nieuws

‘Je moet wel gek zi jn om iets tegen dit plan te hebben’

bouwbreed

Bas Obladen windt zich op. Moshé Zwarts is al even gedreven. De initiatiefnemers van plan Amfora willen hun mooie oude stad Amsterdam terug. Onder de beroemde grachten ligt voor hen de oplossing.

<Vervolg van pagina 1
Strukton-man Obladen: “Een geboren Amsterdammer ben ik, woonde op de mooiste plekjes. Een jaar of zeven geleden liet ik mijn zoon de stad zien. Ik schrok ontzettend. Wat is Amsterdam aangedaan? De stad dreigt naar de knoppen te gaan”.
Bij zijn terugkeer na jaren was Obladen onthutst door het oprukkende blik. Elk gaatje leek wel benut om een auto te stallen. Rustig wandelen langs de grachten? Verkeersdrukte maakt je leven niet zeker.
“Kijk, op de auto kan iedereen wel schelden, maar daar ben ik het dan niet mee eens. Bedenk liever iets. Als ik de ruimte onder de grachten eens kon gebruiken. Dertig jaar geleden is zo’n idee ook al eens geopperd. We kennen het probleem van de auto’s, van koolstof- en stikstofdioxiden, van fijn stof. Waar ook zijn al die kleine winkeltjes gebleven? Met ons plan Amfora krijgen de grachten weer nieuwe kansen voor wandelaars, fietsers en bedrijvigheid. Technisch gaan we uit van beproefde systemen, geen enkel probleem. Voor de inrichting hebben we Zwarts 0x26 Jansma erbij gehaald. Ik heb alleen verstand van vierkante betonnen dozen”.
Strukton kreeg bij professor Moshé Zwarts een warm welkom. Noemt Amfora zijn hobby. “Je moet wel gek zijn om iets tegen dit plan te hebben. Ik zie louter voordelen: voor de mensen, het milieu, voor het aanzien van de stad. Zeker, mensen vinden het niet leuk om onder de grond te gaan. Als ik kan kiezen voor een brug of tunnel kies ik altijd de brug. Is nog goedkoper ook. Toch zijn tunnels gewoon een noodzaak, vanwege de ruimte”.
Zwarts benadrukt dat de ruimtes onder de grachten zo aangenaam mogelijk moeten worden. Daarom worden kolomvrije ruimtes geschapen, zijn zichtlijnen belangrijk en is reuring nodig, gezellige drukte. “In de Bijenkorf voelt niemand zich onveilig. Die sfeer moet je zien te krijgen”.
In de binnenstad zijn twee lagen nodig om alle auto’s van de Amsterdammers een plekje te geven. De derde laag is voor de bezoekers. Om het verkeer in zo goed mogelijke banen te leiden, krijgt de ondergrondse stad een uitgekiend systeem ter herkenning van de auto’s. Wie zijn auto geparkeerd heeft, bevindt zich hooguit honderd meter van een opgang naar de begane grond.

Schone grachten

Zwarts wil ondergronds werken met projecties van de buitenlucht. Zo krijgen de bezoekers beneden mee welk weertype boven heerst. Soms grauw, dan weer een zonnetje. “Je kunt straks weer zwemmen in schone grachten. Boven de grond krijg je een maatschappelijke herindeling. Kijk naar de nu nog drukke Prins Hendrikkade. Daar kan een prachtig tweede waterfront ontstaan, dan krijgt de stad net als vroeger weer contact met het water”.
Vanwege de 30 meter dikke kleilaag, die zo’n 32 meter onder het stadsniveau overal in de hoofdstad te vinden is, wordt Amfora uitgevoerd volgens het polderprincipe. De onderste horizontale constructie bestaat uit de natuurlijke waterdichte laag klei. De werkwijze wordt – waar de bodem meehelpt – vaker toegepast bij de bouw van parkeergarages, kelders en diepliggende wegen.
Klei en damwanden vormen de basis van de constructie. Door het zandbed uit te graven krijgt Amfora geleidelijk gestalte. Bij de bouw wordt in sterke mate gebruik gemaakt van geprefabriceerde elementen. Balken van maximaal 30 meter lengte zorgen voor de overspanningen van de kolomloze ruimten.
Op de grote investeringen die voor Amfora noodzakelijk zijn, leggen Obladen en Zwarts voorlopig nog liever geen accenten. Eerst moet eenieder maar eens wennen aan de gedachte. Volgens de initiatiefnemers is publiek-private samenwerking de sleutel om Amsterdam een nieuw gezicht te geven.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels