nieuws

Bedrijven slaan handen ineen voor isolatiegolf

bouwbreed

Als het energielabel Het familiebedrijf Talen dat groot werd door de energiebesparingsgolf in de jaren zeventig, maakt zijn borst nat voor een nieuwe ronde.

Particuliere eigenaren nemen nog een afwachtende houding aan maar zullen gezien de grote mondiale belangen die op het spel staan, hoe dan ook overstag moeten, voorzien Talen en Meijerink.
De directeur is de derde generatie Talen die in het bedrijf is gestapt. Hij bestiert de zaak vanuit de Apeldoornse vestiging van de onderneming.
“Het energielabel is een eerste stap”, meent het tweetal. “Als dat niet het gewenste resultaat oplevert, komt de overheid vermoedelijk met subsidies. Helpen die ook niet, dan wordt energie zwaarder belast, voor een extra prijsprikkel.”
Talen begon als schildersbedrijf. Het breidde zijn programma later uit tot totaal vastgoedonderhoud. Om alle beschikbare technieken voor energiebesparing te kunnen bieden, vormt het nu een samenwerkingsverband met een reeks gespecialiseerde bedrijven: het Isolatienetwerk.
Hiermee wordt de markt bediend van professionele vastgoedeigenaren. “Voor dat segment hebben wij gekozen zodat we ons kunnen richten op projectmatig onderhoud. Corporaties, beleggers, ziekenhuis, grote verenigingen van eigenaren, dat is onze doelgroep.”

Belang

De eerste partijen die zich melden om de CO2-uitstoot grondig te lijf te gaan, blijken de corporaties. Vooral die in de landelijke gebieden waar de woningmarkt het meest ontspannen is. “Die hebben er direct belang bij. In het noordoosten van het land zijn de huur- en koopmarkt tot een bepaald niveau concurrerend. Corporaties moeten dus zorgen dat ze aantrekkelijk zijn om hun bezit verhuurd te houden.”
In Amsterdam hoeft een corporatie zich daarover niet druk te maken. “Daar moet je wel erg geëngageerd zijn om zo’n grote investering te doen. Die komt dan vooral voort uit een visie op maatschappelijk verantwoord ondernemen.”
Dit verklaart volgens hen waarom in de woningsector corporaties vooroplopen. “Vastgoedbeleggers kijken uitsluitend of het financieel iets oplevert.” Ook de particuliere markt – voor Talen zijn dat grote verenigingen van eigenaren – komt om allerlei redenen traag op gang.
Renovatie van stadswijken biedt een opening om de achterblijvers in beweging te krijgen: “Gemeenten kunnen dan gebruikmaken van de mogelijkheid om eisen te stellen aan de energieprestatie.”

Meerjarig

De meeste voorzieningen die corporaties laten aanbrengen, kunnen ze niet doorberekenen in de huur. Maar als een woning van huurder wisselt, maakt de kwaliteitsverbetering wel een hogere waardering mogelijk. Wij proberen voor een klant alle variabelen in een meerjarige berekening contant te maken. “Daarbij stellen wij altijd voor verbeteringen zoveel mogelijk te koppelen aan natuurlijk onderhoud. De ingrepen zijn ook dan duur maar het verschil met de kosten die toch worden gemaakt, wordt kleiner.”
Een lichtend voorbeeld noemt het Talen-duo de aanpak voor de corporatie Friese Greiden. “Daar brengen we een flink deel van de bestaande voorraad in één keer naar niveau C van het energielabel.” Alle tienduizend woningen krijgen een HR-ketel, zonneboiler, vloerisolatie, HR++-glas en, voor zover nog niet aanwezig, spouwmuurisolatie.
“Friese Greiden berekent in eerste instantie geen huurverhoging. Voor sommige zaken kun je wel een opslag op de huur vragen, maar dan moet de bewoner akkoord gaan. Het betekent dat de uitvoering technisch ingewikkelder wordt, want je krijgt veel variatie in de staat van de woningen. Het projectmatig onderhoud wordt daardoor ook gecompliceerder. Die oude, versnipperde aanpak is ondanks dat beetje extra huur niet handig voor corporaties.”
Het eerdergenoemde Isolatienetwerk wordt gevormd naar een voorbeeld uit de jaren zeventig. “Toen werkten we samen met veertig gespecialiseerde bedrijven. Dit netwerk bestaat niet meer. In de jaren tachtig zakte de economie in en de subsidies verdwenen. De interesse voor woningisolatie viel daardoor weg. Een groot deel van Nederland was toen al nageïsoleerd, volgens de destijds geldende normen. Wie van enkel naar dubbel ging, bespaarde toen zo’n 400 kubieke meter gas per jaar. Daarbij hoeft het niet te blijven. Neem de stap van dubbel glas naar de nieuwste HR++-beglazing. Dat levert een extra winst op van gemiddeld 200 tot 240 kubieke meter.”
Talen maakt zich op voor een grote drukte. “Na de overgangsperiode waarin we nu zitten, kan het hard gaan. “Om de doelstellingen van de overheid te halen, moet een gigantische hoeveelheid bebouwing worden geïsoleerd. Financieel is dat interessant, ook voor ons, maar we doen het ook graag om een leefbare wereld voor onze kinderen achter te laten.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels