligt het meest voor de hand, maar sommige aannemers modificeren het zoab+ mengsel. Ook dat kan tot goede resultaten leiden. Ik ken een aannemer die glaslak aan het mengsel toevoegt.”
Sommige wegenbouwers gaan met een boog om zoab+ heen. “Zij mengen zoab met hergebruikte materialen.” Bij het aanbieden van ‘niet-standaard’ mengsels beoordeelt Rijkswaterstaat ook andere functionele eigenschappen zoals watergevoeligheid en duurzaamheid.

Dubbellaags zoab

Het rapport van Jan Voskuilen ‘Aanvangsstroefheid zoab+? Geen probleem’, dat hij in november 2007 presenteerde op de CROW Infradagen, onderschrijft dat aannemers het gevaar van slippende auto’s aanvankelijk aan hun laars lapten: “Tot nu toe heeft de aannemerij weinig ondernomen om de problemen met de aanvangsremvertraging op te lossen, mede doordat er op het niet voldoen geringe sancties stonden.”
Voskuilen vindt het jammer dat aannemers een zetje nodig hadden van Rijkswaterstaat. “Eigenlijk had dit niet zo gemoeten.” Hij kondigt aan dat de wegbeheerder ook de aanvangsstroefheid van dubbellaags zoab in proefvakken wil onderzoeken.
> Techniek 10

Reageer op dit artikel