nieuws

Wel of niet buitendijks bouwen in Almere

bouwbreed

Dat er in en rond Almere in de periode 2010 – 2030 zo’n 60.000 woningen zullen moeten worden gebouwd is een uitgangspunt van het kabinet en de regionale bestuurders. Volgens Robbert Coops belooft het een lastige maar interessante ontwerpopgave te worden. Immers, het gaat om een verbinding tussen een ecologische schaalsprong en verstedelijking.

Het kabinet heeft in augustus 2006 de provincies Noord-Holland en Flevoland gevraagd om de toekomstvisie op het Markermeer en het IJmeer vorm te geven. Samen met de gemeenten Amsterdam, Lelystad en Almere, de ministeries van Verkeer en Waterstaat, Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, Landbouw, Natuurbeheer en Voedselkwaliteit en enkele maatschappelijke organisaties (ANWB, Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer) wordt sindsdien gewerkt aan de Agenda voor de Toekomst Markermeer-IJmeer.

Boeiend

Het accent wordt gelegd op het uitwerken van ontwikkelingskansen, zowel voor ecologische als voor waterbeheer en -gebruik gerichte aspecten. Het is de bedoeling dat op basis van verdere discussies, studies en overleg een ‘robuust ecologisch systeem’ wordt gecreëerd. Daarbij zal ook de verstedelijkingsopgave van Almere worden betrokken, want ook daar is sprake van een schaalsprong.
Het belooft een boeiende ontwerpopgave te worden. Maar dat niet alleen. Er doemen nu al veel vragen en problemen op over de bestuurlijke en juridische randvoorwaarden en er bestaat onduidelijkheid over de ecologische gevolgen bij het buitendijks bouwen en wonen.
Kortom, er is werk aan de winkel, Voor bestuurders, planologen, ontwerpers en projectontwikkelaars. Enkelen van die vakgenoten troffen elkaar recent op het forteiland Pampus waar de Stichting Eo Wijers allerlei ideeën over dit voor de Noordvleugel zo interessante gebied liet presenteren.
De beleidsmatige verwachtingen over een ecologische schaalsprong in dit gedeelte van het IJsselmeer zijn slechts door gerichte, gezamenlijke, wel doordachte en op elkaar afgestemde maatregelen te realiseren aan de orde. De inzet van deze integrale aanpak waarbij verstedelijking, ecologie, infrastructuur en recreatie zijn meegenomen zal er op gericht zijn in ieder geval de streefdoelen van ‘Natura 2000’ te handhaven. De verstedelijkingsopgave in het gebied tussen Almere en Amsterdam leidt ongetwijfeld ook tot nieuwe inzichten, die op het eerste gezicht goed gecombineerd kunnen worden met die van de ecologische schaalsprong.
Het aanleggen van vooroevers, luwte-eilanden, grootschalige ‘verontdiepingen’ en het verbeteren van de aanwezige waterkwaliteit maakt het bijvoorbeeld verantwoord buitendijks te bouwen. Dat heeft het vergelijkbare voorbeeld van IJburg inmiddels bewezen.
De winnaars van de zevende Eo Wijersprijsvraag geven in hun inzending ‘Markeroog” een boeiende wending aan de discussies door een stad te laten verrijzen tussen Almere en Waterland.
Het zand en de klei die afkomstig zijn uit de bezinkputten wordt in het plan opnieuw gebruikt. Er wordt daardoor niet alleen curatief, maar ook preventief in het slibprobleem geïntervenieerd: een deel van het zand wordt gebruikt om de kleiige onderwaterbodem langs de kust af te dekken.

Risico’s

Een integrale aanpak, zoals het Ministerie van Verkeer en Waterstaat dat in het beleidskader ‘Een ander IJsselmeergebied’ voorstaat, richt zich op de duurzame ontwikkeling van dit grootschalige zoetwatergebied. Dat document zal de opmaat vormen voor tal van keuzes en publieke investeringen. Deze zijn noodzakelijk gelet op de verslechtering van het ecosysteem, de toenemende verstedelijkings- en recreatiedruk, de klimaatverandering en de stijging van de zeespiegel.
Een nieuw beleidskader, inclusief een kennisagenda, is ook hoog nodig, omdat het huidige beleid verbrokkeld en weinig effectief is. Uitgangspunten voor toekomstig beleid zijn in ieder geval het bewaken en behouden van de kwaliteit en hoeveelheid zoet water en de ecologische kwaliteitsversterking. Er zullen echter duidelijke keuzes gedaan worden, zoals over het al dan niet buitendijks bouwen, de mogelijkheid van extra compartimenten – bijvoorbeeld in de vorm van een stadsmeer – of een al dan niet flexibel waterpeil. Natuurlijk zijn daar risico’s aan verbonden, maar dat is ook het geval wanneer er niets gebeurt met en in dit kwetsbare gebied.
Drs. Robbert Coops
Sociaal-geograaf en partner van HVR, Den Haag
robbert.coops@hvrgroup.nl

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels