nieuws

Net zo bezorgd om klimaat als Europa

bouwbreed Premium

De Maleisische minister voor plantages en natuurlijke grondstoffen was in Nederland. Want Nederland is een belangrijke partner die aan Europa moet uitleggen dat Maleisisch hout aan alle eisen voldoet. Morgen vergadert het parlement over duurzaam hout.Datuk Peter Chin heeft het druk. Eerst de vaste Kamercommissie, toen de ministers Cramer (milieu) en Verburg (Landbouw), nog wat werkbezoeken en straks de trein naar Brussel. Om een dag later naar Londen af te reizen en van daar uit weer terug naar Kuala Lumpur.

Laten we het direct bij aanvang van het interview meteen maar even rechtzetten, moet Chin gedacht hebben toen hij plaatsnam aan het hoofd van de tafel in een kamer van het Kurhaus Hotel in Scheveningen. “Maleisië is net zo bezorgd om het klimaat als Europa. Laat daar geen misverstand over bestaan”, valt Chin met de deur in huis.
“De reden dat ik hier ben is omdat Europa een belangrijk afzetgebied is voor de grondstoffen die onder mijn portefeuille vallen: tropisch hardhout en palmolie. En in Europa maakt men zich in toenemende mate zorgen over het milieu, duurzaamheid en illegale houtkap. Af en toe moeten we hier dus op bezoek om Europese klanten, regeringen, non-gouvermentele organisaties (ngo’s) en investeerders te wijzen op het feit dat wij die zorgen delen en dat we er iets mee doen.”

Doof

Chin geeft toe dat het soms moeilijk is de Europeanen, en in het bijzonder de Nederlanders die traditiegetrouw een grote afnemer zijn van Maleisische producten, te overtuigen van het feit dat er in de afgelopen jaren heel veel gebeurd is in Maleisië. “We zijn nooit doof geweest voor jullie argumenten. Niet in de laatste plaats omdat we deels van jullie afhankelijk zijn. Voor wat betreft tropisch hardhout is de Europese Unie de op drie na grootste afnemer. En ik durf hardop te zeggen dat de manier waarop wij dat hout oogsten, behandelen en verschepen aan alle Europese eisen voldoet. We wíllen daar ook graag aan voldoen. Kijk, de Chinese eisen zijn minder streng dan de Europese, maar wij produceren alles op dezelfde manier. Er zit geen verschil tussen hout dat naar EU-landen wordt geëxporteerd of hout dat naar China gaat. En wij hanteren in Maleisië tegenwoordig een certificeringsysteem dat is gebaseerd op het FSC-keur.”
Soms maakt alle kritiek op Maleisië Chin wel eens moe, zo geeft hij toe. “Maar we kunnen het ons niet permitteren er moe van te worden”, vervolgt hij lachend. Om met niet aflatend enthousiasme verder te gaan met zijn uitleg . “Wij zijn de verkopers, jullie de klanten. En de klant is koning. Jullie vragen en wij draaien. Het onze plicht om uit te leggen hoe we werken. Ik ben hier om de kritische kopers van Maleisische producten duidelijk te maken dat wij óók een certificeringsysteem kennen. Dat we niet zomaar het oerwoud omhakken. Dat we illegale kap tegengaan. Sterker nog, dat we ongemeen hard straffen in het geval van illegale kap. Daar staat een maximum gevangenisstraf van twintig jaar op. Wij zijn bereid te luisteren naar kritiek op onze werkwijze. Maar dan moeten jullie bereid zijn te luisteren naar onze oplossingen”
Er volgt een bevlogen visie op de oorzaak van illegale houtkap. “Waarom denk je dat mensen een boom in het bos omhakken? Omdat die boom hen geld oplevert waar ze zichzelf en hun familie mee kunnen voeden. Willen we dus voorkomen dat mensen zomaar bos omhakken dan moeten we eerst voorkomen dat mensen honger hebben. Ervoor zorgen ze op een andere manier hun geld kunnen verdienen. Bijvoorbeeld door kleinschalige plantages rond de dorpen op het platteland te stimuleren. Bovendien laten we de bedrijven met houtconcessies jaarlijks controleren door geaccrediteerde controleurs.”
Ook hout afkomstig uit Indonesië dat de grens met Maleisië over gesmokkeld wordt, heeft de aandacht van de minister. “We hebben een lange, grillige, grens die onmogelijk helemaal te controleren is. Maar we ontmoedigen smokkel zeker. Ook is er veel overleg met Indonesië, een belangrijke partner in de regio.”

Palmolie

Dat brengt ons meteen op dat andere belangrijke exportproduct van Maleisië: palmolie. Voor internationals als Unilever onmisbaar bij de productie van vele voedingsmiddelen maar ook steeds meer in trek als biobrandstof. En dus bekritiseerd omdat gebruik als bijmengmiddel in biodiesel betekent dat er minder overblijft voor voedselproductie. Niet terecht, betoogt Chin. Want met Indonesië, dat samen met Maleisië de grootste leverancier van palmolie in de wereld is, ligt een duidelijke afspraak: niet meer dan 1 procent van de geproduceerde palmolie mag worden aangewend voor biobrandstof.
Met Landbouwminister Verburg sprak Chin over de nieuwe EU-richtlijnen met betrekking tot biobrandstoffen. Chin zegt erg blij te zijn met de toezegging die Verburg hem die ochtend deed: “Ze liet me weten dat Nederland de door ons gehanteerde criteria voor de productie van biobrandstoffen accepteert. Verburg ziet Maleisië als een producent van duurzame palmolie. Dat is goed nieuws. Want dat maakt Nederland tot een belangrijk afzetgebied voor onze palmolie. Bovendien heeft uw minister mij beloofd dat zij onze producten in de EU zal verdedigen. Wij zijn het eerste land ter wereld dat gecertificeerde duurzame palmolie kan leveren voor gebruik voor biomassa waarmee duurzame energie opgewekt kan worden. De Europese Unie wil dat er extra waarborgen komen voor het gebruik van palmolie als biomassa. Maar dat is onzin. Uw minister van Landbouw begrijpt dat. Ons certificaat garandeert de duurzaamheid al. Waarom dan extra regels?”

Inkomstenbron

Ook hier steekt het Chin dat het rijke Westen zo goed weet wat goed is voor het veel armere Maleisië. “Zoals ik al eerder zei: de plantages maken Maleisië een minder arm land. Dat maakt dat onze mensen geen honger meer hebben. Wij willen best met jullie samenwerken, maar pak onze bron van inkomsten, bomen, niet af. Wij zeggen ook niet tegen autoproducerende landen dat het slecht is voor het milieu en dat ze er dus maar mee moeten stoppen.” n

Afspraken biomassa

Minister Koenders van Ontwikkelingssamenwerking stuurde deze week mede namens milieuminister Cramer het Plan van Aanpak Biomassa Mondiaal over biomassa voor energiedoeleinden aan de Tweede Kamer.
Doel van dit plan van aanpak is het stimuleren, ondersteunen en faciliteren van de verduurzaming van biomassaproductie voor energiedoeleinden. Uitvoering ervan moet volgens de minister bijdragen aan het op de Nederlandse markt komen van gecertificeerde biomassa voor energiedoeleinden. Maleisië en Indonesië worden in het Plan van Aanpak genoemd als twee grote spelers vanwege de grote productie van palmolie. Nederland werkt momenteel samen met Maleisië en Indonesië binnen het WSSD partnerschap Markttoegang Palmolie. Nederland en Maleisië hebben bovendien aangegeven een onderzoek te zullen opzetten naar de CO2-uitstoot van palmolieteelt op veengronden.

Top vijf afnemers

Nederland: 8239,29 m3Verenigd Koninkrijk: 3790,83 m3België: 2510,49 m3Denemarken: 1831.52 m3Frankrijk: 637,78 m3mei-juli 2008

Reageer op dit artikel